Op zoek naar het IJzeren gordijn - Rob Heirbaut

Vanavond start op Canvas een vijfdelige roadmovie over Het IJzeren Gordijn. VRT-journalist Rob Heirbaut en professor Europese politiek Hendrik Vos van de Universiteit Gent trekken met de fiets van Sint-Petersburg in Rusland naar Bulgarije, en ze volgen daarbij in grote mate het traject van het vroegere IJzeren Gordijn, exact 25 jaar nadat het Gordijn verdween. Een vooruitblik.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Glasnost en perestrojka. Twee Russische woorden die eind jaren tachtig van de twintigste eeuw bijna elke dag in de krant stonden. Openheid en verandering. Daarmee wou Michael Gorbatsjov, de leider van de Sovjet-Unie, zijn land hervormen. Politici die verandering willen, ze zijn van alle tijden. Gorbatsjov kreeg zijn verandering, maar niet zoals hij bedoeld had. De Berlijnse Muur werd afgebroken, het IJzeren Gordijn scheurde open van Polen tot Bulgarije, en uiteindelijk viel de Sovjet-Unie helemaal uit elkaar. De Koude Oorlog was voorbij.

25 jaar later is het moeilijk om de tijdsgeest van toen te kunnen vatten. In de jaren tachtig vonden we het normaal dat alle jongens na hun studietijd hun legerdienst moesten gaan vervullen. Wie er snel vanaf wou zijn, kon zijn legerdienst in Duitsland gaan doen, vlakbij het IJzeren Gordijn. Als jongste van een gezin van vijf ontsnapte ik eraan. Mijn broer en de meeste vrienden niet: een vol jaar van hun leven hebben ze gevuld met nutteloze bezigheden: de wacht houden, de cafetaria van de kazerne openhouden, enzovoort. Je werd er man, zo werd gezegd. Maar de Koude Oorlog koud, met dreigementen heen en weer en wederzijdse afschrikking. Een paar jaar na de val van de Muur werd de legerdienst afgeschaft, want er was geen vijand meer. Volgens historicus Francis Fukuyama betekende de “nederlaag” van het communisme het einde van de geschiedenis.

Door de buzz rond de glasnost en perestrojka van Gorbatsjov had ik zin gekregen om Russisch te gaan leren, in 1988 schreef ik me in voor avondlessen Russisch. Achter het IJzeren Gordijn was ik zelf nog nooit geweest. Het “Oostblok” oefende wel een zekere fascinatie uit. Was het daar echt zo slecht als het in het “Westen” werd voorgesteld?

Tekenen aan de wand

In januari 1990 kon ik het met eigen ogen gaan vaststellen. Met een groep laatstejaars van de rechtsfaculteit in Gent trokken we een week naar Moskou en Leningrad. Enkele dagen voordien was in Roemenië het regime van Ceaucescu ten val gebracht. Alleen in de Sovjet-Unie hield het communisme nog stand.

Na een paar uur in Moskou wist ik het zeker: veel goeds had het communisme niet te bieden. Grauwe betonblokken, nauwelijks auto’s op straat, norse mensen die ons aankeken alsof we van een andere planeet kwamen. Op elke verdieping van het hotel zat een bejaarde dame in een stoel. Om gasten te helpen, maar vooral om verdachte zaken te signaleren. Restaurants waren leeg, maar toen we binnen wilden gaan vertelden de obers dat alles volzet was. Geen zin om klanten te bedienen wellicht. Waar we wel eten kregen, was het menu steevast hetzelfde: kool en gehaktballen.

In een platenwinkel in Moskou kocht ik een plaat van de Rolling Stones (play with fire), met een Russische hoes. Een van de weinige Westerse platen die in de Sovjet-Unie verkocht mocht worden. Voor toeristen waren er speciale winkels waar je met dollars Westers producten kon kopen. De gewone Rus kon met zijn roebels niet veel kopen: de winkelrekken waren hier en daar leeg. Het aanbod van producten was erg beperkt.

We ontdekten snel dat er een bloeiende zwarte markt bestond. Met onze dollars konden we kaviaar kopen, Sovjetvlaggen, sjapka’s (de beroemde mutsen) en vooral vodka. Veel vodka. De obers van een hotel in Moskou verborgen hun voorraad in een vleugelpiano. De treinbegeleiders op de nachttrein van Moskou naar Leningrad deden geen moeite om hun koopwaar te verbergen. Het waren tekenen aan de wand. Het systeem stond op instorten, een jaar later klapte het ook in de Sovjet-Unie ineen.

Het Oostblok leeft nog in onze hoofden

25 jaar later is Europa herenigd, 11 van de 28 EU-lidstaten lagen vroeger achter het IJzeren Gordijn, toch is er nog een kloof tussen West en Oost. Het IJzeren Gordijn is weg, maar in ons hoofd is het er nog altijd. Rondtrekkende misdaadbendes komen uit “Oost-Europa”, er staat in de krant nooit bij uit welk land ze komen. “Oost-Europeanen” pakken ons werk af, en komen bij ons van het OCMW leven. Ik hoorde een commentator bij een veldrit op tv enkele jonge renners uit Tsjechië beschrijven als “Oostblokrenners”, ook al waren ze geboren lang nà de val het IJzeren Gordijn en zijn het nu Europese burgers zoals Fransen en Nederlanders.

Bij de start van onze fietstocht langs het vroegere IJzeren Gordijn, vroegen Hendrik Vos en ik ons af : welke sporen heeft het IJzeren Gordijn in dat Oostblok achtergelaten? De prikkeldraden en mijnenvelden zijn weg, maar hoe kijken de mensen daar terug op de periode van de Koude Oorlog? Hadden ze het gevoel dat ze aan de slechte kant stonden? En hoe voelen ze zich nu? En hoe kijken jongeren, die opgegroeid zijn na de Koude Oorlog, naar het verleden en de toekomst?

Tegenwoordig is er een fietsroute die het traject van het IJzeren Gordijn volgt. Het is min of meer één langgerekt natuurgebied doorheen Europa. Waar vroeger prikkeldraad stond, kan de natuur zijn gang gaan. Het is mooi fietsen daar, tot je plots aan een dorp als Mödlareuth komt in Duitsland. Er staan amper 20 huizen, er wonen 50 mensen, maar dwars door het dorp staat een witte muur. Een stuk van de échte Muur, dat men heeft laten staan om te tonen hoe absurd het hele IJzeren Gordijn wel niet was. Van de ene dag op de andere werden dorpelingen van elkaar afgesneden. De twee helften van het dorp behoorden voortaan tot verschillende systemen, het kapitalistische Westen en het communistische Oosten. Contact tussen de twee dorpshelften was er niet meer, zodat zelfs het dialect dat ze er spraken begon te verschillen: in de Westelijke kant zeiden ze naar verloop van tijd “Gruss Gott” als begroeting, in het Oosten zei men Gutentag.

Die absurde grens is nu weg, in heel Europa. De twee helften moeten wel nog naar elkaar toegroeien, 25 jaar is te kort om de kloof te dichten. In het kleine Mödlareuth is dat aardig gelukt. Ook al behoren de twee dorpshelften tot verschillende Duitse deelstaten, en hebben ze elk een eigen burgemeester, toch spreken de dorpelingen weer dezelfde taal. Ze begroeten elkaar niet meer met Gruss Gott of Gutentag. Ze zeggen er nu gewoon “Hallo”.

Rob Heirbaut is VRT-journalist en Europa-specialist. Vanavond start op Canvas (om 20u40) een vijfdelige roadmovie over Het IJzeren Gordijn.