Opnieuw trekt de Groote Oorlog een spoor

Honderd jaar na de Duitse invasie trekt de Eerste Wereldoorlog opnieuw een spoor doorheen Vlaanderen. Tot voor enkele maanden werd de Groote Oorlog steevast geassocieerd met de Westhoek, waar de modderige loopgraven diepe voren in het landschap trokken en ook dit jaar opnieuw tonnen roestige oorlogsmunitie zal worden opgegraven. Maar ondertussen herontdekt ook de rest van Vlaanderen de sporen van de Groote Oorlog in eigen streek.

Elke gemeente die haar geschiedenis kan verbinden aan de oorlogsgebeurtenissen van honderd jaar geleden, komt op de proppen met één of ander initiatief : een tentoonstelling, de uitvoering van een concert, de publicatie van een boek, etc. Hier en daar speelt de middenstand handig in op de huidige oorlogshype : souvenirs uit chocolade (toch een Belgisch kwaliteitsproduct), oorlogsbier (soms met een weinig subtiele smaak van rook om de oorlogsherinnering opnieuw tot leven te brengen), paraplu’s getooid met poppies waarmee oorlogstoeristen moeiteloos het Belgische weer kunnen trotseren.

Daar tegenover staat gelukkig een massale stroom van initiatieven die het mercantiele gelukkig links laten liggen en op uiteenlopende manieren de oorlogsgebeurtenissen van honderd jaar geleden in herinnering brengen en hierop reflecteren.

Boeken en voorstellingen

Er verscheen een stroom aan boeken met de Groote Oorlog als gemeenschappelijk onderwerp: van de (her)uitgave van Sophie De Schaepdrijvers standaardwerk "De Groote Oorlog" tot het "Dagboek van Marie" – het jonge personage uit de Eén-serie In "Vlaamse velden". Tal van acteurs en performers lieten zich door de oorlogsgebeurtenissen inspireren : in de monoloog "Slijk" vertelt Wouter Deprez de oorlogsverhalen van zijn opa, in "IJzer" brengt Wim Claeys een pijnlijke familiegeschiedenis opnieuw tot leven, terwijl Warre Borgmans op een persoonlijke manier over de Val van A(ntwerpen) vertelt en Valentijn Dhaenens in "De Kleine Oorlog" op zoek gaat naar de keerzijde van heroïsche oorlogsrethoriek.

De Groote Oorlog inspireert tot theatervoorstellingen : in "Front" evoceert Luk Perceval het leven in de voorste linies, met "Shell shock" maakt Sidi Larbi Cherkaoui zijn operadebuut met een tekst van Nick Cave. Het gamma aan muziekevents is zo mogelijk nog diverser : van de oorlogsliederen van Willem Vermandere, over Arno Hintjes, Ozark Henry, Amatorski, Het Zesde Metaal, John Cale, Alan Stivell en Einstürzende Neubauten tot het oratorium 1000 Voices for Peace, dat de Poolse componist Krzysztof Penderecki schreef voor evenveel stemmen.

Tentoonstellingen en websites

Ondertussen heeft zowat elke stad een tentoonstelling over de Eerste Wereldoorlog in de aanbieding. Met "14-18: Brussel tikt Duits" focust de hoofdstad op het dagelijkse leven tijdens de Duitse bezetting.

Met onder andere de tentoonstelling "Exodus" belicht het Antwerpse MAS het verhaal van anderhalf miljoen Belgen op vlucht voor de oorlog, terwijl de provincie Limburg in "Kleine verhalen in een Groote Oorlog" het dagelijkse leven in Limburg én aan het front evoceert. De provincie heeft zelfs een film over de Groote Oorlog in Limburg laten maken. Met het drieluik "Oorlog in Beeld / Brugge in Oorlog plaatst Brugge" haar eigen geschiedenis in het grotere geheel van het oorlogsgebeuren.

Onder andere Antwerpen, Brussel, Leuven en Lier hebben websites of blogs waar je de Grote Oorlog bijna dag aan dag kan volgen.

Ook kleinere provinciesteden besteden ruim aandacht aan hun lokale oorlogsgeschiedenis (waarbij plaatselijke heemkundekringen vaak bijzonder goed werk leveren) : in Tussen gemeenschap en geweld belicht Aalst het dagelijkse leven tijdens de bezetting en de deportatie van een aantal burgers. De tentoonstelling Terug thuis als de bladeren vallen ….. in het Stadsmuseum van Lokeren brengt het verhaal van het thuis- en oorlogsfront terug tot leven. En zoals gezegd blijven ook kleinere gemeenten niet achter : in Vlaams-Brabant bijvoorbeeld focust de gemeente Zemst op de 25 burgers die tijdens de Duitse inval werden vermoord en buurgemeente Kampenhout het verhaal van de verdwenen oorlogsbegraafplaats, die tijdens WOI in deze gemeente lag.
In november 1914 was de Groote Oorlog definitief in de Westhoek beland, en ook nu verschuift het accent van de herdenking opnieuw die richting op. Maar ook in de rest van Vlaanderen volgen in de komende maanden en jaren nog een hele reeks initiatieven, want intussen is het besef gegroeid hoe groot de impact van 4 jaar Duitse bezetting op dit land wel is geweest.

Onder andere Antwerpen, Brussel, Leuven en Lier hebben websites of blogs waar je de Groote Oorlog bijna dag aan dag kan volgen.

Ook kleinere provinciesteden besteden ruim aandacht aan hun lokale oorlogsgeschiedenis (waarbij plaatselijke heemkundekringen vaak bijzonder goed werk leveren) : in "Tussen gemeenschap en geweld" belicht Aalst het dagelijkse leven tijdens de bezetting en de deportatie van een aantal burgers. De tentoonstelling "Terug thuis als de bladeren vallen …." in het Stadsmuseum van Lokeren brengt het verhaal van het thuis- en oorlogsfront terug tot leven.

En zoals gezegd blijven ook kleinere gemeenten niet achter: in Vlaams-Brabant bijvoorbeeld focust de gemeente Zemst op de 25 burgers die tijdens de Duitse inval werden vermoord en buurgemeente Kampenhout het verhaal van de verdwenen oorlogsbegraafplaats, die tijdens WOI in deze gemeente lag.

In november 1914 was de Groote Oorlog definitief in de Westhoek beland, en ook nu verschuift het accent van de herdenking opnieuw die richting op. Maar ook in de rest van Vlaanderen volgen in de komende maanden en jaren nog een hele reeks initiatieven, want intussen is het besef gegroeid hoe groot de impact van 4 jaar Duitse bezetting op dit land wel is geweest.

lees ook