Weyts wil taxidecreet indien nodig aanpassen

Minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) overweegt de regels rond taxidiensten aan te passen om nieuwe concepten zoals Uber in te passen. Nu zouden de vervoersdiensten van Uber bijvoorbeeld wel onder de bestaande regels rond het personenvervoer vallen, maar de app niet. Dat heeft de minister geantwoord op een schriftelijke vraag van N-VA-parlementslid Annick De Ridder. Uit het antwoord van de minister blijkt ook dat de stad Antwerpen al geïnformeerd heeft naar de wettelijke mogelijkheden.

Na de commotie over de intrede van Uber in Brussel, dook gisteren het bericht op dat Brussels Airlines bij zijn kerstcadeaubonnen een voucher steekt van de omstreden taxidienst. Intussen heeft de luchtvaartmaatschappij wel laten weten dat de vouchers niet geldig zullen zijn in Brussel.

In ieder geval bereidt ook Vlaanderen zich voor op de komst van Uber. In antwoord op een parlementaire vraag van Annick De Ridder zegt minister van Mobiliteit Ben Weyts dat hij de evolutie rond Uber opvolgt en "indien nodig" de regels wil bijsturen. De app vindt de N-VA-minister alvast "een logische vooruitgang". "Dit is een moderne vorm van taxicentrale. De taxisector volgt deze evolutie en heeft eveneens dit interessante concept geïmplementeerd", aldus Weyts. Maar binnen de huidige wettelijke context "mogen deze diensten slechts worden aangeboden door vergunde exploitanten".

Wat het vervoer zelf betreft dat Uber aanbiedt, dat valt onder het decreet van 2001 rond de organisatie van het personenvervoer over de weg. Dat decreet regelt de grote lijnen voor het vervoer per taxi in Vlaanderen. Maar het komt wel toe aan de steden en gemeenten, die vergunningen verlenen, om de exploitatievoorwaarden vast te leggen, bijvoorbeeld rond dienstverlening en tarieven.

Volgens Weyts is zijn administratie alvast gecontacteerd door de stad Antwerpen "om de wettelijke bepalingen te overlopen die te maken hebben met die specifieke dienstverlening".

"Innoverende initiatieven zoals Uber plaats geven in wet"

Volgens parlementslid Annick De Ridder moet de wet nageleefd worden, maar moet er eventueel bijgestuurd worden om innoverende initiatieven zoals Uber een plaats te geven. "De reguliere taxisector is weinig innovatief gebleken in haar werking. Een dienst als Uber is dat wel en past dan ook gedeeltelijk binnen de meer moderne manieren van openbaar vervoer, zoals autodelen en deelfietsen", aldus de N-VA-politica.

Volgens haar is er ruimte om de regelgeving te verbeteren. "We moeten nu onderzoeken hoe we het betreffende decreet en de naleving van sociale bescherming kunnen verzoenen met zulke innovatieve concepten", aldus nog De Ridder.