"Zuid-Soedan op de rand van een catastrofe"

De Verenigde Naties waarschuwen voor dreigende hongersnood in Zuid-Soedan, waar de burgeroorlog nu al maandenlang aansleept. Navy Pillay, de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN, waarschuwt president Salva Kiir en rebellenleider Riek Machar dat zij verantwoordelijk zullen worden gehouden.
Navy Pillay en Riek Machar

In Zuid-Soedan woedt nu al sinds eind vorig jaar een bloedige burgeroorlog die steeds meer op een etnische zuivering begint te lijken. Meer dan een miljoen burgers zijn op de vlucht geslagen, en dat dreigt nefaste gevolgen te hebben voor de voedselproductie, nu het plantseizoen is aangebroken.

UNICEF, de kinderrechtenorganisatie van de VN, waarschuwt dat 50.000 Zuid-Soedanese kinderen door een tekort aan voedsel dreigen te sterven.

"Als er later dit jaar inderdaad hongersnood ontstaat - en de humanitaire organisaties vrezen daarvoor - dan zal de verantwoordelijkheid daarvoor bij de leiders liggen, die in januari een akkoord over een staakt-het-vuren hebben gesloten, maar dat geen van beiden respecteren", zegt Navy Pillay. Ze had in Zuid-Soedan ontmoetingen met zowel president Kiir als rebellenleider Machar.

De burgeroorlog in Zuid-Soedan barstte los midden december en is terug te voeren tot een ordinaire machtsstrijd tussen president Salva Kiir en zijn voormalige vicepresident Riek Machar. Kiir verdacht Machar van tegen hem te complotteren, en ontsloeg de vicepresident. Die richtte een rebellenleger op.

Het conflict heeft intussen ook een etnische dimensie gekregen, waarbij de Dinke-stam van Kiir tegenover de Nuer-stam van Machar staat. Bij etnische zuiveringsacties zijn al honderden slachtoffers gevallen.