Ziekteverzuim bij politie licht toegenomen

Het ziekteverzuim bij de verschillende politiediensten is de voorbije vier jaar licht gestegen. De politie doet het hiermee iets minder goed dan de privésector. Zo blijkt uit het antwoord van minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) op een vraag van CD&V-Kamerlid Franky Demon. "Een agent heeft een stresserende job. De werkomstandigheden zijn immers niet alledaags. Ik kan me voorstellen dat ze te kampen hebben met zowel fysieke letsels als stress. Dit kan zeker en vast een oorzaak zijn van afwezigheid", stelt Demon.

Bij de lokale, federale en geïntegreerde politie was er in 2014 een afwezigheidspercentage wegens ziekte van iets meer dan 7 procent. De lokale politie (7,22 procent) doet het iets minder goed dan de geïntegreerde (7,16 procent en de federale (7,04 procent). In 2011 lag het gemiddelde afwezigheidspercentage op 6,7 procent. Het sociaal secretariaat Securex becijferde dat het ziekteverzuim in de privésector ruim 6 procent was.

Een ziek personeelslid van de federale politie was in 2014 gemiddeld 18,5 dagen afwezig, bij de lokale politie ging het om 19 dagen. In vergelijking met 2011 blijft een lid van de federale en lokale politie respectievelijk één (17,4 dagen in 2011) dan wel anderhalve dag (17,5 dagen in 2011) langer thuis.

Terwijl het aantal controles door de arbeidsgeneesheer ongeveer gelijk (zo'n 6.600) bleef, steeg het aantal onterechte ziektemeldingen van 61 in 2011 naar 108 in de eerste tien en een half maanden van 2014. Het aantal twijfelgevallen nam nog forser toe van 137 tot 302. In de tussenliggende jaren lag het aantal controles boven de 8.000 en liepen ook beduidend meer agenten tegen de lamp: 184 in 2012 en 151 in 2013.