"Partijtrouw lijkt dood en begraven"

Bijna de helft van de kiezers heeft op 25 mei op een andere partij gestemd dan bij de verkiezingen in 2010. Dat zegt Ruth Dassonneville van de KU Leuven in "De ochtend" op Radio 1. Volgens haar is de kiezer steeds minder trouw aan zijn of haar partij. Zo'n volatiel kiespubliek zal gevolgen hebben voor de kiescampagnes in de toekomst, klinkt het.

Op basis van de kiesresultaten zelf zijn de verschuivingen relatief beperkt, maar daaronder zit een heel grote verschuiving, stelt Dassonneville.

"Er wordt vooral geswitcht binnen bepaalde blokken en uitstroom richting een bepaalde partij wordt altijd gecompenseerd door een stukje instroom van andere kiezers. De verschuivingen lijken ideologisch nog steeds beperkt." Met andere woorden; rechts heeft nog steeds op rechts gestemd en links op links, maar de partijen zijn wel veranderd.

N-VA heeft meest trouwe publiek

"Op rechts zien we dat N-VA de partij is met de meest trouwe kiezers", aldus Dassonneville. De partij heeft namelijk 72,8 procent van haar kiezers uit 2010 behouden.  "Bovendien slagen zij erin om kiezers van zowat alle partijen op rechts en op het centrum naar zich toe te trekken."

Het is volgens Dassonneville ook "absoluut terecht" om te stellen dat N-VA de partij Vlaams Belang heeft leeggezogen, 44,4 procent stapte namelijk over naar de partij van Bart De Wever.  Maar de partij kon evengoed heel wat kiezers van Open VLD aantrekken, namelijk 29,7 procent. Die partij kon dat dan weer compenseren door andere kiezers van Vlaams Belang te overtuigen en ook CD&V'ers aan te trekken. Bij CD&V stapte 17,5 procent over naar de N-VA. Volgens het onderzoek zit die partij ergens tussenin en kon ook linkse kiezers aanspreken.

"Op links zien we dat er intern wat beweegt: Groen-kiezers die naar SP.A gaan en omgekeerd en ook een aantal kiezers die naar extreemlinks gaan, maar weinig linkse kiezers maken de sprong naar rechts", stelt Dassonneville.

"Moeilijk om op lange termijn te besturen"

Volgens Ruth Dassonneville lijkt de tendens van "partijswitchen" ingezet en zou die ook niet meer te stoppen zijn. "Zowat de helft van de kiezers kan op een andere partij stemmen bij de volgende verkiezingen."

Die vaststelling heeft volgens Dassonneville gevolgen voor het beleid en de campagne. "Het maakt het moeilijk voor partijen om op lange termijn te besturen en op lange termijn te denken. Partijen moeten heel sterk terugkoppelen naar hun basis. Kleine details gaan bepalen of kiezers nog gaan stemmen voor hen en dan wordt de campagne heel belangrijk, kopstukken worden belangrijker en ook slogans zullen doorwegen. Alles wordt heel onvoorspelbaar."

Vlaming meer ontevreden over federale dan over Vlaamse niveau

Uit het onderzoek blijkt ook dat de regering-Di Rupo in Vlaanderen, net zoals in Wallonië overigens, een score van 3,08 op 5 krijgt. Voor het regionale en Europese niveau zijn er wel grote verschillen en laten de Franstaligen een grote mate van ontevredenheid zien. Vlamingen zijn meer ontevreden over het federale dan over het Vlaamse niveau, terwijl dat in Wallonië net omgekeerd is. Waalse kiezers zijn ook minder ontevreden over het EU-beleid.

Het vertrouwen in de federale regering en instellingen is daarnaast licht gestegen, maar daalt eerder als het over de eigen regionale instellingen gaat, vooral aan Vlaamse kant.