Ik en Filip - Pascale Mertens

Reportages maken in het paleis is helemaal anders dan reportages maken tout court. Dingen die anders normaal zijn, worden plots bijzonder. Zoals het moment dat we in het bureau van de koning stonden, de cameraploeg, anders in jeans, nu in kostuum, de camera in de aanslag, te wachten tot hij zou aankomen. Acht maanden nadat we met dit project gestart waren, mochten we eindelijk binnen in z’n bureau. Spannend!

Hoe zullen we wandelen als hij binnenkomt, om hem niet in de weg te lopen? En onszelf niet in de weg te lopen. Want aan de koning vraag je niet: "Kunt u nog eens binnenkomen?" En dus sprong mijn hart toen z’n auto voorreed. Hij is er! De koning is er. Blijdschap. Ontlading ook. Eindelijk.

De camera, zijn vijand

Het was begonnen met een telefoontje van het paleis, eind januari: "We werken mee aan een reportage voor tv, met de vier grote zenders." Dan volgde een vergadering met al onze wensen en dromen. En dan volgde de realiteit. Een realiteit van vloeken en geduld hebben en loslaten. Maar ik heb het wel zien veranderen. Het werd uiteindelijk ook een realiteit van lachen.

Het moment dat we in de garage van de VRT de twee tandems aan het uittesten waren die we hadden voorzien voor de opnames op Autoloze Zondag. Dat was hilarisch. Ik zou de klankman achterop nemen, regisseur Mark De Visscher de cameraman. Hij had voetjes op de tandem gemonteerd zodat de cameraman alle handen en benen vrij had. Effe een testje, blijven we in balans, kippen we niet om onder het gewicht van camera en klankset? We waren klaar voor een relaxed ritje naast koning en gezin door Brussel, toen we aankwamen op het bordes van het Kasteel van Laken. Het werd een race om de koning bij te houden. Toen hield hij nog niet van de camera.

Romcom in Laken

Niet alles mocht. In het begin mocht er zelfs weinig. Semi-publieke activiteiten, amper vijf minuten. Dan mocht er meer en uiteindelijk waren we bij gesprekken met z’n inner circle, waar we konden horen hoe de koning denkt en werkt. Altijd wel bleven z’n woordvoerders als waakhonden in de buurt, om als het moest de camera’s te stoppen. De camera werd nooit vergeten. Hij bleef lang de vijand van de koning.

Tot bij de laatste opnames met hem, in het park van Laken. Terwijl hij en Mathilde en de kinderen in hun uitgestrekte tuin, op het glooiende gras naast de Koninklijke Serres, tussen ganzen en ruiterstandbeelden en rozengangen, wandelen en spelen en bezig zijn met de hond-op-bezoek, met de bal, met de gevallen blaadjes, met klimmen op ruiterstandbeelden en in bomen. Met als apotheose Filip die een roos in het haar van Mathilde steekt, terwijl we er met onze neus (en camera) op staan. Daar ben ik achterovergevallen van wat kon en mocht. Daar wist ik, we hebben het.

Vragen voor de camera hebben we niet mogen stellen. Dat bleef een brug te ver voor het paleis, gezien alles wat de koning zegt politiek gedekt moet zijn door de regering. Maar hij heeft iets laten filmen dat geen enkel staatshoofd in ons land al heeft toegelaten. Een stukje van hoe hij werkt en denkt en leeft. Ik heb de koning beter leren kennen. Z’n wereld blijft wonderlijk, maar is ietsje dichter gekomen. Al zal filmen op het paleis nooit zijn zoals filmen ergens anders.

Pascale Mertens is VRT-journalist. Koppen Special: ‘Ik, Filip’. om 20.40 uur op Eén.

Meest gelezen