Het kabinet Rutte II in het gedrang - Sabine Vandeputte

Komende woensdag, 18 maart, kunnen de Nederlanders alweer stemmen. Er zijn Provinciale Statenverkiezingen: de nieuwe provinciebesturen worden gekozen. Maar die “regionale” verkiezingen hebben meer dan ooit een nationaal belang.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Rutte II in het gedrang

De provincies is in Nederland hetzelfde lot beschoren als in ons land. Sommigen willen ze afschaffen, maar ze blijven bestaan en gaan toch vaak ongezien over allerlei onderwerpen die iedereen indirect aanbelangen: onder meer het milieu, vervoer en het toezicht op de gemeenten. Maar er komt zelden spannend nieuws uit en onbekend maakt onbemind. Vier op de vijf Nederlanders weten dan ook niet wie voor hen zetelt in het provinciebestuur. Maar die 570 leden in de 12 provinciale staten moeten wel gekozen worden natuurlijk.

Toch doken de voorbije weken opvallend veel nationale kopstukken op in de campagne. Die willen natuurlijk dat hun partij het goed doet, maar de provinciale stembusgang heeft ook gevolgen voor de nationale politiek. Sterker nog: dit keer kan de uitslag op termijn zelfs het voortbestaan van de regering in het gedrang brengen.

De nationale slaapkamer

Wie straks verkozen wordt in een provincieraad mag op 26 mei immers ook de 75 leden van de senaat verkiezen. Dat gebeurt via een uiterst ingewikkeld mathematisch systeem waarbij dichtbevolkte provincies zwaarder wegen dan andere. Ook het bestaan van die senaat of Eerste Kamer wordt trouwens betwist, onder meer door de PVV, die het een “nationale slaapkamer” noemt. Toch wil elke partij er zoveel mogelijk verkozenen, desnoods om de senaat van binnenuit af te schaffen.

Die senaat is officieel een reflectiekamer, maar opstandige senatoren willen daar nog wel eens een wetsvoorstel blokkeren. Zo dreigde net voor de kerst een ernstige kabinetscrisis toen enkele senatoren van de regeringspartij Partij van de Arbeid een hervormingsplan voor de zorg van coalitiepartner VVD afschoten. Dat was extra pijnlijk omdat sommige oppositiepartijen wel voor stemden.

Het Nederlandse kabinet van liberalen en sociaaldemocraten heeft momenteel namelijk geen meerderheid in de senaat. Dus ging premier Rutte de voorbije twee jaar systematisch op zoek naar steun van andere partijen. De links-liberalen van D66, de Christen Unie en de streng christelijke SGP springen meestal bij en worden intussen de C3 genoemd, de “constructieve drie”.

De vraag achter de provinciale verkiezingen is dus: wat betekent de uitslag voor de machtsverhoudingen in de nieuwe senaat? Heeft het kabinet daar met de C3 straks nog altijd een meerderheid? Of moet Rutte voor nieuwe wetsvoorstellen nog meer partijen aan boord hijsen en valt dat op termijn wel vol te houden? De nieuw verkozen senaat zal er trouwens ook nog zitten wanneer er in principe in 2017 opnieuw verkiezingen zijn voor de Tweede Kamer, dus ook een toekomstige regering zal met deze senatoren zaken moeten doen.

Fietsende washand

De regeringspartijen staan er zoals bekend niet florissant voor in de peilingen. Vooral de Partij van de Arbeid van Diederik Samsom vreest voor het ergste. De sociaaldemocraten zijn de voorbije 2 jaar een beetje meegesleurd en ondergesneeuwd in het liberale verhaal van de coalitiepartner VVD. Samsom doet z’n uiterste best om zijn kiezers erop te wijzen dat de grote bezuinigingen stilaan vruchten beginnen af te werpen, ook voor hen. Hij kwam niet zo vaak op straat als in andere campagnes, maar probeert wel “tussen de mensen “ te staan. Zo gaat hij op vrijdag al een tijdje mee op pad met zorgverleners in een volkswijk als “fietsende washand”. Hij wil weten hoe de gewone man erover denkt: ook zijn eigen politieke hachje als kopman hangt er immers van af.

Maar het wordt uitkijken naar hoe rood Groningen bijvoorbeeld nog zal kleuren na 18 maart. Dat was van oudsher een rood bolwerk, maar na al het gedoe rond de gasbevingen kan de regeringspartij zeker daar flink afgestraft worden. Sommigen voorspellen een regelrecht rood bloedbad.

VVD geplaagd door schandalen

Premier Rutte van de VVD begon de campagne zoals altijd vol zelfvertrouwen, maar zijn partij wordt al weken geplaagd door grote en kleine schandaaltjes. Her en der zijn verschillende liberale politici in moeilijkheden gekomen door integriteitsproblemen. Vooral Limburg werd geplaagd: daar is een vooraanstaand liberaal, Jos Van Rey, als verdachte intussen zelfs een eigen partij begonnen. Een veelbelovend kamerlid moest onlangs aftreden omdat hij onzorgvuldig was met zijn kostenvergoeding als Limburgs gedeputeerde. Die man wordt voor eeuwig geassocieerd met een fles wijn van 127 euro die hij gedeeltelijk wou declareren. En dan moest het ergste nog komen: de VVD zag de afgelopen week zijn minister en staatssecretaris van Justitie opstappen nadat een oude, omstreden schikking met een drugscrimineel weer was opgedoken. Opstelten en Teeven waren twee belangrijke pijlers in het kabinet én binnen de VVD waar veiligheid een van de speerpunten is. Maar volgens de meest recente peilingen zou de VVD-kiezer dit de partij niet aanrekenen.

D66 kan aan het stuur komen

De meeste oppositiepartijen zien de verkiezingen vol vertrouwen tegemoet. De PVV van Wilders zou opnieuw goed scoren, ondanks het feit dat ze er in het Limburgse provinciebestuur niets van bakten. Ook Alexander Pechtold van D66 ziet zijn rol als schaduwpremier vermoedelijk nog groeien. Hij is niet uit op een snelle val van het kabinet, maar als Rutte II na de zomer moeizaam verder strompelt, zal hij op een gegeven moment moeten afwegen wat het beste is voor zijn partij en voor hemzelf. Op een mooie dag kan hij er belang bij hebben om het kabinet te laten struikelen en zijn eigen ambitie waar te maken: zélf premier worden.

Ook de SP zou groeien en Groen Links kan het goed doen dankzij de vele lokale milieuthema’s in de provincies. Maar ook de christendemocraten kunnen straks machtig worden: Rutte lonkt nu al openlijk naar hen om zich bij de Constructieve 3 te voegen. Maar CDA-leider Buma lijkt daar weinig voor te voelen. De Nederlandse politiek blijft dus spannend, ook en juist na de komende verkiezingen.

Maar eerst stemmen dus, al zijn de Nederlanders daar niet toe verplicht. De opkomst voor de Provinciale Statenverkiezingen gaat al jaren in dalende lijn. Alleen bij de jongste verkiezingen schoot de opkomst weer naar 56% omdat ook toen Den Haag alle aandacht wist te trekken. Afwachten wat het nu wordt.

 

(Sabine Vandeputte is correspondente in Nederland voor VRT Nieuws.)