Nationaal Museum van Irak gaat na 12 jaar weer open

Het Nationaal Museum van Irak is vandaag officieel heropend. Het museum in de hoofdstad Bagdad was twaalf jaar lang dicht nadat er hevig was gevochten en vooral geplunderd tijdens de oorlog van 2003. De heropening komt niet toevallig zo kort na de verwoestingen van eeuwenoud erfgoed in Mosul. "Ze is een reactie op de criminele daden van IS."

Het museum in de Iraakse hoofdstad Bagdad herbergt een van de belangrijkste archeologische collecties ter wereld. Tijdens de Irak-oorlog van 2003 kreeg het museum het zwaar te verduren.

Hoewel sommige stukken al voor de oorlog in veiligheid waren gebracht, werden grote delen van de immense collectie geplunderd na de val van Saddam Hoessein. Sommige plunderingen waren professioneel georganiseerd.

Jaren later doken artefacten op in Europa en de VS, in Jordanië en zelfs op eBay. Intussen is bijna een derde van de 15.000 gestolen kunststukken opgespoord en teruggegeven. Vanaf vandaag zijn ze opnieuw tentoongesteld in het Nationaal Museum.

Verwoestingen Mosul hebben heropening versneld

De heropening is een statement na de verwoestingen van eeuwenoud erfgoed door IS in Mosul nauwelijks een paar dagen geleden. Het moment is maandenlang voorbereid en al verschillende keren weer uitgesteld, maar de gebeurtenissen in Mosul hebben de heropening nu versneld.

"Het museum moet open en toegankelijk zijn voor iedereen", zegt de Iraakse minister voor Toerisme en Antiquiteiten Qaïs Hussein Rachid. "We willen het vanaf vandaag openen als reactie op de daden van de criminelen van IS."

Het bedreigde erfgoed van Irak (en de wereld)

Het Nationaal Museum van Irak, het voormalige Mesopotamië, is in 1926 gesticht door de Britse reizigster en schrijfster Gertrude Bell. Het herbergt een van de rijkste archeologische collecties ter wereld.

De laatste decennia heeft het museum, net als zoveel andere archeologische musea en vindplaatsen in de regio, het zwaar te verduren gehad. In 1991 werd het gesloten tijdens de Golfoorlog uit angst voor Amerikaanse luchtaanvallen.

Het werd heropend op de verjaardag van de toenmalige president Saddam Hoessein in april 2000. Amper drie jaar later werd het in de chaos na de val van Saddam zwaar geplunderd en ging het daarna voor twaalf jaar dicht.

Het erfgoed van Irak blijft bedreigd. De terreurbeweging Islamitische Staat verwoest niet alleen de pre-islamitische artefacten, maar verkoopt ze ook op de zwarte markt.