Hooligans: Een voetbalfan lucht zijn hart - Peter Decroubele

Het was een triest hoogtepunt van enkele incidenten met hooligans de voorbije weken. De Fontana della Barcaccia op de Piazza di Spagna in Rome moest er vorige week aan geloven. Of kreeg toch minstens enkele rake klappen. Flessen werden er tegenaan gegooid, het water van de fontein was één grote vuilhoop en een vuurwerkbom bekladde het scheepje dat vader en zoon Bernini ontwierpen, pakweg 400 jaar geleden. Een metafoor voor hoe hedendaagse dwaasheden confronteren met esthetiek en waarden en normen van alle tijden. Is hooliganisme eigenlijk uit te roeien? Ik vrees ervoor.

De voorbije weken hebben enkele daden van “supporters” de internationale media gehaald. Precies kort na elkaar, precies veel tezamen, een mens zou denken dat het hooliganisme weer in opgang is. Denken we maar aan de oproer van fans van Lierse na een zoveelste slecht resultaat van hun ploeg. De match tegen Standard was nog maar begonnen of met rook en vuur en scheldpartijen werd het beleid van de farao van de club, Mahed Samy, op de korrel genomen. Of denken we maar aan de tifo met daarop een onthoofde Steven Defour, een hoogst subtiel en verfijnd presentje van de Standard-fans richting de vijand uit Anderlecht. Werd wereldnieuws. Of de 22 doden bij rellen in de Egyptische hoofdstad Caïro, al had dat vooral te maken met gebrekkige veiligheidsmaatregelen. En daar was het nog geen drie jaar geleden dat er eens meer dan 70 fans het leven lieten. Voor ochgot, ochhere een voetbalmatch.

En afgelopen weekend was er nog de “slag van Vlaanderen”, de gezwollen term, die een duel tussen AA Gent en Club Brugge aanwijst. Een duel tussen twee ploegen uit trotse steden die ooit, eeuwen geleden, wel eens in de strijd durfden liggen. Nu beperkt de strijd zich tot een gevecht om de bal. Alhoewel, zaterdag, een dag voor de match, moesten enkele heethoofden al hun damp uit hun hersenpan kwijt door elkaar uit te dagen én door de politie te belagen. Het raakte allemaal nogal snel opgelost, maar het was wel gebeurd.

Spiegel?

Enkele dagen dus nog maar na de Feyenoord-fratsen in Rome, die zowaar zelfs bijna tot een diplomatiek incident leidden. De Italiaanse premier Renzi die “Scusa” wilde van Feyenoord, iets wat er nooit echt is van gekomen. Spijtig. De Nederlandse premier Mark Rutte die afstand doet van het gedrag van zijn landgenoten, net als de Oranje-ambassade in Rome. Enfin, het merendeel van de mensen walgde van de daden van het Feyenoord-legioen. Omdat het merendeel van de mensen nu eenmaal ook normaal en decent en beleefd is. In de rand: het hoofd van de supportersverenigingen van Feyenoord die “het jammer vindt dat een monument in Rome is beklad, maar ja, Rome is nu eenmaal één groot monument”. Idiotie en leeghoofdigheid zijn nu eenmaal een ideale voedingsbodem voor barbarisme en wandaden.

Denk maar aan enkele leeghoofden uit Chelsea-rangen die iemand de toegang tot een metrostel ontzeggen omdat hij zwart is. En dan nog balorig en luid zingend trots zijn op hun racisme. Mooi gecounterd enkele dagen later door fans van Werst Ham die dan net een zwarte op de metro uitnodigen. Mooi, simpel en doeltreffend. Zuur met zoet bestrijden. Soortgenoten die elkaar een spiegel voorhouden, misschien is dat wel dé remedie?

Tropisch?

Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat het supportersklimaat dezer dagen weer wat tropischer is geworden. Dat zal wel grosso modo cyclisch zijn. Zoals de politiek, het weer, de economie en het niveau van een topclub in de voetbalcompetitie. Heel wat schommelingen, heel wat slingerbewegingen zijn vaak moeilijk wetenschappelijk te duiden, maar doen zich nu eenmaal voor. Maar toch. Heeft het te maken met een internationaal verstoord veiligheidsgevoel? Werkt dat in op de psyche van de voetbalsupporter?

De tifo van Standard zeker wel. In die zin kan je de duizenden en duizenden Feyenoord-fans die thuis zaten vorige week zelfs een beetje vergelijken met het IS-verhaal. Een minderheid van de minderheid is geradicaliseerd en “verkloot” het boeltje voor de overgrote meerderheid. Ook al door de invloed van Demon Alcohol.

Eén wandaad is genoeg om duizend goede initiatieven te doen vergeten. Tientallen fans hebben een spoor van vernieling getrokken, duizenden anderen moeten deemoedig en met het hoofd gebogen toekijken. En zich diep diep schamen voor hun soortgenoten.

Onderlaag

Sociobioloog Desmond Morris schreef ooit een fantastisch lijvig werk, “The Soccer Tribe”, waarin hij het voetbal vergelijkt met het dierenrijk en met de “survival of the fittest”. Waarin het voetbal inderdaad wordt bevolkt door haantjes, oorlogszucht, overwinningsdrang en gemankeerd gedrag. Ik vrees dat we sommige fans nu eenmaal moeten herleiden tot wezens van vlees en bloed met een beperkt areaal en een basispakket aan sociaal conform gedrag. Een onderlaag. En pas op, hooligans zijn niet per definitie “basse classe”. Soms integendeel, je wil de monden niet voeden van de hooligans die op maandag strak in het pak de ideale werknemer spelen. Of die zelfs een voorbeeldfunctie hebben. Ik ken er zelfs enkele persoonlijk, maar we gaan daar niet verder op in. Het komt voor in de beste families, laat het ons daar op houden.

Laat het ons houden op een sociaal mankement. Een nood aan een uitlaatklep. Een ventiel dat frustratie moet laten ontsnappen. De psyche van de hooligan is voer voor heelder kolonnes psychologen. Onbedwingbaar en niet in één vak af te zonderen.

Daar net ligt een intens zware taak voor clubs en bonden en organisaties. Al te vaak wordt hooliganisme vanuit onmogelijke hoeken bestreden. Je moet al een wereldgoal maken om raak te treffen. Ik pleit ervoor dat hooligans op drie duidelijk bepaalde en beredeneerde niveaus worden bestreden.

Individu, club en bond

Eerst en vooral is een directe, strikte juridische aanpak op individueel niveau nodig. Wat vorige week is gebeurd in Rome bijvoorbeeld. Direct werden de daders bestraft, kort gehouden, het land uitgezet en bestraft met torenhoge boetes. Een justitie moet klaar zijn om dergelijk geweld snel en in kortgeding aan te pakken. Binnenlandse Zaken, politie, noem het op. Zij moeten kunnen straffen.
In die zin moet ook een club haar verantwoordelijkheid nemen en fans het stadion uitzetten, desnoods voor lange tijd. Lijkt te zijn gebeurd ook bij de Standard-tifosi. Een tweede rechterlijke partij als het ware die er kort op zit en deviant gedrag bestraft. Kuis in uw groep pappenheimers, of de parabel van de rotte appel;
Maar vooral ook ligt er een grote rol klaar voor de nationale voetbalbonden en de supranationale organisaties à la UEFA en FIFA. Al te vaak staan ze nog ver van het hooliganisme en het supportersgeweld omdat ze te veel bezig moeten zijn met de uitmesting van hun eigen stal, met marketing en centen verdienen en met handel en wandel op “hogere niveaus”. Vaak te ver van de voetbalwerkelijkheid. En gratuit geweld hoort daar nu eenmaal bij. Van grote bonden verwacht je grote lijnen, grote beslissingen die als een cascade kleinere bonden en clubs bedruppelen. Want het individu, de fan, de supporter, het heethoofd, het “krapuul” zal zelf geen norm, geen lijn bepalen. Dat zou pas een psychologische rariteit zijn.
Hoe dan? Vaardig algemene regels uit om hooliganisme te bestrijden en vooral… raak hooligans in hun hart. Hun club dus. Feyenoord zou nu eigenlijk moeten uitgesloten worden van de competitie. Enkel dan kan je een fan raken. Enkel dan kan je een club verplichten supporters op te voeden en te controleren. Straf de club en alle geledingen trillen mee. Weer de club van “grote matchen” en het risico op grote conflicten daalt evenredig. Hard en rechtuit, maar -al vaker bewezen- ook doeltreffend.

Indijken en bestrijden

Kan je hooliganisme eigenlijk weren? Neen. Zeker van. Criminaliteit is van alle tijden, rangen, standen en leeftijden en ook deze keer zal het zo blijven. Maar er is stilaan weer een ijzeren hand nodig die alles weer tot een minimum herleidt. Geen taferelen meer zoals in Caïro. Of zoals het Heizeldrama, bijna 30 jaar geleden. Of zoals netten achter doelen zoals het in Engeland (en bij ons) zo lang het geval was. Het is al te lang goed gegaan en incidenten werden als uitzonderingen bekeken. Fout.

Voetbal is te mooi om te laten bekladden. Voetbal is oorlog, ja. In de betekenis die Rinus Michels er ooit aan gaf. Niet in de betekenis van strijdende spionkoppen met foute voormannen. Voetbal is de belangrijkste bijzaak van de wereld, ja. Maar mag niet overwoekerd worden door randfenomenen die de bijzaak ontstijgen.

Dus is het uitkijken naar de bestrijding van supportersgeweld in de wetboeken en de gerechtsgebouwen van elk land. Want hooliganisme is en blijft van overal en lijkt internationaal weer draagkracht te hebben. Het is het hopen op een geest van bestraffing en repressie bij politie én bij de clubs zelf. Wie zich niet gedraagt, vliegt eruit. En de (al dan niet grote) voetbalbonden moeten mee de lijnen uitzetten om geweld in te dijken en clubs waar nodig uit te sluiten. Is dit een pleidooi voor totale repressie? Deels wel. Regels zijn nodig om een faire wedstrijd te hebben. Gele en rode kaarten hebben hun nut bewezen. Maar blijven nu al te lang in de zakken van de vele scheidsrechters. Aan jullie, rechters, clubs en bondsvoorzitters!

(Peter Decroubele is sportliefhebber en journalist bij VRT nieuws.)

lees ook