"De Diamantwijk leek die dag op een oorlogsgebied"

20 oktober 1981, de dag van het joodse Loofhuttenfeest. Om 9 uur 's ochtends vliegt een geparkeerde bestelwagen de lucht in in de Hoveniersstraat in Antwerpen, vlak bij de synagoge. Er vallen drie doden. Dit weekend is de verdachte van de aanslag uitgeleverd door Canada aan Frankrijk. We kijken terug op de bloedige oktoberdag 33 jaar geleden.

Bij de zware aanslag in de Diamantwijk, waar veel joden wonen en werken, vallen naast drie doden ook een 100-tal gewonden en de materiële schade is enorm. De Antwerpse Diane Keysers (foto onder), voormalig secretaris-generaal van het Forum der Joodse Organisaties, herinnert zich de dag nog heel goed.

"Ik ben die ochtend naar het gebouw van de belastingen gegaan op het Eilandje. Ik zat daar op de 12e verdieping toe we ineens een enorme knal hoorden. We wisten niet wat het was. Iedereen keek uit het raam. We voelden een soort van schokgolf, want de ramen trilden en toen we naar buiten keken zagen we een enorme steekvlam in de richting van het Centraal Station."

Ze vreesde even voor haar familie. "Iedereen was bang natuurlijk. We zetten de radio op en heel snel kwam het bericht dat er een bom was ontploft in de Hoveniersstraat. Mijn man en mijn ouders werkten daar in de omgeving, maar ik wist niet of ze op het werk waren. Ik probeerde te bellen, maar dat was nog zonder gsm in die tijd natuurlijk. Geen enkele telefoonlijn deed het. Het was allemaal heel beangstigend."

"Ik ben dan zo snel mogelijk naar de buurt gereden en kon nog net het Empire-shoppingcenter binnengaan voor ze alles afzetten. De ravage was enorm. Het leek wel een oorlogsgebied. Alles was kapot, alle ramen hingen uit de gebouwen. Het was heel erg."

Draconische maatregelen

Al snel is duidelijk dat de aanslag gericht is tegen de joodse gemeenschap. Dat leidt tot veel angst en draconische maatregelen, zo vertelt Keysers. "Toen is men begonnen met het plaatsen van die afschuwelijke betonblokken voor synagogen en scholen. De waakzaamheid werd verhoogd. De gebouwen binnenraken werd moeilijker. Alle veiligheidsmaatregelen zijn enorm verscherpt sindsdien."

Bovendien waren de Antwerpse joden het jaar daarvoor al eens opgeschrikt door een bloedige aanval. Een Syrische Palestijn gooit op 20 juli 1980 twee splintergranaten naar een groep joodse kinderen. Er vallen één dode en een 20-tal gewonden.

De toenmalige eerste minister Mark Eyskens noemt de aanslag in de Diamantwijk "duivels en boosaardig". Voor de verantwoordelijkheid wordt in de richting gekeken van de PLO van Yasser Arafat, de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie, maar die ontkent elke betrokkenheid. Niemand eist de aanslag op en de daders worden niet gevonden.

Verdachte gevat in Canada

Decennialang wordt er weinig tot niets gehoord over de zaak. Maar in 2008, 27 jaar na de aanslag, wordt er dan toch een verdachte opgepakt. Canadese speurders arresteren Hassan Naib Diab, een Palestijn met een Libanees paspoort, in zijn huis in Ottawa. Dat gebeurt op basis van aanwijzingen van het Franse gerecht. De Fransen verdenken Diab van betrokkenheid bij een aanslag op een synagoge in Parijs op 3 oktober 1980, een jaar voor de aanslag in Antwerpen.

In de Parijse Rue Copernic was toen een bom ontploft die verstopt zat in de tas van een motorfiets. Vier mensen komen om het leven en er vallen een 20-tal gewonden, vooral toevallige voorbijgangers. De daders kunnen, net als in Antwerpen, ontkomen aan het gerecht.

Diab zou volgens de Fransen deelgenomen hebben aan beide bomaanslagen. De aanslagen zouden het werk geweest zijn van een terreurcel verbonden aan het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina, een Palestijnse organisatie die nog steeds bestaat en door de EU en de VS gezien wordt als een terroristische groep.

"Ik geef de strijd niet op"

De nu 60-jarige Diab (foto onder) was tot zijn arrestatie actief als een gewaardeerd professor sociologie in Canada. Hij ontkent elke betrokkenheid en zegt dat hij het slachtoffer is van een persoonsverwisseling. Diab verzette zich met alle mogelijk middelen tegen een uitlevering aan Frankrijk, maar nu 6 jaar na zijn arrestatie is dat dus toch gebeurd. Zijn laatste beroepsprocedure werd afgewezen door het Canadese hooggerechtshof.

Diab riskeert een celstraf van 30 jaar in Frankrijk, dat hem beschuldigt van moord. Wellicht duurt het wel nog even voor hij voor de rechter komt. De voorbereidingen voor het proces zouden nog zeker twee jaar kunnen duren, zo schrijven Franse media.

In Canada voerden vrienden en medestanders van Diab campagne tegen zijn uitlevering. Zij betoogden op 13 november aan het hooggerechtshof, tevergeefs. Op de blogsite waarop de acties worden bijgehouden, is een statement te lezen van Diab. "Ik geef niet op en blijf hopen dat ik uiteindelijk kan terugkeren naar mijn thuis in Canada en herenigd zal worden met mijn vrouw en kinderen", schrijft hij.

Speurders naar Parijs?

In oktober 2011, 30 jaar na de aanslag, was er nog een grootschalige herdenkingsceremonie in Antwerpen. De vraag is nu of het Belgische gerecht ook actie gaat ondernemen. In principe is het te laat, want de verjaringstermijn in ons land is 30 jaar. Alleen als de wetgever de verjaring naar 40 jaar optrekt, kan het dossier heropend worden.

Diane Keysers benadrukt dat de zaak nog steeds leeft in de joodse gemeenschap in Antwerpen. Ze hoopt dat er een uitzondering gemaakt wordt. "Zo'n zaken zouden niet mogen verjaren", zegt ze. Maar het belangrijkste is voor haar dat de man in de cel blijft, of dat nu in Frankrijk is of in ons land. "Zo iemand mag nooit meer vrijkomen." Het federaal parket en het Antwerpse parket zitten vandaag samen om te zien of ze speurders naar Parijs sturen om Diab te ondervragen.