"Het is vergelijkbaar met een circus dat komt en gaat"

Elk zichzelf respecterend dorpje in ons land heeft wel zijn eigen festival. Soms zijn dat wereldberoemde festivals à la Werchter, maar veel vaker zijn dat gezellige, kleinschalige festivalletjes die vooral in eigen streek bekend zijn. Achter de organisatie van zo’n festival gaan heel wat mensen schuil, maar wat drijft hen? Onze redacteur trok naar de Palm Parkies in Aalst en zocht het uit.

Hoewel het weer er de laatste dagen niet naar is, is het wel degelijk zomer. Duizenden mensen geven jaarlijks een stukje van hun zomer op zodat anderen leuke zomerse dingen kunnen doen. Wie zomer zegt, zegt ook festivalseizoen. Omdat het niet altijd Rock Werchter of Tomorrowland hoeft te zijn, trokken we naar het Stadspark van Aalst naar de eerste dag van de Palm Parkies in Aalst.

De zon schijnt en op het frisgroene gras van het Aalsterse stadspark spelen tientallen kinderen. Het is 16 uur in de namiddag en de opbouw van het concert van vanavond is al een tijdje aan de gang. "De opbouw is rond 10 uur vanmorgen begonnen", zegt productieverantwoordelijke Kirsten Loos. "Tegen 18 uur moet alles klaar zijn en dan komen een 20-tal jobstudenten om de bar te bemannen."

Uit zijn uitleg blijkt voorts dat de organisatie van het festival geen lokaal gebeuren is. De organisatie achter het festival organiseert in 18 gemeenten in België en Nederland dergelijke wekelijkse concerten. Iedere regio is ingedeeld in een toer die door dezelfde mensen wordt bediend. "Wij staan elke maandag in Aalst, op dinsdag in Sint-Niklaas, ’s woensdags in Deinze en donderdag in Kapellen."

"Alles wordt elke dag opgebouwd en afgebroken", zegt Kirsten voort. "Het is een beetje vergelijkbaar met een circus dat komt en gaat. Afhankelijk van de grootte van de locatie zit alles wat hier nu staat tegen half 1 à 1 uur vannacht weer in de vrachtwagen. Die vrachtwagen rijdt dan vannacht nog verder naar het volgende park, waar morgenochtend alles dan opnieuw begint."

"Sfeer is echt goed"

Tijdens de dag worden alle installaties, gaande van de kassatent, over het springkasteel tot de bar, netjes opgebouwd. Frederik Schietse is een van die opbouwers. De student werkt intussen al 7 jaar voor de organisatie. "Het is een plezante job. Je hebt veel vrijheid en er is veel variatie", zegt hij terwijl hij samen met een collega de kassaconstructie in elkaar steekt. "Er is ook constant contact met verschillende mensen op verschillende locaties. De sfeer onder de collega’s is ook echt goed."

Frederik wordt bijgevallen door zijn collega Jasper Engels. Jasper blijkt een kotgenoot te zijn van Frederik. "We zochten samen een vakantiejob en ik ben Frederik gevolgd. Hij vertelde veel goede dingen over deze job", zegt hij. "Ik vind grote constructies opzetten best wel interessant, want ik studeer voor architect. Het is een toffe job en zeker geen bandwerk."

De opbouwers worden aangestuurd door de sitemanager Gunther Bollen (kleine foto). "Ik stuur de opbouw aan. Van 10 uur tot ongeveer 18 uur doen we de opbouw. Ik ben dan vrij tot 23 uur en leidt dan de afbraak. Als alles in de vrachtwagen geladen is, rij ik verder naar het park waar het concert voor de volgende dag is en slaap ik daar. Om dan daarna opnieuw om 10 uur verder op te bouwen."

Tijdens het schooljaar geeft Gunther les en is hij leerkracht chemie en biologie aan het kunsthumaniora in Antwerpen. Gunther blijkt een oude rot in het vak. Het is de 21e keer dat hij meewerkt aan de Parkies. "Ik ben vier dagen in de week weg van thuis, maar ik ben niet getrouwd en heb geen kinderen", zegt hij. "Als leerkracht heb ik 9 weken vakantie. Als je alleen bent, is dat best veel. Het is een beetje bezigheidstherapie. De sfeer is hier wel goed en dat is de reden waarom ik blijf terugkomen."

"Fijn om vakantiejob te doen met je vrienden"

Het is intussen bijna 18 uur geworden. De opbouwploeg is bezig aan de laatste afwerking, als plots twee nieuwe gezichten de weide opkomen. Het blijken avondcoördinatoren Bart Hanssen en Jens Verbruggen te zijn. De avondcoördinatoren sturen de jobstudenten aan die de toog bemannen en nadien alles afbreken.

Beide heren zijn niet aan hun proefstuk toe. "Ik ben enkele jaren geleden erin gerold door een gemeenschappelijke vriend van Bart en mij", zegt Jens. "Nu is het mijn derde en laatste jaar, want ik ben afgestudeerd. In september begin ik te werken, maar ik ben blij dat ik het zo lang heb kunnen doen. Je krijgt en neemt verantwoordelijkheid en je werkt buiten. Zeker bij mooi weer is dat tof. Er is ook constant contact met leeftijdsgenoten. Je houdt er echt vrienden aan over."

Bart valt hem daarin bij. "Het is echt fijn om een vakantiejob te doen met je vrienden", zegt hij. "We gaan vaak iets gaan drinken achteraf, ook met de jobstudenten die we aansturen. Dat houdt hen gemotiveerd." Op dinsdag landt het "circus" in Sint-Niklaas, waar de meeste jobstudenten vandaan blijken te komen. "Het is dan een echte thuismatch. De meesten zijn daar uit de buurt en dat geeft altijd een leuke sfeer."

"Het is nu de eerste dag, maar er zijn veel bekende gezichten", zegt Kirsten. "Veel studenten komen jaar na jaar terug. Iedereen lijkt het wel graag te doen en dat is ook nodig. Als je twee maanden lang op elkaars gezicht moet zien, moet je wel overeenkomen. Nu ja, de sfeer is wel goed. We zijn "The A-team", zoals Gunther ons noemt."

"Voelt niet aan als werken"

Jens en Jasper leggen de laatste hand aan de bar en dan duiken er plots een 20-tal jongeren op. Ze zijn samen met een busje uit Sint-Niklaas naar het park van Aalst gekomen en krijgen er van Jens en Japser te horen wat hen die avond te doen staat. Eerst volgt nog een korte tapcursus en al gauw verkopen ze de eerste pintjes.

Ook onder deze studenten zijn er weinig nieuwelingen te vinden. De meesten doen het al enkele jaren. "Eens je erin geraakt, wil je niet meer stoppen", zegt Cedric Dileman van achter de tapkraan. "De meesten stoppen er pas mee als ze afgestudeerd zijn en dus moeten stoppen", zegt hij terwijl hij een pintje tapt, alsof hij al heel zijn leven niets anders doet.

"Er zijn veel leeftijdsgenoten en de muziek zorgt voor de nodige sfeer", zegt Rebecca Nuyttens (kleine foto). "Er gebeuren altijd wel grappige dingen, meestal met zatte mensen." Ze wordt bijgevallen door Jille Heyrman (ook op de kleine foto). Beide dames kennen elkaar nog van vorig jaar. "Het is eigenlijk mijn eerste sociale vakantiejob. ’s Avonds werk je, overdag ben je vrij. Tijdens je werk ben je dan nog constant onder de mensen." Rebecca vindt zelfs dat het niet aanvoelt als werken. "Het gaat echt snel voorbij."

"Minder tof als het regent"

Iedereen lijkt wel erg positief over werken op een festival. Zijn er dan geen nadelen? "De opruim is wel een nadeel. Dat is fysiek echt wel zwaar. Op het einde van de week ga ik al last hebben van mijn rug", zegt Rebecca. "Zeker als het regent is het minder tof, dan komt er weinig volk en is het saai. Tijdens de opruim word je dan helemaal nat."

Ook de muziek wordt door velen aangehaald als een minpuntje. "Het is meer iets voor de oudere generaties. Op het gemak een kaasje eten en een pintje drinken", zegt tapster Katrien Foubert die benadrukt dat ze dat eigenlijk niet zo erg vindt. "Als het druk is, kun je de muziek toch niet zien door al het volk."

Pintjes en drankbonnetjes wisselen vlot van eigenaar en het Stadspark van Aalst stroomt intussen goed vol. Hoewel het bewolkt is, is het nog steeds vrij warm en die combinatie met het optreden van Frank Boeijen blijkt veel volk te lokken. "Dat is een van de grote pijlers van onze concerten", zegt Kirsten. "Het is op een weekdag, in een park, het is gratis en voor een breed publiek van 7 tot 77 jaar. Het is een echt familiefestival."