De olieprijs keldert: goed of slecht voor u? - Guy Janssens

Hoger, lager: de prijs van de ruwe olie gaat al decennia omhoog en omlaag als in een roetsjbaan. Het is alweer veertig jaar geleden dat olie plots een onderwerp van politieke discussie werd: de eerste oliecrisis. Daarvoor was olie er gewoon, in, zo leek het wel, onbeperkte hoeveelheden en tegen een lage prijs.
labels
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Die afgelopen veertig jaar is de olieprijs op en neer gegaan als een jojo. De afgelopen tien jaar was de scherpste schommeling te zien in 2008: net voor de bankencrisis stond de olieprijs op een historisch hoogtepunt van 140 $ per vat. Op een jaar tijd kelderde hij naar een dieptepunt van 40 $. Een betere illustratie van het feit dat de olieprijs rechtstreeks samenhangt met de stand van de economie is er niet.

Wat moeten we nu denken van die lage olieprijs? Is dat goed of slecht nieuws?

Voor de economie in zijn geheel is het goed nieuws. ‘Als die olieprijs een jaar lang op het huidige lage peil blijft dan is dat een winst voor de Belgische economie van 1%’ zegt Jean-Pierre Van Dijk, adjunct secretaris-generaal van de Belgische Petroleumfederatie. Dat is natuurlijk meegenomen in tijden van slabakkende economie. De prijsdaling is natuurlijk het gevolg van het spel van vraag en aanbod: als het kartel van olie-exporterende landen (OPEC) zou beslissen om de oliekraan wat meer dicht te draaien, om het aanbod van olie op de wereldmarkt te verkleinen, dan zou dat een verdere prijsdaling kunnen tegenhouden. Maar dan snijden de OPEC-landen wellicht in zijn eigen vlees, want beperking van de olieproductie betekent dan meteen beperking van de eigen inkomsten van de olieproducerende landen. Een dilemma, dus. De volgende vergadering van de OPEC –landen is over een par dagen, dan weten we allicht meer.

Wat met het milieu?

Goedkope olie is slecht nieuws voor het milieu, ben je geneigd om te denken. Als de prijs aan de pomp daalt zal je makkelijker wat extra-kilometertjes met de auto gaan rijden in plaats van toch maar de fiets of de tram te nemen. Of de centrale verwarming kan best een graadje of twee hoger want de stookolieprijs is toch fors naar beneden gegaan.

Maar de werkelijkheid is ook hier genuanceerder, zegt Matthias Bienstman van de Bond Beter Leefmilieu. Dalende olieprijzen zijn niet noodzakelijk funest voor het milieu. ‘De dalende prijzen bieden ook kansen. Sommige zeer vervuilende projecten in Canada en de VS, zoals de exploitatie van teerzandolie of schalie-olie worden stopgezet omdat het niet meer rendabel is tegen de huidige olieprijzen. Sommige van die projecten hebben een prijs nodig van 95 $ per vat, andere hebben 80 $ nodig om ze gefinancierd te krijgen. We zitten nu onder de 80 $, dus we merken dat de investeringen aan het vertragen zijn’.

Daar komt bij dat auto’s door technologische verbeteringen steeds minder brandstof gaan verbruiken zodat het niet vanzelfsprekend is dat lagere olieprijzen automatisch zouden gaan leiden tot meer verbruik.

Toch is het globale plaatje van het energieverbruik, wereldwijd gezien, niet zo rooskleurig. Globaal blijft het energieverbruik alsmaar stijgen, ondanks alle energiebesparende technologieën. En het grote verbruik komt nog altijd voort van de klassieke energiebronnen: olie, aardgas en zelfs vooral steenkool, de meest vervuilende energievorm van al. ‘Dat steenkoolverbruik komt vooral van China’ zegt Jean-Pierre Van Dijk. ‘Die laten hun centrales nog altijd voor een heel groot deel op steenkool draaien. In Europa wordt steenkool haast niet meer gebruikt om elektriciteitscentrales te laten werken ’.

‘Steenkool is te goedkoop’ zegt Bienstman. Als je het principe ‘de vervuiler betaalt’ toepast dan moet er een CO-2-taks komen om de schade die de uitstoot van steenkoolcentrales veroorzaakt te compenseren. Bovendien moeten de subsidies die worden gegeven voor het verbruik van fossiele brandstoffen worden afgeschaft. Ook bij ons wordt het verbruik van die fossiele brandstoffen nog gesubsidieerd, bijvoorbeeld via de fiscale gunstregimes voor bedrijfswagens.

Trendbreuk

‘Toch zit de grootste groei in de hernieuwbare energiebronnen zon, wind en water’ zegt Bienstman. ‘Er zit een gigantische trendbreuk aan te komen, dus op dat punt ben ik optimistisch’. ‘Europa heeft heel ambitieuze plannen ingediend om de vooropgestelde klimaatdoelstellingen te bereiken’ vult Van Dijk aan.

‘Tussen 1990 en 2013 is de economie met meer dan 40 % gegroeid en toch zijn in diezelfde periode de broeikasgassen met 20 % afgenomen’. Zegt Bienstman. ‘Economische groei is dus mogelijk zonder dat dit automatisch leidt tot een verdere stijging van de CO-2-uitstoot. Op die weg moeten we voortgaan’.

(De auteur is presentator van De Vrije Markt.)