DAG 1: "Ebola, de onzichtbare vijand"

De ebola-epidemie in West-Afrika is nog niet ingedijkt. Zowat 5.000 doden zijn er nu al. In Liberia en Guinee lijkt het te stagneren, maar in Sierra Leone worden nieuwe gevallen gemeld. VRT-journaliste Katrien Vanderschoot is in Sierra Leone om te kijken hoe ebola daar de samenleving ontwricht.

“Gelieve uw veiligheidsgordel vast te maken… “ en dan vertrekt het vliegtuig richting Freetown. Ik zit erop, ik kan niet meer terug. Naast mij zit een Britse ontwikkelingshelper, wat verderop een groep Chinezen, een vrouw in een geelrode wikkeldoek en een pater. Hetzelfde publiek als bij vorige reizen naar Afrika.

Toegegeven, ik heb langer dan anders getwijfeld over deze reis. Ik heb advies gevraagd aan tal van vrienden en deskundigen. Hun antwoorden liepen erg uiteen, er werd meer gewaarschuwd dan voor een reis naar rebellengebied in het oosten van Congo. De angst voor de onzichtbare vijand ebola zat er bij sommigen dik in. Ebola loopt inderdaad niet rond met een kalashnikov, iedereen op straat kan besmet zijn. Maar is dat zo?

In Sierra Leone zijn tot nog toe 5.000 inwoners besmet en 1.500 overleden. 5.000 besmettingen, dat is slechts 1 op de 1.000 mensen. Als je daarbij bedenkt dat de meeste mensen in familiekring zijn besmet, bij begrafenisrituelen bijvoorbeeld, of in een ziekenhuis, dan is het risico voor een journalist die 4 dagen naar dat land gaat wel bijzonder klein.

Marsmannetjes

En er zijn nog meer van die scheefgetrokken cijfers die moeten worden gerelativeerd. Ebola is en blijft een probleem in drie landen in het westen van Afrika. De Spaanse priester die in augustus stierf, blijft de enige niet-Afrikaanse dode. De rest van de besmette buitenlanders is in bijzonder goede omstandigheden verzorgd en hersteld.

Alle andere 5.000 doden vielen in Liberia, Sierra Leone en Guinée. Voor hen is ebola een ramp. Het zijn staten die zelf jarenlang zijn ontwricht door burgeroorlog en/of armoede, en die net nu ze uit het dal kwamen, worden teruggeslagen door deze humanitaire crisis.

Het is dan ook een schande dat de echte hulp nu pas op gang komt, na de paniekreacties in de VS en Europa. De media hebben de beeldvorming zodanig verprutst dat ebola in bijvoorbeeld Sierra Leone, waar we naartoe gaan, haast minder in het nieuws komt dan de quarantaine-kwestie in de VS.

Ik wil de volgende dagen vooral uitzoeken waarom ebola in Sierra Leone zelf een ramp is. Niet zozeer ebola op zich, er sterven nog altijd veel meer mensen aan malaria, diarree en luchtwegeninfecties, maar wel de impact die de epidemie heeft op het gewone leven .

Kinderen die niet naar school kunnen, dorpen die door de quarantaine zijn afgesneden om de verspreiding te voorkomen, maar die daardoor ook worden afgesneden van voedselhulp, en zwangere vrouwen met complicaties die niet meer in de gewone gezondheidszorg terechtkunnen, omdat gewone ziekenhuizen noodgedwongen zijn gesloten.

De veerboot naar de overkant van de rivier wacht op ons. En we zijn hier gelukkig niet alleen. Leve de gezondheidswerkers die hier maandenlang in moeilijke omstandigheden komen werken. Het is donker in Freetown. De honden huilen, de krekels tsjilpen, en ergens in de verte wachten mensen bang op wat de nacht zal brengen.