Niet genoeg anderen - Kolet Janssen

Aan onze goede wil hoeft niemand te twijfelen. Wij willen best iets doen om de begroting van ons land uit het slop te halen. We willen best belastingen betalen als die goed worden besteed voor dingen die we allemaal nodig hebben. We willen ook allemaal milieuvriendelijker leven: wat minder energie verspillen en de auto alleen gebruiken als het echt nodig is. We willen alleen nog eerlijk voedsel kopen en kleren die niet door kinderen zijn gemaakt. We discrimineren niemand. Wie net zoals wij zijn best doet, krijgt van ons alle krediet. Maar helaas is niet iedereen gezegend met zoveel goede wil. En het zijn die anderen die voor de problemen zorgen.

Het staat vast: we leven langer en dus zullen we ook langer moeten werken. Al hebben we de indruk dat ons beroep toch best wel zwaar is. Heel wat zwaarder dan dat van sommige anderen in elk geval. Als ze nu eens zouden beginnen met die anderen wat langer te laten werken… Ook voor de belastingen zit dat duidelijk zo. Wij betalen al jarenlang trouw (veel te) veel belastingen. Het is nu eindelijk aan die anderen om dat ook eens te doen. Al die lui die al jarenlang de belastingen ontduiken. Niet zo’n beetje met een poetsvrouw die in het zwart werkt of zo, maar systematisch. Om van de grote vermogens nog maar te zwijgen. Die moeten ze nu eindelijk eens aanpakken. Brave huiseigenaren zoals wij rekenen we daar niet bij. Nee, we richten onze pijlen op de echte poenpakkers.

Die indexsprong is goed voor de allerhoogste inkomens. Die merken dat niet eens. Maar ons moeten ze met rust laten. Wij willen ook niet meer betalen voor onze energie, voor de studies van onze kinderen of voor cultuur. Kunnen ze niets anders bedenken om op te bezuinigen? Ze treffen altijd alleen de gewone mensen. Waarom niet al die anderen?

Wij kunnen zonder auto niet veel beginnen. Ons huis ligt in een verkaveling zonder busverbinding. Of de bus zit altijd veel te vol en is nooit op tijd. Dus staan we regelmatig in de file. Maar wat staan al die anderen daar op datzelfde moment te doen? Er zitten een hoop lui in de auto die gegarandeerd niet op dat moment onderweg hoeven te zijn. Als die eens het verstand hadden om op de spitsuren binnen te blijven, zou er helemaal geen file zijn!

En dan al die bouwplannen voor nieuwe projecten! Natuurlijk moeten er vuilverbrandingsplekken komen en crematoria, sociale woningen, kinderdagverblijven, cafés, ziekenhuizen en supermarkten. Maar niet vlak naast onze deur alstublieft! Er zijn toch wel plekken te vinden waar niemand er last van heeft? Hetzelfde geldt voor onze huisdieren. Onze hond doet niemand kwaad, maar andere mensen kunnen hun beestjes beter aan de lijn houden. En er met een zakje achteraan lopen zoals wij. Maar dat doen ze niet, want waarom hangt er anders zo vaak hondenpoep aan onze schoenzolen?

En al die mensen uit andere landen, wordt dat geen tijd dat ze wat beter Nederlands gaan spreken? Als ze wat beter hun best doen en wat meer oefenen, moet dat toch lukken! Nee, met ons moeten ze niet komen oefenen. Wij hebben wel wat beters te doen dan met allochtonen aan te pappen. Wij hebben onze handen meer dan vol met onze familie, onze buren en onze collega’s. Dat ze elkaar maar Nederlands leren!

Zuur, zuurder, zuurst. Wie zoekt, vindt altijd wel een ander om de schuld of de verantwoordelijkheid op af te schuiven. Het probleem wordt op termijn alleen dit: binnenkort zijn er niet meer genoeg anderen. Misschien dat we dan toch zelf iets zullen moeten veranderen.

(Kolet Janssen is jeugdauteur, oud-lerares, (pleeg)moeder en oma)

lees ook