Kan "vettaks" op termijn gat in begroting helpen dichten?

Een belasting op vetrijke snacks, snoep en suikerhoudende dranken zou de consumptie doen dalen en zo over een periode van 20 jaar de Belgische staat een besparing van 2,2 miljard opleveren op de gezondheidszorg. Dat blijkt uit een onderzoek van de Universiteit Gent, melden de kranten van Mediahuis. "Maar de maatregel moet passen in een breder geheel", benadrukken de onderzoekers.

Volgens de Gentse professoren Lieven Annemans (gezondheidseconoom) en Ignaas Devisch (medisch ethicus), die het onderzoek leidden, kan een "vettaks" wel degelijk helpen om -op lange termijn- te besparen. "Want met zo'n taks zouden we gezonder eten en dus zouden heel wat aandoeningen minder vaak voorkomen: hartziekten, diabetes, beroertes en sommige kankers", zegt Annemans in de kranten. "Daardoor vallen de medische kosten voor die aandoeningen weg." Al benadrukt Ignaas Devisch in "De ochtend" dat het hier om een theoretische studie gaat, "en de kloof tussen de theorie en de praktijk is wel groot".

Maar volgens Annemans moeten beleidsmakers toch dringend beginnen na te denken over een belasting op ongezonde voeding. "Uit ons onderzoek blijkt immers dat landen die een belasting op ongezonde voeding goed voorbereiden, in hun opzet slagen."

Hij verwijst daarbij naar Finland, die zo'n "vettaks" met succes heeft ingevoerd.  "De Finse overheid heeft het slim aangepakt", weet Annemans. "De voedingsindustrie was vanaf het begin betrokken, net als de bevolking, waardoor het protest beperkt bleef. De overheid was ook heel duidelijk over het doel van de taks: het ging niet om een maatregel om extra geld te innen, wel om de volksgezondheid erop te laten vooruitgaan." Dat in tegenstelling tot Denemarken, die volgens de onderzoekers de maatregel te veel als een ad hoc-maatregel heeft ingevoerd waardoor het zijn effect miste. De taks is er dan ook weer afgevoerd.

"Gebruik inkomsten om fruit en groenten goedkoper te maken"

Zo'n taks mag dus niet alleen worden gebruikt als melkkoe voor de begroting, benadrukken de onderzoekers. De overheid, zo zegt Annemans, moet er zich immers ook voor hoeden dat de mensen die onderaan op de sociaal-economische ladder staan, het slachtoffer worden van zo'n taks.

"Armere mensen kopen vaak goedkope producten en die zijn vaak minder gezond", legt hij uit. "Zij zouden dus het sterkst worden getroffen door zo'n vettaks. Daarom moeten de inkomsten van de taks worden gebruikt voor subsidies voor groenten en fruit, en voor campagnes rond gezonde voeding op maat van de groepen die ze het hardst nodig hebben. De winst die we halen uit een taks op ongezonde voeding moeten we niet zien in termen van extra belastingen, maar op lange termijn in termen van het uitsparen van kosten in de gezondheidszorg."

Ook Devisch beklemtoont dat een maatregel als deze niet zomaar ingevoerd kan worden, maar moet passen in een breder geheel. "Het moet passen in een globaal preventieplan dat de bedoeling heeft om de problematiek grondig aan te pakken. Het mag dus niet dienen als symptoombestrijding door snel de taks in te voeren en met de opbrengst ervan iets helemaal anders te doen."