Bye, bye Melilla, bye bye Málaga

VRT-journaliste Katrien Vanderschoot reist naar Melilla, een Spaanse enclave op het Noord-Afrikaanse vasteland en het vertrekpunt voor Afrikaanse gelukszoekers. Dit is de laatste aflevering van haar dagboek. Het verhaal van Stéphan, een jonge Afrikaan, snijdt dwars doorheen het eelt op haar ziel.

Na zonsondergang, nadat de magrebijnse hitte is verminderd en straten en huizen gaan baden in een gouden gloed, dan pas komt alles tot leven rondom het opvangcentrum van Melilla. Velen gaan hun potje koken, onder de betonnen brug, tussen vuilnis en graffiti, of naast een tentje.

Vandaag is het feest in Melilla, een groep van enkele tientallen Afrikanen mag vertrekken naar de boot richting Málaga. De vrouwen gooien al hun opgekropte emoties eruit. Ze kirren en omhelzen hun “zusters” die een week of nog een week moeten wachten.

“Je te vois là-bas. Bye bye Melillaaaa!” roepen ze terwijl hun kleine koffer of hun namaaktas in de koffer van een taxi gaat. De mannen zijn al weg met de bus. Ik volg na de eerste helft Nederland-Argentinië.

Een nachtje slecht slapen na de strafschoppen en ik sta opnieuw aan de reling, terug in de haven van Málaga. Maar de migranten kijken zich de ogen uit. Ze tonen hun blijdschap én hun grote envelop met allerlei documenten erin. Dan stappen ze naar de vrijheid. Of toch niet, want iedereen moet bij elkaar blijven en wordt op busjes van het Rode Kruis en andere organisaties gezet. “Naar Sevilla, Cordoba of nog verder”, is alles wat die kwijt willen. Maar ook op het bureau van het Rode Kruis krijg ik niet meer informatie omdat de chef er niet is.

Nog 4 tot 8 jaar

Ik ga dan maar wat rondstappen, langs een winkeltje van Chinezen, een Belgisch restaurantje, tussen de toeristen door. Tot ik in de patio van een appartement een jonge Afrikaan zie staan. Laat ik hem Stéphan noemen. 24, uit Kameroen en al drie maanden hier vanuit Melilla. Op de trappen van een kerkje komen ook zijn emoties eruit.

Hij toont met bevende handen de foto van een paar vrienden die onderweg zijn omgekomen. Hij vertelt over zijn ontgoocheling in de Spaanse hulpverlening. “Je komt hier bedrogen uit. Asiel aanvragen kan, maar veel kans heb je niet. “Huw dan maar een blanke", vertelden ze in mijn gezicht. "Hoe choquerend! Een derde alternatief is dat iemand je onder zijn hoede neemt, dan krijg je na lange tijd een verblijfsvergunning. Maar dat is niet gemakkelijk."

Ja, hij wil ooit terug, hij geeft zichzelf 4 tot 8 jaar om ergens in Europa geld te verdienen en terug te keren naar Kameroen. Hij zucht. Europa is niet wat hij dacht dat het zou zijn. “Il n’y a aucun plaisir à vivre en Europe, franchement, aucun plaisir, aucun…” Ik had geen andere conclusie verwacht. Maar na alles wat ik de voorbije dagen heb gezien en gehoord, snijden Stéphans woorden dwars doorheen het eelt op mijn ziel. Dan maar even toevlucht zoeken onder de duistere barokke bogen van de kathedraal. Bye bye Málaga. Ik mag weer naar huis.