"Molukse treinkapers opzettelijk doodgeschoten"

De Nederlandse staat wordt aangeklaagd door nabestaanden van Molukse jongeren die in 1977 een trein kaapten in het Nederlandse plaatsje De Punt. Hun advocate stelt in een brief aan de minister van Justitie dat zeker drie kapers indertijd zijn geëxecuteerd. De kapers werden door mariniers "beschoten terwijl ze reeds waren uitgeschakeld en geen verzet boden", schrijft advocate Liesbeth Zegveld.

De advocate komt tot die conclusie nadat ze onlangs de autopsierapporten en een rapport van het Gerechtelijk Laboratorium van Justitie kon inkijken.

Drie van de negen kapers van Indonesische afkomst, zijn volgens de advocate niet van buitenaf door mitrailleurvuur, maar van korte afstand met pistolen in het hoofd en in de rug geschoten. Toen waren ze al zwaargewond.

Ook beschuldigt Zegveld de Nederlandse staat ervan dat mariniers nog op de kapers hebben geschoten toen die al dood waren. Voort is gebruikgemaakt van speciale munitie die onnodig letsel veroorzaakt en dat is verboden, aldus Zegveld.

144 kogels

De trein werd bestormd nadat 55 mensen 12 dagen lang gegijzeld werden in een trein. Bij de bestorming en bevrijding van de trein kwamen zes van de negen kapers en twee passagiers om het leven.

Uit de autopsierapporten zou blijken dat de gijzelnemers in totaal door 144 kogels zijn geraakt. "Het opzettelijk doodschieten en gebruik van disproportioneel geweld is onrechtmatig", stelt de advocate. De nabestaanden eisen excuses en een schadevergoeding.

Bewijs

Het gewelddadige einde van de treinkaping is een oud zeer in de recente Nederlandse geschiedenis. Er werd al langer vermoed dat de kapers geëxecuteerd waren, maar het is voor het eerst dat daarvoor nu bewijs wordt aangehaald.