Hebben "ze" (werkgevers en regering) het begrepen? - Marc Leemans

Deze week raakte het sociaal overleg in een stroomversnelling. Maandag 13 januari was er al een gesprek met de werkgevers binnen de Groep Van 10. Op 15 januari volgde dan een cruciaal contact met de regering. Voor sommige waarnemers al meteen gelegenheid om een balans op te maken. Om winnaars van verliezers te scheiden. Een behoorlijk onzinnige oefening, haaks op de geest van echt overleg. En los daarvan, vooral ook zeer voorbarig.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Want het echte werk is pas begonnen, de komende weken moeten een eerste reeks dossiers hun beslag krijgen. Daarna kan pas een eerste tussentijds bilan opgemaakt worden. En zal duidelijk zijn hoe het sociaal overleg uit de stroomversnelling is gekomen. In afwachting gids ik langs enkele kolken en rotsen onder de waterlijn die de sociale partners en regering wachten.

Pensioenen en uitkeringen

De enveloppe welvaartsvastheid moet uitkeringen en pensioenen een inhaalbeweging tegenover de gestegen welvaart laten maken. Los van de index. Deze enveloppe moet om de 2 jaar verdeeld worden.

Voor Kerstmis leek het een evidentie dat bij het budget van de enveloppe ook nog 127 miljoen zgn. “sociale correctie indexsprong” zou komen en dit al vanaf 2015. Inmiddels kregen we te horen dat die 127 miljoen voor later is, omdat de indexsprong ook pas later effect sorteert. Hoeveel is er dan wel? Dat kregen we op 15 januari van de regering te horen: 391,5 miljoen euro voor 2015 en 307,2 miljoen bijkomend in 2016, dus op kruissnelheid 627,2 miljoen euro. Dit budget houdt in zijn berekening geen rekening meer met de kinderbijslagen. Die zijn overgegaan naar de gewesten. Zodat we voor 2015-2016 voor de werknemers maar 87% van het wettelijke budget krijgen i.p.v. 100%, zoals de regering blijft rondstrooien.

Op 15 januari kregen we dus te horen dat de sociale partners de ganse 627,2 miljoen zelf mogen invullen. Al vraagt de regering wel rekening te houden met de oriëntatie van het regeerakkoord. Dat betekent dat we zoveel mogelijk moeten optrekken richting Europese armoedenormen. Ook vraagt de regering om geen inactiviteits- of werkloosheidsvallen te creëren. Maar dat is niet nieuw, want staat al in het huidige wettelijke kader als randvoorwaarde.

Al is die herhaling niet neutraal, het vertolkt de weerstand bij de drie liberale regeringspartijen tegen de verhoging van de werkloosheidsuitkeringen. Zelfs als het gaat over de minima en de forfaits in de werkloosheid. Nu, de oriëntatie in het regeerakkoord om prioriteit te geven aan de laagste uitkeringen helpt wel. Omdat de laagste uitkeringen van de sociale zekerheid precies in de werkloosheidsverzekering zitten.

Marge voor CAO-onderhandelingen?

De komende weken gaan de sociale partners ook onderhandelen over de loonmarge. Inmiddels hebben we het technische verslag van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) met twee centrale elementen. Enerzijds de bruto loonkloof voor 2014, herleid tot 2.9%. Anderzijds een ingeschatte brutoloonkostontwikkeling bij de buurlanden voor 2015-2016 van 4.7%. Als je die vermindert met 0.3% indexering in België (gezien de indexsprong), rest nog 4.4%. Te herleiden tot 3.5% als we voorzichtigheidshalve een ruime foutenmarge hanteren van 0.9%.

Beide cijfers houden wel geen rekening met tal van andere factoren: de loonsubsidies in België, de evolutie van de loonsubsidies in de buurlanden, de bijkomende patronale lastenverlaging van 960 miljoen in 2016, te vermeerderen met de minstens 450 miljoen die er bijkomt in 2019.

Het technische verslag toont dus dat er marge is voor onderhandelingen. Wat dan de vraag oproept waarvoor die indexsprong per se hoeft. Vraag die je ook almaar meer vanuit werkgeverskringen hoort. Maar niet vanwege de interprofessionele werkgeversorganisaties. Integendeel, die proberen dat technische verslag nu snel weg te moffelen, door te zwaaien met 16.5% absolute loonkloof uit het expertenverslag van eind 2013. Onder de mat vegend dat dit een cijfer is dat slaat op 2010 én vooral dat dit nog gecorrigeerd moet worden voor productiviteitsverschillen, waardoor de kloof vermindert tot een 3,1% in 2010. Want ook dat haal je uit dat expertenverslag, zij het een paar tabellen verder.

De Groep van 10 had over die loonmarge op 13 januari een eerst bespreking, zij het eerder over werkmethode en timing. Waarbij de werkgevers voor het eerst de opening maakten om toch over een marge te onderhandelen. Vraag was echter of de regering zou volgen. Want staat niet in het regeerakkoord dat er bovenop de indexsprong ook een nieuwe loonstop zou komen voor 2015-2016? En eventueel zelfs langer, als de loonkloof daarmee nog niet is weggewerkt? Op dat vlak neemt dat regering nu gas terug. Op 15 januari kregen we te horen dat de sociale partners een marge mogen onderhandelen. Maar dat moet snel gaan: tegen 31 januari.

Opleiding, jobs, innovatie

Maar concurrentiekracht en werkgelegenheid (ja, dat is ook een onderdeel van de wet van 1996) is veel meer dan looncompetiviteit. Zo moet er een alternatief komen voor de opleidingsinspanningen van ondernemingen. Het regeerakkoord spreekt nu van een afdwingbare opleidingsverplichting voor werkgever en werknemer. Maar we hebben nog totaal geen idee waar de Minister van Werk, laat staan de regering, naar toe wil.

Zoals het ook goed zou zijn duidelijkheid te krijgen over de innovatie-cao’s. Dat is een nieuwe verplichting, maar zonder enige sanctie. Met daarbij de volgende vraag: innovatie werd een tijd terug een overlegthema. Maar welke zin heeft het om daar een cao-thema van te maken.

Pensioenhervorming

De regering nam, ook via de Programmawet, reeds een beperkt aantal maatregelen, waaronder de afschaffing van de pensioenbonus. Maar de zwaarste hervormingen moeten nog komen. In overleg met de sociale partners, werd aangekondigd. Zoals het expertenrapport over de pensioenhervorming ook voorschrijft.

De regering gaf nu op 15 januari te kennen daartoe een Nationaal Pensioencomité te willen installeren vanaf april. Die dan bij voorrang en nog dit jaar twee dossiers moet aanpakken: afwijkende regelingen voor zware beroepen enerzijds en halftijds pensioen anderzijds. Zullen we lijsten van zware beroepen moeten maken? Of doen we er beter aan generieke criteria te bepalen? Van het soort dat vandaag al bestaat voor SWT. Zoals we bijvoorbeeld dit vragen voor werknemers die in extreme koude werken. De pensioenwerf start dus in april.

Fiscale rechtvaardigheid

Vakbonden en middenveld hebben de regering en de werkgevers de voorbije maanden ook voor een aantal voldongen feiten kunnen stellen: geen evenwicht in de sanering, geen fiscale rechtvaardigheid, geen tax shift en geen vermogenswinstbelasting. Integendeel, we becijferden dat er momenteel een omgekeerde tax shift is gepland. Weg van vermogen, ten belope van minstens 766 miljoen!

En dan gebeurden er eigenaardige dingen. De N-VA begon de vermogenswinstbelasting te omhelzen. Met van de weeromstuit een tegenreactie van MR en VLD. Het VBO wijsteen tax shift ook niet meer af, maar tracht de zaak wel te minimaliseren tot een belasting op slechts speculatieve meerwaarden. Met navenante tegenreacties vanuit de beleggerswereld, die ook dat niet zien zitten. En dus een eerste barstje in het front van bedrijfs- en beleggerswereld.

En dus was het afwachten wat de regering zou presenteren aan de sociale partners op 15 januari. Of ze in staat was met iets te komen. De regering kwam met de belofte een grote fiscale hervorming voor te bereiden. Met daarbinnen een substantiële tax shift van arbeid naar “andere inkomensbronnen”. En met eerste effecten in 2015-2016. Hierin zit een zekere vaagheid, ja. Maar het dossier ligt wel op tafel. Richting een tax shift. En kennelijk met de bedoeling al eerste eieren te breken in maart, al dan niet samen met de begrotingscontrole. Wait and see, zullen sommigen zeggen. Neen, wachten en we-zullen-wel-zien, is voor ons niet aan de orde. We gaan dag na dag druk blijven zetten. Alleen al om te vermijden dat men het toch weer zal zoeken in de richting van de consumptiefiscaliteit. Dat men de kleinste ‘vermogens’ gaat aanspreken. Dat men nieuwe fiscale douceurtjes voorziet voor wie slapend kapitaal activeert. Dat het een symbolische bijdrage wordt.We zullen de regering blijven herinneren aan haar belofte de sociale partners te informeren over de voortgang op dit terrein. En we zullen de uiteindelijke tax shift beoordelen op de noodzakelijke eigenschappen : rechtvaardig, doelmatig, eenvoudig en stabiel.

De balans?

Al die overlegthema’s hebben hun eigen dynamiek. Een aantal daarvan kunnen uitmonden in een interprofessioneel Akkoord (IPA). Andere moeten hun beslag krijgen via de regering. Al staat het ene uiteraard niet los van het andere. Het voorjaar zal het uitwijzen.

Zeggen dat de werkgevers het begrepen hebben, is wat voorbarig. Maar het valt op dat het er iets constructiever aan toe gaat. Kennelijk zijn ze toch wat onder de indruk van de mobilisaties van het najaar. Maar of dat zo blijft, dat gaan we nog zien.

Zeggen dat de voltallige regering het heeft begrepen, is al even voorbarig. Zeer harde beslissingen rond tijdkrediet, eindeloopbaan, beschikbaarheid, de kwalificatievereiste voor inschakelingsuitkeringen,… liggen nog veel te sterk op de maag. Maar je kan er niet omheen dat de regering nu toch anders praat dan voorheen. Dat ze het sociaal overleg en alle sociale partners eindelijk met iets meer sérieux bejegent. Dat ze vandaag marges laat die voorheen onbespreekbaar waren. Dat ze eindelijk inziet dat ze voor meer fiscale eerlijkheid en rechtvaardigheid moet zorgen.

Voorzichtig optimisme is gewettigd, strikte waakzaamheid blijft geboden. En daarom zullen we snel een eerste evaluatie maken, na die eerste maand van overleg. Maar op dit moment is het vooral zaak om alle energie te investeren in overleg. Vooruitlopen op de resultaten van dat overleg en van voorgaande vakbondsacties, daarvoor is het vandaag nog veel te vroeg. Maar het is duidelijk: de resultaten zullen bepalend zijn voor verdere sociale vrede.

(Marc Leemans is voorzitter van het ACV.)

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.