President Obama krijgt een tik op de vingers

Hoe de meerderheid in de Senaat ook uitvalt, de verkiezingen van vannacht zijn slecht nieuws voor president Barack Obama. Blijkbaar zijn veel kiezers teleurgesteld en zijn laatste twee jaar in het Witte Huis zullen niet gemakkelijk worden.

Wellicht had de president de bui al zien hangen, want al voor de verkiezingen begonnen had hij de belangrijkste politieke leiders van beide partijen uitgenodigd voor een gesprek op het Witte Huis.

Blijkbaar wil de president peilen of er met zijn Democraten en de Republikeinen kunnen samenwerken om het land de volgende twee jaar niet tot een stilstand te laten komen. 

Het zullen hoe dan ook moeilijke jaren worden voor de president om zijn stempel te kunnen drukken, zeker op binnenlands en sociaal beleid. Veel kiezers zijn ontevreden over het sociaaleconomische beleid, hun lonen en de economie in het algemeen.

Op tal van vlakken, sociaal, economisch, buitenlands en andere, vinden de mensen dat de regering te aarzelend of weinig effectief optreedt. Een zekere "Obama-moeheid" is daar niet vreemd aan. De tegenstanders van de president zijn erin geslaagd om ontevreden kiezers op te trommelen om hun stem te laten horen. Veel aanhangers van de president zijn mogelijk thuisgebleven omdat ze vonden dat een aantal beloften niet vervuld werden. 

Traditioneel hebben de Democraten altijd meer moeite om hun erg verscheiden kiespubliek naar de stembus te krijgen dan de Republikeinen. 

Meer actief in het buitenland?

Dat president Obama voortaan rekening zal moeten houden met een sterkere Republikeinse aanwezigheid in het Congres, zal vooral binnenlands wegen. Veel hervormingen zullen er niet zijn, maar wellicht komt er ook geen terugdringen van de gezondheidszorg, het belangrijkste punt dat Obama in zijn eerste jaren heeft ingevoerd, zij het onder veel protest van de conservatieven in de VS.

Toch wil dat nog niet zeggen dat het land onbestuurbaar wordt. Nogal wat Republikeinse nieuwkomers komen niet uit de radicale vleugel van de Tea Party, maar eerder uit de matigde hoek. Wellicht zijn ze net daarom verkozen.

Bovendien komen de presidentsverkiezingen van 2016 in het zicht en in het verleden hebben de Amerikaanse kiezers al laten merken dat ze niet erg dol zijn om politici die niet constructief zijn en enkel stokken in de wielen van het Witte Huis willen steken.

Er zijn ook precedenten. Zo moest ook de Democratische president Bill Clinton in zijn laatste jaren werken met een Republikeins Congres. Clinton richtte zich toen vooral op het buitenlands beleid en wist daar met een aantal successen zijn stempel op de laatste jaren van zijn ambtstermijn te drukken.

Voor Obama zijn er op dat vlak -met name in het Midden-Oosten, Syrie en Irak en Oekraïne- legio mogelijkheden voor een meer actief buitenlands beleid, iets wat hij tot nu toe nogal aarzelend gedaan heeft, wat dan weer tot Republikeinse kritiek van "too soft" leidde.

AP2007