Argentijnse president lijkt de dans te ontspringen

In Argentinië heeft een rechter de zaak tegen president Cristina Fernandez de Kirchner onontvankelijk verklaard. Fernandez was door de openbare aanklager in verdenking gesteld wegens betrokkenheid bij een doofpotoperatie, maar volgens de rechter is het dossier van het openbaar ministerie te mager om een rechtszaak te rechtvaardigen.

Volgens de openbare aanklager heeft Fernandez het onderzoek naar een bomaanslag tegen een Joods centrum in de hoofdstad Buenos Aires uit 1994 gedwarsboomd. De verdenking ging in de richting van Iraanse diplomaten. De president zou hebben gepoogd zou hebben om dat onderzoek in de doofpot te stoppen in ruil voor Iraanse olie, wat ze formeel ontkent.

Het onderzoek werd gevoerd door openbaar aanklager Alberto Nisman, die vorige maand in onduidelijke omstandigheden is overleden. Nogal wat Argentijnen zien daar de hand in van de autoriteiten, maar volgens president Fernandez was een en ander net bedoeld om haar regering te destabiliseren. 

Aanvankelijk had de president aangegeven dat Nisman zelfmoord had gepleegd, maar enkele dagen later kwam ze terug op die verklaring. De precieze doodsoorzaak van Nisman is tot op vandaag niet bekend.

Hoe dan ook heeft de hele affaire de reputatie van de machthebbers in Buenos Aires geen deugd gedaan. De aanslag van 1994 is nooit opgeëist, laat staan opgehelderd. In verband met de zaak zit ook oud-president Carlos Menem achter de tralies wegens inmenging in het onderzoek.