Inschrijvingsgeld hoger onderwijs stijgt naar 890 euro

Het inschrijvingsgeld voor studenten in het hoger onderwijs stijgt naar 890 euro. Dat is ongeveer 270 euro meer dan nu. Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) heeft de nieuwe bedragen bekendgemaakt. Bijna-beursstudenten zullen 470 euro betalen, dat is 60 euro meer dan nu. Voor beursstudenten blijft het bedrag ongeveer hetzelfde: 105 euro.

Het was al een hele tijd bekend dat het inschrijvingsgeld in het hoger onderwijs zou verhogen. Het is een van de besparingsmaatregelen van de regering-Bourgeois. Maar hoe groot de stijging zou zijn, was tot nog toe niet duidelijk. Dat veroorzaakte heel wat onrust bij de hogescholen en de universiteiten. Ook bij studentenverenigingen was veel kritiek te horen.

Nu is dus bekendgemaakt dat het 890 euro wordt. Dat is een stuk onder de grens van 1.000 euro, het maximum dat vooropgesteld was door minister Crevits.

Groep van bijna-beursstudenten verdubbelt

Beursstudenten betalen vanaf volgend academiejaar dus 105 euro. Dat betekent dat het huidige bedrag enkel geïndexeerd wordt. Bijna-beursstudenten betalen 470 euro, nu is dat 410 euro.

Bijna-beursstudenten krijgen geen beurs omdat ze boven het daarvoor geldende referentie-inkomen uitkomen. Wie dat referentie-inkomen maximaal met 1.500 euro overschrijdt is bijna-beursstudent en betaalt een verlaagd studiegeld.

De maximale overschrijding van het referentie-inkomen wordt nu opgetrokken tot 3.000 euro. Daardoor zullen er naar schatting dubbel zoveel bijna-beursstudenten zijn (van zo'n 2.000 naar 4.000 studenten). Die studenten, die momenteel het volledige bedrag betalen omdat ze net buiten dit statuut vallen, zullen in de toekomst minder betalen.

In het hoger onderwijs waren er vorig academiejaar bijna 230.000 inschrijvingen. Een academiejaar eerder waren er ruim 46.000 beursstudenten en ongeveer 1.800 bijna-beursstudenten. Die laatste categorie gaat dus om een beperkt aantal studenten.

Regering wil dat studenten volledig programma volgen

Het inschrijvingsbedrag bestaat uit een vast gedeelte en een variabel bedrag per studiepunt. Het is dat vaste gedeelte dat je elk jaar moet betalen, dat duurder wordt. De Vlaamse regering wil zo de trend tegengaan dat studenten hun studie spreiden over meer jaren dan nodig. Men wil met anderen woorden stimuleren dat studenten een volledig pakket van 60 studiepunten opnemen.

Crevits laat weten dat er ook een aantal maatregelen gepland zijn die de regeldruk en de ongewenste effecten van de flexibilisering in het hoger onderwijs moeten terugdringen. Op die manier zou er meer ademruimte moeten komen.

De bedragen zouden niet meer veranderen de komende vijf jaar. Dit voorstel dat Crevits nu publiek heeft gemaakt, moet nog besproken en goedgekeurd worden in het Vlaams Parlement voor het effectief in werking treedt.