Twee op de drie werknemers verliezen koopkracht

Door de indexsprong en accijnsverhogingen zal twee derde van de werknemers aan koopkracht verliezen. Dat geeft minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) toe. "We hebben ook nooit ontkend dat er een verlies aan koopkracht is”, zegt de minister vandaag.

Zoals aangekondigd reageert de minister vandaag op de berekeningen die de studiedienst van de PS deze week publiceerde. Daaruit bleek dat de gemiddelde Belg, met een brutomaandloon van 3.100 euro, jaarlijks 336 euro zal verliezen door de maatregelen van de regering-Michel.

Van Overtveldt zei maandag dat de PS-cijfers “grove fouten bevatten” en dat hij snel met eigen cijfers zou komen. Maar nu blijkt dat die enigszins in dezelfde lijn liggen als die van de PS. Iemand met een brutomaandloon van 3.000 euro zal volgens het kabinet van de minister jaarlijks 123 euro aan koopkracht verliezen.

Dat scheelt een flinke slok op een borrel in vergelijking met de berekening van de PS, maar in de berekening van de minister wordt weinig rekening gehouden met het koopkrachtverlies door de extra belasting op tabak, diesel, renovatie en plastische chirurgie. Volgens de PS zouden die goed zijn voor ongeveer 200 euro aan koopkrachtverlies voor de gemiddelde Belg. Als je die optelt de bij 123 euro van Van Overtveldt, zit men aardig in de buurt van de 336 euro die de PS berekende.

"Beter beeld"

“Als je de hypothese maakt dat iedereen rookt, veel diesel tankt en plastisch chirurgische ingrepen laat doen, dan kom je tot dat soort cijfers", reageerde de minister in "De ochtend" op Radio 1. "Maar dat is geen correcte dwarsdoorsnede van de maatschappij.”

De minister stelt dat de cijfers van zijn kabinet een beter beeld geven van de impact op de verschillende brutolonen. "Zo gaan de laagste brutomaandlonen, tot 2.500 euro, erop vooruit door het pakket aan maatregelen van deze regering. En op het niveau van de hogere lonen is er inderdaad een inlevering.”

"Sterkste schouders"

De twee derde van de werknemers die aan koopkracht zullen verliezen is ook het best verdienende deel van de bevolking. Want wie tot 2.000 euro verdient, gaat erop vooruit. Wie bijvoorbeeld het minimumloon verdient gaat er jaarlijks 182 euro op vooruit. En voor wie 2.000 euro verdient is er een jaarlijks extraatje van 126 euro. 

Aan de andere kant van het spectrum loopt het koopkrachtverlies op tot 401 euro voor wie maandelijks 5.000 euro verdient. Deze cijfers tonen volgens de minister aan dat "de sterkte schouders de zwaarste lasten dragen".

Jobcreatie

De minister verdedigt het regeringsbeleid door er jobcreatie tegenover te zetten. "Als gevolg van dit beleid worden wel 80.000 à 100.000 mensen aan een job geholpen. En dat is dus allemaal nieuwe koopkracht. Globaal maatschappelijk gezien geeft deze regering dus een enorme impuls.”

In het Laatste Nieuws zet begrotingsexpert Wim Moesen (K.U. Leuven) vraagtekens bij die verhoopte jobcreatie. "Met een groei rond de 1% gaan we die 80.000 jobs nooit halen", zegt Moesen naar aanleiding van de prognoses die de Europese Commissie gisteren bekendmaakte. "Bovendien ligt ook de economie van onze buurlanden op apegapen. Daardoor gaan de geplande lastenverlagingen minder effect hebben op de werkgelegenheid."

In "De ochtend" pareerde Van Overtveldt de kritiek van Moesen door te verwijzen naar een studie van andere onderzoekers van K.U. Leuven, die van Joep Konings en Filip Abraham.  Op basis van hun onderzoek zouden de 80.000 nieuwe jobs wel haalbaar zijn als de Belgische loonkost daalt. “Er is geen absolute zekerheid in het financieel-economische gebeuren. Maar ik schat deze studie heel hoog in."

Ten slotte ziet Van Overtveldt zich ook geruggensteund door de prognose van de Europese Commissie. “Ondanks de economische omstandigheden voorziet de Commissie ook een groei van 0,7 à 0,9 procent in de Belgische tewerkstelling. Dat is voor mij een erkenning van de Commissie voor het beleid dat we op de rails zetten."