DAG 3: "De te oude glorie van Freetown"

De ebola-epidemie in West-Afrika is nog niet ingedijkt. Zowat 5.000 doden zijn er nu al. In Liberia en Guinee lijkt het te stagneren, maar in Sierra Leone worden nieuwe gevallen gemeld. VRT-journaliste Katrien Vanderschoot is in Sierra Leone om te kijken hoe ebola daar de samenleving ontwricht.

Buiten klettert en bliksemt het al urenlang op het dak en op de binnenkoer. Ik denk terug aan de havenwijk waar we vanmiddag zijn geweest en stel me voor hoe het vuilnis nu langs de nauwe straatjes naar beneden stroomt in bruingele riviertjes, langs de aftandse huizen uit het Britse koloniale verleden. In Kissy Street, daarstraks nog een kleurrijke potpourri van winkeltjes en matatu’s, zal nu iedereen schuilen onder de golfplaten daken en achter de afgebladderde muurtjes.

Het lijkt of Freetown helemaal in de koloniale tijd is blijven hangen, zoals de lelijkste achterbuurt van Hull, maar dan met palmbomen . Niets is gemoderniseerd, alles is versleten en een tikkeltje nostalgisch.

"We have to follow the procedure"

We zitten in het bureau van de vriendelijke havenmeester. Houten kastjes, samengebonden dossiers, een gele kaart met zeeroutes – “yes, Antwerpen, I have been there several times, nice cathedral” … De Britten hebben hier zoals in hun andere kolonies een goed gestructureerde administratie achtergelaten, een systeem met voor- en nadelen. Het laat minder ruimte voor interpretatie en achterkamertjesgedoe.

Je weet dat de havenmeester onder de perschef staat en die onder de administrateur-generaal. Maar wat doe je als je in de haven wilt filmen en de havenmeester wel wilt, de perschef het been stijf houdt en de administrateur-generaal niet te vinden is?

Het is heel tijdrovend als je maar 4 dagen op het terrein bent en ze je zeggen: jouw accreditatie breng ik nu in orde, voor de andere moet je straks terugkomen.

Ebola bestrijd je met efficiëntie

En intussen blijft de ebola-epidemie maar om zich heen. Wat is dan de beste aanpak? Ervoor zorgen dat district per district structuren worden opgezet, allemaal volgens dezelfde regels maar met een hoop papierwerk om mensen en materiaal ter plaatse te krijgen? Of meteen vanaf de eerste dag te hulp schieten en je van die regeltjes niets of weinig aantrekken? Het is niet gemakkelijk voor VN-organisaties die sowieso al complex zijn, om te moeten werken met al even complexe plaatselijke overheden. Humanitaire organisaties hebben daar minder moeite mee , zij zijn, ook hier , al snel heel efficiënt beginnen werken.

Maar er is beterschap. We hebben de voorbije dagen gehoord dat de bal van de hulpverlening aan het rollen is gegaan: met meer overleg, meer middelen, en meer mankracht. Iedereen zet zich tot het uiterste in om de epidemie te bedwingen. Morgen gaan we naar het binnenland om de vinger aan de pols te houden. Of toch maar liever niet.