Dan toch niet per persoon betalen voor opstarten groepsvordering

De Kamercommissie Financiën heeft vanmiddag in tweede lezing groen licht gegeven aan de verhoging van het rolrecht, het bedrag dat betaald moet worden om een rechtszaak te starten. Uiteindelijk zullen bij groepsvorderingen dan toch niet per persoon griffierechten moeten worden neergeteld, gaf minister van Justitie Koen Geens (CD&V) aan. Indien nodig volgt er in de toekomst wel nog een bijsturing.

De federale regering mikt met de verhoging van het rolrecht op 20 miljoen euro extra inkomsten. Volgens Geens moet de ingreep de bedragen ook meer in lijn brengen met de werklast bij Justitie, nu meer en meer mensen hun geschillen via gerechtelijke weg willen afhandelen. "Het is de bedoeling om mensen ertoe te bewegen de weg van constructief overleg te kiezen en alleen na uitputting van andere middelen de weg naar justitie te kiezen", aldus de minister.

De verhoging oogstte heel wat kritiek bij de oppositie, maar ook consumentenvereniging Test-Aankoop liet van zich horen. Volgens de belangengroep gaat het om een "onevenwichtige en buitensporige" verhoging die de toegang tot Justitie "verder beperkt". Bovendien zouden de kosten voor het instellen van een collectieve vordering fors toenemen, aangezien voortaan per persoon betaald zou moeten worden.

Voor groepsvoderingen toch geen meervoudig rolrecht

Intussen heeft de regering de interpretatie bijgestuurd, zo bleek in de Kamer. Voor groepsvorderingen zal dan toch geen meervoudig rolrecht worden aangerekend. "De class action wordt beschouwd als één geheel", zo gaf minister Geens aan. Amendementen van oppositiepartijen SP.A, Groen en Ecolo wilden dat ook met zoveel woorden in de wet, maar de meerderheid stemde die weg. De verduidelijking van de minister in commissie moet volstaan.

Niettemin houdt de regering de deur op een kier om desnoods alsnog te kunnen sleutelen aan het rolrecht bij groepsvorderingen. "Omdat class-action een relatief nieuw fenomeen is, werd beslist om een bijsturing van de procedure te doen na meerdere praktische ervaringen met deze vorm van vorderingen", aldus de minister.

Het eenmalig rolrecht blijft trouwens beperkt tot de groepsvorderingen zoals die vorig jaar bij wet in het leven geroepen zijn. Rechtzoekenden die zich in eerdere zaken gegroepeerd hadden en samen één vordering hebben ingeleid, zullen bij een eventueel hoger beroep wel degelijk per eiser moeten betalen. Het overgangsvoorstel van Groen-Kamerlid Stefaan Van Hecke haalde het niet. "U zegt dat die mensen niet in eerste aanleg gegaan zouden zijn als ze wisten dat ze in beroep hoger rolrecht zouden moeten betalen. Dat geloof ik niet", reageerde Geens, die ook wees op het vele werk bij groepsvorderingen voor de griffies.

Geen groepsvordering? Griffierechten per persoon

Gaat het niet om groepsvorderingen, dan zal voortaan wel steeds per persoon betaald worden. Dus ook wanneer een koppel in een huurzaak samen een rechtszaak instelt. "Nochtans is er eigenlijk geen extra werk voor de griffier", hekelde Maya Detiège (SP.A). "We willen vermijden dat men meervoudige vragen zou gebruiken om griffierechten te vermijden", argumenteerde Geens dan weer.

En ook de koppeling van de hoogte van het rolrecht aan de waarde van de vordering blijft behouden. Nochtans had de Raad van State daar forse kritiek op. Er bestaat immers geen noodzakelijk verband tussen de financiële draagkracht van de eiser en de geldelijke waardering van de vordering, zo waarschuwde ook het administratieve rechtscollege voor een beperking van de toegang tot de rechter. De regering houdt evenwel voet bij stuk.