"Schuwe maandag": burgers moeten de prijs betalen

Op "Schuwe maandag" 19 oktober 1914 vallen de Duitsers Roeselare binnen om zo te kunnen doorstoten naar Ieper. De geallieerde stellingen in Ieper zijn nog niet klaar, dus proberen Franse soldaten tijd te kopen door de inname van Roeselare te bemoeilijken. De lokale burgerbevolking betaalt daarvoor een hoge prijs.

Op "Schuwe maandag" 19 oktober 1914 vallen de Duitsers Roeselare binnen om zo te kunnen doorstoten naar Ieper. De geallieerde stellingen in Ieper zijn nog niet klaar, dus proberen Franse soldaten tijd te kopen door de inname van Roeselare te bemoeilijken. De lokale burgerbevolking betaalt daarvoor een hoge prijs.

De Duitse inval in Roeselare is onderdeel van het Schlieffenplan om zo snel mogelijk Frankrijk te overrompelen. Binnen de Duitse opmars is er op dat moment een groot gat tussen de IJzer en de Leie (zie kaart). Het 26ste Duitse reservekorps moet dit gat opvullen en zo snel mogelijk doorstoten naar Ieper.

Het Duitse 26ste reservekorps bestaat vooral uit weinig ervaren jongeren en oudere mannen. De soldaten zijn enkele dagen voordien met de trein aangekomen in Geraardsbergen en Zottegem en zijn na enkele vermoeiende dagmarsen via Ardooie in de buurt van Roeselare beland.

De geallieerde stellingen in Ieper en langs de IJzer zijn echter nog niet klaar, dus willen de Fransen er alles aan doen om de Duitse opmars naar Ieper met minstens 24 uur te vertragen. Zo nemen de Fransen de Duitsers onder vuur in de Roeselaarse deelgemeente Beveren. Verschillende Duitse soldaten komen om en de Duitsers plegen er wraak op de burgerbevolking.

In de ochtend van maandag 19 oktober neemt de Duitse artillerie vanuit Izegem, Ardooie en Kachtem de oostkant van Roeselare onder vuur. Intussen schieten de Franse batterijen op en over de stad naar de oprukkende Duitsers. De Fransen hebben in en rond Roeselare kasseistenen uitgebroken en barricaden aangelegd om de Duitse oorlogsmachine tot stilstand te brengen.

Vanaf 11 uur ‘s morgens zijn er korte maar hevige gevechten langs het Kanaal Roeselare-Leie, in en rond het goederenstation en langs de Beverensesteenweg. De Fransen zijn duidelijk in de minderheid en vluchten weg.

Burgers als menselijk schild

Iets na de middag bombardeert de Duitse artillerie enkele uren onafgebroken de stad. Vooral de hogere gebouwen zoals de Sint-Amandskerk, Paterskerk en Onze-Lieve-Vrouwekerk krijgen het zwaar te verduren. Rond 15 uur zwijgen de Duitse kanonnen en rukt de Duitse infanterie op.

De soldaten slaan vensters kapot, beuken voordeuren in en drijven alle aanwezige burgers naar buiten. Daarna worden de burgers voor de Duitse troepen gedreven als menselijk schild. De burgerbevolking wordt verzameld op de Grote Markt, klaar om te worden gefusilleerd. Uiteindelijk kan een hoge Duitse officier voorkomen dat de honderden samengedreven burgers gedood worden.

Hoewel de Duitsers rond 16 uur zowat de hele stad in handen hebben, worden ze vanuit het westen nog steeds bestookt door de Fransen. Daarbij komen ook verschillende Duitse soldaten om het leven. Een van hen wordt dood teruggevonden ter hoogte van de Nieuwmarkt. Opnieuw wordt uitgehaald naar de burgerbevolking. Iedereen in de buurt wordt uit zijn huis gehaald.

De burgers worden op een rij gezet en krijgen te horen dat iedereen gefusilleerd wordt, tenzij iemand kan zeggen wie de gevonden dode soldaat gedood heeft. Ondernemer Karel-Lodewijk Cardoen (de betovergrootvader van de schrijver van dit stuk, nvdr., foto) zet het uit pure doodsangst op een lopen. Enkele honderden meter verder wordt hij ingehaald en afgemaakt met een bajonet. Door weg te lopen heeft Cardoen mogelijk de andere burgers gered. De Duitsers zien zijn vluchtpoging als een bekentenis en laten de anderen met rust.

Een kleine achterhoede van de Fransen heeft intussen postgevat ter hoogte van een naburige kapel, het zogenoemde Koorstkapelletje. Wellicht zijn zij ook degene die de soldaat echt gedood hebben. Uiteindelijk worden ook deze Fransen teruggedreven richting Ieper.

Succesvol maar aan een hoge prijs

Het Franse vertragingsmanoeuvre heeft de nodige tijd gekocht voor de geallieerden om zich in te graven in en rond Ieper. Het succesvolle manoeuvre had wel een hoge prijs voor de burgerbevolking van Roeselare en omstreken. In de stad zelf zijn tientallen mensen gedood door Duitse kogels en bajonetten, 11 anderen kwamen om bij de bombardementen. In de naburige dorpen vielen minstens evenveel doden. Ook de materiële schade was aanzienlijk.

De gevechten en vooral de wraakacties op de burgerbevolking op die noodlottige maandag staan sindsdien in Roeselare en omstreken bekend als “Schuwe maandag”. De vrij kleine schermutselingen tussen Fransen en Duitsers blijken nadien de eerste inleidende gevechten te zijn voor de Eerste Slag om Ieper.

Mogelijk hebben de geallieerden hun overwinning bij die slag deels te danken aan de succesvolle Franse vertragingsmanoeuvre op “Schuwe maandag”. De Duitsers zijn bij de slag om Ieper immers numeriek in de meerderheid, maar halen de overwinning niet binnen doordat de geallieerden - dankzij de tijd die de Fransen in en rond Roeselare gekocht hebben - erg goed ingegraven en beschut zijn.

Stel dat de Duitsers sneller waren doorgestoten naar Ieper, dan hadden ze mogelijk vrij vlot het westelijke front doorbroken en had de uitkomst van de Eerste Wereldoorlog er misschien anders uitgezien.

Hoe gaat het voort met Roeselare?

De komende vier jaar wordt Roeselare bezet door de Duitsers. Door de rechtstreekse spoorlijn naar Ieper is de stad strategisch vrij belangrijk voor hen. Tot een lange reeks Britse bombardementen in augustus 1917 blijven relatief veel inwoners wonen in de stad. Dan komt de stad door de oprukkende geallieerden meer en meer in de vuurlinie van het front te liggen.

Op 14 oktober 1918, op een week na exact vier jaar na de Duitse inval, wordt Roeselare bevrijd door het 152ste Franse linieregiment. Op dat moment wonen van de ruim 20.000 inwoners uit 1914 nog amper enkele honderden in de stad. Van de 5.388 woningen in 1914, zijn er bij de bevrijding nog amper 1.677 bewoonbaar. De meeste fabrieken en weverijen zijn tegen dan ontmanteld.

Het zal uiteindelijk duren tot de vooravond van de Tweede Wereldoorlog vooraleer de stad volledig hersteld is van de oorlogsschade.

lees ook