Neanderthalers waren geen domme bruten

Neanderthalers waren geen grote gespierde domoren maar waarschijnlijk even intelligent als onze voorouders, de homo sapiens, die een tijd samen met de neanderthalers geleefd hebben. Dat zeggen twee onderzoekers die de archeologisch bewijzen onderzocht hebben.
AP2009
Een reconstructie van neanderthalers in het Neanderthal-museum in Mettmann.

Neanderthalers zijn onze naaste verwanten en ze kenden een grote bloei in Azië en Europa van mogelijk 350.000 tot zo'n 40.000 jaar geleden. Ze verdwenen nadat de moderne mens vanuit Afrika Europa binnen getrokken was.

Er waren een aantal anatomische verschillen tussen de twee soorten: de neanderthalers waren robuuster, met kortere en gedrongen lichamen, ze hadden een zwaardere wenkbrauwboog, een langwerpige schedel, een grotere neus en een terugwijkende kin. De moderne mensen waren langer en slanker, en door hun langere benen meer efficiënte lopers.

Veel geleerden stellen dat de neanderthalers te dom, onhandig en incompetent waren om de concurrente te overleven met de slimme en inventieve moderne mensen die hun territorium binnenvielen.

Maar Paola Villa, een curator van het Museum of Natural History van de University of Colorado, en Wil Roebroeks, een archeoloog van de Universiteit Leiden, zeggen dat de waarheid heel wat complexer is.

"De visie van de primitieve bruten met een knots, die uiteindelijk verdwenen toen de superieure moderne mens hun wereld betrad, is al lange tijd achterhaald", zo zei Roebroeks. "We hebben geen bewijzen gevonden die de zogenaamde technologische, sociale en cognitieve inferioriteit van de neanderthalers in vergelijking met hun moderne menselijke tijdgenoten ondersteunen."

AP2010

Complex

Roebroeks en Villa bekeken de archeologische bewijzen die een beeld gaven van de capaciteiten van de neanderthalers, en kwamen tot de conclusie dat ze helemaal niet dom waren.

Het blijkt immers dat neanderthalers zeer complexe jachtmethoden hanteerden, waarvoor ze in groep moesten werken en op voorhand moesten plannen; dat ze waarschijnlijk een gesproken taal kenden; dat ze pigmenten gebruikten, waarschijnlijk om hun lichaam te beschilderen; dat ze symbolische voorwerpen hadden, zoals de klauwen van adelaars en doorboorde tanden van dieren, waarschijnlijk als hangers, en dat ze op een gesofisticeerde manier gebruik maakten van vuur.

Villa en Roebroeks verwijzen naar archeologische sites in Europa, zoals in het zuidwesten van Frankrijk, waar neanderthalers waarschijnlijk bizons naar hun dood geleid hebben door hen naar een zinkput te drijven. In de Kanaaleilanden is er dan weer een site waar fossielen gevonden zijn aan de voet van een ravijn van mammoeten en wolharige neushoorns, die hoogstwaarschijnlijk het slachtoffer zijn geworden van een georganiseerde drijfjacht van neanderthalers.

AP2013

Niet uitgestorven

Uit genetische gegevens blijkt dat de neanderthalers en de vroege moderne mensen zich met elkaar gemengd hebben. De mannelijke nakomelingen van een dergelijke vermenging waren waarschijnlijk onvruchtbaar, wat bijgedragen kan hebben aan de daling van het aantal neanderthalers, zei Villa..

De laatste overlevenden van de neanderthal-populatie zijn uiteindelijk mogelijk opgegaan in de grotere populatie van moderne mensen, in een proces dat enkele duizenden jaren geduurd heeft, zo voegde ze eraan toe.

"In zekere zin zijn ze niet volledig uitgestorven, aangezien er een aantal neanderthal-genen aanwezig zijn in ons genoom", zo zei Villa.

De studie van Villa en Roebroeks is gepubliceerd in PlosOne.