Toekomstig premier Mazowiecki (links) naast de historische leider van Solidarnosc Lech Walesa tijdens een bezoek aan het Vaticaan in 1989. AP1989

30 jaar geleden: Polen zet als eerste Oostblokland een punt achter het communisme

30 jaar geleden legde Tadeusz Mazowiecki de eed af als premier van Polen. Hij was de eerste niet-communistische regeringsleider van een Oostblokland in meer dan 40 jaar. Hij zou niet de laatste zijn, want in de herfst van 1989  begonnen de domino's in het Oostblok te vallen.

Polen was altijd al een nukkige satelliet geweest van de Sovjet-Unie. Eeuwen van wrijvingen met Rusland en de sterke positie van de katholieke Kerk zaten daar voor veel tussen. In 1956 had Sovjetleider Nikita Chroesjtsjov persoonlijk het Poolse protest moeten bezweren om een opstand te voorkomen.

Het Kremlin werd echt ongerust toen in 1978 de Pool Karol Wojtyla werd verkozen tot paus Johannes-Paulus II. De massale opkomst bij diens pausbezoeken aan Polen en de nauwelijks verholen anti-communistische gevoelens van de paus staken de Poolse oppositie een hart onder de riem. (Lees verder onder de foto).

De stakingen op de scheepswerf van Gdansk in 1980 maakten een  barst in het machtsmonopolie van de KP in Polen.

Toch kwam de grootste dreiging voor het Poolse regime van de eigen arbeiders die in de zomer van 1980 op de scheepswerven van Gdansk de erkenning van hun vrije vakbond Solidarnosc (Solidariteit) hadden afgedwongen. Een jaar later was die vakbond opnieuw verboden toen het regime de noodtoestand uitriep, maar ondergronds bleef Solidarnosc via stakingen en protestacties het regime ondermijnen.
 
In de zomer van 1988 zat het protest opnieuw in de lift en begon de KP (de communistische partij) geheime onderhandelingen met Solidarnosc.

Van rondetafel naar verkiezingen

Onder druk van het straatprotest werd in de lente van 1989 een rondetafelconferentie gehouden tussen de communistische partij, Solidarnosc, de andere oppositiegroepen en de katholieke Kerk.

De verkiezing van de Pool Karol Wojtila werd een groot probleem voor het communistische regime in Polen.

Het compromis dat toen uit de bus kwam, bepaalde gedeeltelijk vrije verkiezingen voor 4 juni. In de Sejm, het lagerhuis, zouden 35 procent van de zetels vrij verkozen worden. De overige 65 procent bleef voorbehouden voor de communistische partij. Het nieuwe hogerhuis zou geheel vrij gekozen werden.

Op 4 juni 1989 sleepten Solidarnosc en de andere oppositiegroepen bijna alle vrij te verkiezen parlementszetels in de wacht. De communistische partij was in shock en moest in de zomer wennen aan het opgeven van haar machtsmonopolie, wat veel verder ging dan de KP bij de rondetafelconferentie had willen toegeven. 

Polen was het eerste Oostblok-land dat het communistische systeem en de "speciale vriendschap met de Sovjet-Unie" verbrak

De ambtsaanvaarding van Solidarnosc-voorman Tadeusz Mazowiecki als eerste niet-communistische premier van Polen was dan ook een mijlpaal. Mazowiecki leidde weliswaar een regering met de communisten als coalitiepartner, maar dat zou snel veranderen.  Eind dat jaar werd in Polen een nieuwe grondwet goedgekeurd die echte verkiezingen, de democratie en de vrije markt mogelijk maakte.

Polen was daarmee het eerste Oostblok-land dat het communistische systeem en de "speciale vriendschap met de Sovjet-Unie" aan de kant zette. De hervormingsgezinde Sovjetleider Gorbatsjov reageerde niet en dat gaf de democratische oppositie in andere Oostbloklanden vleugels. In de herfst van 1989 zouden behalve de bladeren ook de andere Oostblok-regimes een voor een als domino's vallen.