"Modern feminisme heeft hoge graad van verongelijkte kneuterigheid gekregen"

Jean-Marie Dedecker haalt in een opiniestuk op knack.be sterk uit naar het moderne feminisme. "Moderne feministen zijn minder strijdbaar. Hun kaakslagfeminisme heeft een hoge graad van verongelijkte kneuterigheid gekregen", schrijft hij. Het gewezen Kamerlid suggereert ook dat het de schuld is van de "allochtone macho's" dat bijvoorbeeld bouwvakkers niet meer ongestoord naar vrouwen mogen fluiten.

Volgens Dedecker is het moderne feminisme doorgeschoten in een soort kramp. "Ik hou van kunst op hoge hakken en kom uit een tijd dat een gezonde bouwvakker om de twee minuten nog aan seks mocht denken en dat onze wulpse deernen nog in minirok en decolleté met gerust gemoed voorbij een bouwwerf konden paraderen", aldus Dedecker. "Dat ontlokte hoogstens een sporadisch fluitconcert en streelde meestal even sterk het ego van de gelegenheidsmannequin als dat het de testosteronspiegel van de mannen deed dalen."

Maar volgens Dedecker heeft het gedrag van "allochtone macho's" ertoe geleid dat dat niet meer mogelijk is. "Het denigrerend gesis en straatgedrag van allochtone macho's, pauwen met een grote staart en een korte lont, opgevoed in een religiebesef dat de taak van een vrouw zich beperkt tot zoontjesfabriek, heeft de tolerantieklok doen terugdraaien. Door politieke correctheid en overgevoeligheid worden we nu meegezogen in een allesoverheersende discriminatievrees. De vrouw mag niet meer denken "all right girl, je bent nog aantrekkelijk" en "ogenmannen" moeten hun coquetterie nu fluiten op de tonen van Willem Vermandere of ze riskeren een jaar cel en 6.000 euro boete, dankzij de doorgeschoten seksismewet van Madame Non (Joëlle Milquet (CDH), nvdr.). Het zoveelste opstapje naar Brave New World."

Nog volgens Dedecker verloochenen de moderne feministen zichzelf zodra de vrouwenrechten botsen op de godsdienstvrijheid en met name de waarden van de islam. "Onze feministes, dolle mina 's en voorvechters van de vrouwenbeweging, die in de vorige eeuw succesrijk gestreden hebben voor vestimentaire en seksuele vrijheid, verdrinken nu in het bad van de collectieve zelfverloochening als het bijvoorbeeld gaat over het religieuze conservatisme van de allochtoon. De ruimdenkendheid van de witte progressieve tantes van ideologisch bouwjaar '68 die gevochten hebben tegen de dwingelandij van paters en nonnen, die baas in eigen buik wilden zijn en zelfs de beha een belemmering van hun borsten vonden, houdt nu blijkbaar op wanneer ze dreigt te vloeken met de archaïsche waarden van de islam."