Minstens 33 doden bij twee aanslagen in Jemen

Bij twee aanslagen toegeschreven aan al-Qaida (op het Arabisch Schiereiland "AQAP") zijn in Jemen zeker 33 doden gevallen. De aanslagen maakten na amper twee dagen al een einde aan de wapenstilstand in Zuid-Jemen tussen soennitische milities en sjiitische opstandelingen.

Minstens vijftien mensen, onder wie kinderen, kwamen om bij een zelfmoordaanslag met een bomauto gericht tegen een versperring in handen van sjiitische Hawthi-rebellen. De aanslag, waarbij ook een twintigtal gewonden viel, vond plaats in Radha, ten zuiden van de hoofdstad Sanaa, waar door soennitische stammen gesteunde al-Qaidastrijders het opnemen tegen sjiitische opstandelingen.

Volgens de nieuwssite al-Masdar Online waren eerder, in de nacht van zondag op maandag, reeds twintig Hawthi-strijders omgekomen bij een aanslag op dezelfde plaats. De Hawthi's zetten daarop de tegenaanval in en zijn de noordwestelijke regio Kifa, een verondersteld al-Qaidabolwerk, beginnen belegeren.

Nu de centrale regering in Sanaa zo goed als machteloos is, lijkt Jemen steeds meer te verzeilen in een burgeroorlog tussen de sjiitische Hawthi's uit het noorden en soennitische stammen die AQAP steunen.

Los daarvan is in de zuidelijke havenstad Aden een sterke afscheidingsbeweging actief. Die eist dat alle noordelijke militairen en ambtenaren ten laatste op 30 november het zuiden verlaten. Zuid-Jemen was tot 1990 onafhankelijk en fuseerde dan met Noord-Jemen. In 1994 werd een zuidelijke opstand door het Jemenitische leger de kop ingedrukt.