Hongaarse premier wil journalisten en politici op drugs laten testen

Onderwerp alle journalisten en politici jaarlijks aan een verplichte drugstest. Dat is alweer een omstreden voorstel van de Hongaarse premier Viktor Orbán. Orbán wil zo naar eigen zeggen de drugsmaffia in zijn land bestrijden. Critici zeggen dat de premier zijn greep op de media en oppositie nog meer wil versterken, nu zijn populariteit tanend is.

"De drugsmaffia is in ons land een groeiende bedreiging", zei de Hongaarse premier tijdens een interview op de Hongaarse radio. "We moeten daartegen strijden met de meest draconische straffen en procedures."

Volgens Orbán kan die strijd tegen drugs maar geloofwaardig verlopen als ook politici en journalisten getest worden want zij vervullen "een functie van publiek vertrouwen". En dus wil de partij van Orbán in februari een wetsvoorstel indienen in het parlement - waar ze een tweederdemeerderheid heeft - om de verplichte drugstest in te voeren. Een oorspronkelijk plan om ook kinderen tussen de 12 en 18 jaar te testen, zou uiteindelijk niet in het voorstel ingeschreven worden.

"Donkere tijden"

Het is niet de eerste keer dat Orbán de media en oppositie in zijn land viseert. Hij botste daardoor al vaker op kritiek, ook vanuit de Europese Unie.

Ook nu zijn zijn tegenstanders niet te spreken over het voorstel. "Het doet ons denken aan donkere tijden", zegt de voorzitter van de Hongaarse journalistenvereniging. "Als het tot een wet komt, dan komt Hongarije in een erg trieste situatie terecht. Angstaanjagend is het." Anderen zeggen dan weer dat Orbán met het voorstel de aandacht van zijn dalende populariteit wil weghouden.

Het is overigens niet al te ver zoeken waar de Hongaarse premier de mosterd heeft gehaald voor het voorstel. In juli zei hij nog dat hij van Hongarije een "niet-liberale staat" wil maken. Als voorbeeld citeerde hij onder meer het Rusland van Vladimir Poetin.