"Boodschap De Croo correct, maar tenen zijn lang in Congo"

Wat minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo (Open VLD) vorig weekend heeft gezegd in Congo, is correct, maar hij heeft weinig rekening gehouden met de gevoeligheden in het land. Dat is de analyse van professor en Afrikaspecialist Filip Reyntjens (UA) en David Van Reybrouck, auteur van de bestseller "Congo. Een geschiedenis". Vooral in de Franstalige pers was er veel commotie ontstaan over zijn toespraak.

Van Reybrouck ziet het "als iets ritueels" dat de uitspraken van een nieuwe bewindspersoon die voor het eerst vanuit België naar Congo gaat opgepikt en opgeblazen worden. "Wat hij zei, is waar, maar de tenen zijn er lang", iets waar De Croo zich als minister van Ontwikkelingssamenwerking bewust van had moeten zijn.

"De situatie die we nu hebben, met arrestaties, willekeur van Justitie, mobiel internet en sms-verkeer dat onderbroken wordt, is niet oké", zei De Croo afgelopen weekend. Tegelijk zei hij een actievere relatie met het Centraal-Afrikaanse land te willen. "Er moet de mogelijkheid zijn om vrank en vrij te praten."

Professor Reyntjens heeft het over "een correct verhaal, dat verkeerd gebracht is". “De Croo had beter eerst gezegd wat hij positief vindt, namelijk dat het parlement zijn staart heeft ingetrokken en dat de paragraaf over de volkstelling geschrapt is. De presidentsverkiezingen zullen voor eind 2016 plaatsvinden." Aan deze positieve boodschap had De Croo zijn kritische opmerkingen kunnen toevoegen. En De Croo had daar kunnen aan koppelen "dat wij (België) klaarstaan om jullie (Congo) te helpen".

Reyntjens vindt dat De Croo met twee maten en met twee gewichten werkt. "In tegenstelling tot wat hij zegt, heeft De Croo zich in Burundi en Rwanda niet op dezelfde manier publiek uitgedrukt, terwijl de mensenrechtensituatie in Rwanda nog oneindig veel slechter is". Reyntjens vindt wél dat de inhouding door België eind vorig jaar van de zogenoemde "incitatieve tranche" (40 miljoen euro ontwikkelingshulp die een verbetering van de mensenrechtensituatie in Rwanda moest belonen) een sterk signaal is geweest.

"Hoe hulpvaardig zijn zonder paternalistisch te zijn?"

Volgens Van Reybrouck (foto in tekst) is de kernvraag: Hoe vullen we nationale soevereiniteit in? "Ook België, als deel van een geglobaliseerde wereld, staat een deel van zijn soevereiniteit af, want we worden gecontroleerd door allerlei Europese instanties. Er is altijd onderlinge afhankelijkheid tussen landen. Vrijuit spreken moet dus kunnen, zonder vernederend te zijn. Het is altijd naar een evenwicht zoeken."

Het is een vraag waar elk westers land volgens Van Reybrouck mee worstelt. "Hoe kunnen we hulpvaardig zijn zonder paternalistisch te zijn? Wanneer je niets doet, krijg je verwijten naar je hoofd, maar wanneer je wel iets doet, ben je plots betuttelend." Balanceren op een dunne koord dus. Maar enkel nog met het Congolese middenveld praten is volgens Van Reybrouck ook niet de juiste optie. "In Congo moet ook de overheid heropgebouwd worden. Wanneer de beste ambtenaren het overheidsapparaat verlaten, krijg je daar ook een interne brain drain."

"Inhoudelijk heeft De Croo gelijk", besluit Van Reybrouck. "Maar de vraag is of hij de deur open krijgt of op slot doet? Ik vrees dat laatste, met Kabila dan toch. Hij zit in een zetel. Hij heeft De Croo nodig om verkiezingen te organiseren, maar als hij ze niet wil financieren, kan Kabila nog langer aan de macht blijven. Als de deur dichtgaat, is dat goed voor Kabila, maar slecht voor Congo."

Maar doordat De Croo zijn boodschap nog relatief zacht verpakt heeft, verwacht Reyntjens niet meteen grote gevolgen voor de verhouding tussen België en Congo.