Slachtoffers krijgen levenslang - Erik De Soir

De terreuraanslagen in Parijs waren niet alleen een aanval op de vrije meningsuiting, maar tevens de zoveelste gebeurtenis die aantoont hoezeer mensen slachtoffer worden vanuit de dodelijke fictie van zuiverheid van geloof. In wat volgt, wordt duidelijk hoe relatief de zuiverheid van dit geloof is en hoezeer slachtoffers toch altijd hetzelfde pad naar herstel moeten aflopen.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Het volstaat om op zoek te gaan naar de wortels van religies, om vast te stellen hoezeer elk geloof opnieuw inspiratie gaat putten uit oeroude verborgen, verdrongen en vaak heidense onderstromen van de mensheid. Mensen blijven echter mensen en het duurt vaak generaties voor de wonden van geweld gelikt worden. In dit opzicht wordt geweld vanuit geloofsovertuigingen alleen nog zinlozer.

Islamitische terreur uit een ander tijdperk

Het is wel zinvol om eerst even terug te gaan naar een gebeurtenis die de eenheid van de Islam als wereldgodsdienst en de heidense onderstroom ervan gedurende een korte episode op pijnlijke wijze in de openbaarheid bracht.

In Verborgen Religies. Universele rituelen en symbolen beschrijft Klaus-Rüdiger Mai hoe in de vroege ochtend van 29 november 1979 de wereld werd opgeschrikt door een terreuraanslag die plaatsvond in het hart van de islamitische wereld. In die periode maakte noch het kapitalistische Westen, noch het communistische Oosten zich druk om deze vorm van nieuw geweld. Wie in het Westen interesseerde zich nu voor moslimterrorisme voor '11 september'?

Honderden jonge kerels hadden in een drieste actie het heiligste heiligdom van alle moslims bezet, de Kaäba in het binnenhof van de heilige moskee in Mekka. De belagers droegen toen reeds allemaal een lange baard en hun djalaba’s hadden ze tot boven de enkel ingekort , net zoals de Vriend van Allah, Mohammed, dit gewaad zou hebben gedragen. Ze noemden zichzelf ihkwan (broeders). Meer dan 50.000 bedevaartgangers die de pech hadden op dat moment op de binnenhof van de moskee te zijn, bevonden zich in de macht van de terroristen die talloze slachtoffers maakten.

Dit gebeuren vond plaats in een tijdsgeest waarin nog geen systematische aandacht bestond voor de psychologische opvolging van slachtoffers van dit soort misdaden. De signaalwerking waarop de ‘broeders’ gehoopt hadden, bleef uit en rechtsgeleerden kondigden uiteindelijk een fatwa af, een gerechtelijke goedkeuring die het de Saoedische koning Khaled bin Abdoel mogelijk maakte met geweld het heiligdom te ontruimen. Uiteindelijk slaagde men erin de bezetters met hulp van Franse experts in terreurbestrijding te overweldigen. Reeds toen waren de Fransen, met hun historiek vanuit de voormalige kolonie Algerije, betrokken bij terreur. Bij deze historische aanslag verloren 26 gegijzelden, 127 soldaten en 177 bedevaarders het leven en raakten ruim 600 mensen gewond.

Cijfers waarbij de recente aanslagen op Parijs verbleken. Op 8 januari 1980 werden de 63 ihkwan die de Saoedische militairen levend in handen waren gevallen in diverse steden in Saoedi-Arabië in het openbaar onthoofd.

Oeroud

Deze episode, die de geboorte van de terroristische islam inleidde, lijkt inmiddels al lang vergeten. Veel minder bekend nog is het gevolg van wat toen aan het licht kwam: in de door de strijd beschadigde vloer van de Kaäba doken namelijk uit de diepte van de tijd plotseling de beelden van voor-islamitische goden op: 360 devotieobjecten, in de vorm van heilige stenen en beeltenissen, die op deze ‘heilige plaats’ reeds vereerd werden van voor de dag waarop Mohammed de Kaäba het hoogste heiligdom voor zijn Ene God, Allah, had gemaakt.

Het doden in naam van een God, wordt nog zinlozer als we beginnen beseffen hoe elke religie op zich achterhaald wordt door de vaak goed bewaarde geheimen die terugvoeren naar oeroude gebruiken en rituelen die samenhangen met oeroude geloofsvoorstellingen van de mensheid.

Deze massale gebeurtenis bleef als collectieve urgentie echter grotendeels onbeheerd. Geen wereldwijde respons. Geen roep op bezinning vanuit de samenleving. Geen langdurige psychologische hulpverlening in een periode waarin de posttraumatische stressstoornis niet eens bestond.

De fasen van een collectieve urgentie

Het tijdperk waarin wij leven, geeft gelukkig veel meer aandacht aan getroffenen van plots geweld dat traumatiserend kan inwerken op de getroffenen. Elke collectieve urgentie waarbij doden en gewonden vallen, volgt een min of meer gelijkaardig verloop.

In een eerste moment, nadat er doden en gewonden te betreuren vielen, is er een fase van outcry. De wereld schreeuwt het uit van ongeloof en de gemeenschap reageert vanuit een schok en verbijstering die de tijd even sidderend doet stilstaan. Hoe meer geweld intentioneel gericht wordt op onschuldige getroffenen, hoe moeilijker de verwerking zal zijn.

Onmiddellijk hierna komen er verslagen van ongeziene moed en opoffering. De huidige overmatig gemediatiseerde omgeving biedt hier een uitgebreid verslag van. Mensen hebben nood aan helden die unieke prestaties in uitzonderlijke momenten leveren. De getroffen gemeenschap bundelt de krachten en komt op straat. Nooit meer ditzelfde en samen sterk boodschappen worden de wereld ingestuurd.

De solidariteit kent plots geen grenzen meer, miljoenen mensen komen op straat, wereldleiders op kop, arm in arm. Allemaal staan we plots voor dezelfde boodschap. Die klinkt nu: Je suis Charlie.
Een soort honeymoon maakt zich meester van een anders zo verscheurde en verdeelde samenleving en een nieuw soort hoop steekt de kop op. Even kunnen we ons opwarmen aan de reactie van onze medemens. De compassie is niet dood. Een voor allen en allen voor een. Zelfs getroffenen en hun familieleden voelen zich omringd en omarmd door de hele wereld en trekken zich daaraan op in hun moeilijkste momenten.

Gaandeweg verstomt deze beweging echter opnieuw en maakt de moed der wanhoop plaats voor een ontgoocheling en ontnuchtering. De samenleving is echter maar wat ze is. We kunnen vaak niet beter als mens. Op straat komen, het onrecht uitroepen, hopen op een nieuwe wereldorde en… terug overgaan naar de orde van de dag. Dat zou menselijk zijn. Wie gaat deze dan slachtoffers helpen?

CUMP: Cellules d’Urgence Médico-Psychologiques

Frankrijk heeft jammer genoeg reeds jarenlang ervaring met terreuraanslagen. Op 25 juli 1985 vond een drieste aanslag plaats, uitgevoerd door de GIA (Groupe islamique armé) op het station Saint-Michel van de RER. Op vraag van de toenmalige Franse president werd Generaal Louis Crocq – militair hoofdpsychiater en stichter van de Association de Langue Française pour l’Etude du Stress et du Traumatisme (ALFEST), waarvan de auteur van dit stuk gedurende ruim tien jaar ondervoorzitter was – gevraagd om een model uit te werken om de getroffenen van deze terreuraanslagen bij te staan in hun emotionele en psychologische doorwerking.

Het CUMP netwerk is inmiddels breed vertakt in Frankrijk en het is te hopen dat ze de voldoende middelen krijgen om alle families die nu rouwen, of de slachtoffers die hun basiszekerheden jarenlang kwijt zijn, gepast te begeleiden in de nasleep van de recente aanslagen in Parijs.

De massale aandacht zal weldra terug verstommen. De patrouillerende militairen en politiemensen zullen binnen afzienbare tijd terug overgaan naar de normale routine, terug naar de kazerne, maar het leven van rechtstreekse getroffenen is voor vele jaren uit evenwicht.

Outcry. Honeymoon. Herstel. De slachtoffers zullen deze klassieke beweging opnieuw doorleven, maar de heropbouw van hun levens zal tijd, aandacht en de beste zorg vergen. Het zal tijd vergen om de gekleurde medemens met zijn vast geloof opnieuw een plaats in de samenleving te gunnen en te vertrouwen.

De politieke recuperatie en de maatschappelijke hysterie riskeren van korte duur te zijn. Zo was het destijds ook met de Witte Beweging in ons land. De beleving van deze gebeurtenissen geven de getroffenen echter levenslang. Dit mogen we nooit vergeten.

(Erik De Soir is traumatherapeut.)

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.