Wie heeft het meeste baat bij de belastingverlaging?

Belastingverlagingen zijn traditioneel alleen interessant voor wie belastingen betaalt, en worden aantrekkelijker naarmate iemand meer verdient. Dat is duidelijk te zien bij de rechtse partijen. Groen innoveert, met een belastingkrediet dat net de laagste inkomens met de meeste euro’s aanvult.

De meeste partijen stellen uitdrukkelijk dat ze met hun belastingverlagingen vooral de werkende mensen meer willen ondersteunen. Maar hoeveel euro’s gaan die werkende mensen dan méér overhouden, dankzij de voorgestelde hervormingen? En in welke mate hangt dat van hun loon af? We bekijken dit eerst eens in euro’s: met hoeveel euro’s gaat het netto inkomen van een werkende vooruit, als een partij haar hervorming zou uitvoeren.

Belastingverlagingen zijn traditioneel alleen interessant voor wie belastingen betaalt, en worden aantrekkelijker naarmate iemand meer verdient. Dat is dan ook de teneur die we hier in de grafiek aflezen voor de meeste partijen. Groen innoveert, met een belastingkrediet dat net de laagste inkomens met de meeste euro’s aanvult.

De grafiek toont dat de laagste lonen (telkens de meest linkse kolom) bij de meeste partijen veel minder of vrijwel niets winnen bij de belastingverlaging. Bij N-VA, Open VLD, Vlaams Belang en LDD krijgen werkenden meer euro’s terug van de staat naarmate ze meer verdienen. Terwijl het voordeel bij CD&V nagenoeg voor iedereen hetzelfde is (68 tot 77 euro), maar een stuk minder (31 tot 58 euro) voor de 20 procent laagste lonen. Dat is een gevolg van de techniek die CD&V toepast: het verhogen van de belastingvrije som.

Bij SP.A en Groen zien we dan weer dat de lagere lonen net meer euro’s winnen. SP.A gebruikt daarvoor de fiscale en sociale werkbonus. Maar omdat de partij daarnaast ook gebruik maakt van de belastingvrije som, is het netto-voordeel minder scherp op de laagste lonen gericht dan het voorstel van Groen.

Groen innoveert door in plaats van de fiscale werkbonus een heel nieuw systeem voor te stellen: de loonbonus. Het systeem mikt uitdrukkelijk op mensen die werken tegen een bescheiden of laag uurloon. Als iemand per uur minder verdient dan "de middelste verdiener" gaat de fiscus een deel van het verschil bijpassen. Hoe minder iemand verdient, hoe meer de fiscus bijpast. Anders dan bij alle andere partijen gaat de fiscus bij Groen ook terugbetalen aan wie helemaal geen belastingen heeft betaald: het zogenoemde belastingkrediet.

De voorstellen van N-VA en Open VLD werken via de tariefschalen, wat pas interessant is als je voldoende verdient. Dat Open VLD ook de 30%-tariefschaal uitbreidt en N-VA pas de 45%-schaal, maakt dat het voorstel van N-VA interessanter is voor hogere inkomens. Maar net als de SP.A zet de N-VA zet ook een verruiming van de sociale werkbonus in, wat vooral speelt in de onderste loonklassen. De meest gemiddelde lonen lijken dan wat tussen twee stoelen te vallen.

Bij Vlaams Belang gaat het niet om een hervorming personenbelasting maar om een vermindering van sociale lasten bij de werknemer. Ook dat levert meer extra euro’s op naarmate iemand meer verdient, en slechts 1 extra euro voor de tien procent laagste lonen.

Met de vlaktaks van LDD wint iedereen, maar de hoge lonen veel meer dan de lage. De vlaktaks houdt in dat je 30 procent belasting betaalt op alles wat je verdient boven de 15.000 euro.

De 10 procent mensen met de hoogste lonen winnen daardoor gemiddeld 680 euro netto per maand, de 10 procent mensen met de laagste lonen, die nu al weinig of geen belastingen betalen, winnen bij de LDD-vlaktaks gemiddeld 30 euro.

Elk balkje bekijkt 20% van de werkenden. Links de laagste brutolonen, rechts de hoogste. Hoogte van het balkje geeft aan hoeveel euro’s de werkende netto wint door de belastingverlaging.

Geen centen, maar procenten: een ander plaatje

Tot nu toe bekeken we met hoeveel euro’s iemands netto inkomen zou toenemen, onder invloed van de voorgestelde belastinghervormingen. Maar hetzelfde effect kun je ook procentueel bekijken. En dat levert een heel ander plaatje op.

De indruk dat veel belastinghervormingen vooral de hogere lonen in de kaart spelen, wordt sterk afgezwakt als het voordeel uitgedrukt wordt in procenten in plaats van in euro’s.

Uitgedrukt in procenten wordt het voorstel van Vlaams Belang nog altijd voordeliger naarmate men meer verdient, maar toch minder uitgesproken. Bij Open VLD is de hervorming nu vrij gelijkmatig gespreid over de verschillende looncategorieën: alleen de laagstbetaalde 10 procent komen er wat bekaaider van af. Bij de N-VA blijven er soortgelijke verschillen bestaan als in de voorstelling in euro’s, maar veel minder uitgesproken. Het CD&V-voorstel, dat er in euro’s vooral vlak uitziet, wordt net daardoor nu progressief: als iedereen een kleine 80 euro wint, maakt dat voor de lagere lonen natuurlijk een groter verschil dan voor de hogere lonen.

De grafiek voor SP.A ziet er in procenten niet erg anders uit dan in centen. Bij Groen daarentegen wordt het tegendraadse karakter van het loonbonussysteem in deze voorstelling nog versterkt. De loonbonus schuift de mensen met de laagste lonen méér euro’s belastingvermindering toe dan de mensen met de hogere lonen. In verhouding tot hun beschikbaar inkomen is het verschil nog veel groter.

Elk balkje bekijkt 20% van de werkenden. Links de laagste brutolonen, rechts de hoogste. Hoogte van het balkje geeft aan met hoeveel procent het netto-inkomen van de werkende toeneemt door de belastingverlaging.

lees ook