Aantal geregistreerde incidenten bij De Lijn met een derde gestegen

Het aantal geregistreerde gevallen van agressie en overlast bij De Lijn is in 2014 gestegen tot 6.318. Het gaat om een toename met bijna een derde tegenover de 4.898 geregistreerde incidenten in 2013. Het aantal dagen arbeidsongeschiktheid door agressie tegen chauffeurs is in 2014 meer dan gehalveerd.

Met haar Veiligheidsmonitor meet en registreert De Lijn gevallen van agressie en overlast op haar bussen en trams. De cijfers tonen al enkele jaren een stijging van het aantal geregistreerde incidenten. Zo waren er in 2012 in totaal 4.388, in 2013 4.898 en in 2014 6.318.

Het aantal geregistreerde incidenten is vorig jaar dus met 29 procent gestegen. Maar dat betekent niet per definitie dat er meer gevallen zijn van agressie en overlast. Zo wijst De Lijn erop dat de bereidheid bij het personeel om voorvallen te rapporteren stijgt "zodat het stijgend aantal geregistreerde incidenten niet noodzakelijk een evenredige stijging in aantal incidenten betekent". Daarnaast leidde de bijkomende categorie "overlast" in 2014 tot bijkomende registraties.

Uit de cijfers blijkt nog dat het aantal gevallen van agressie tegen chauffeurs van De Lijn in absolute aantallen nog wel stijgt, van 1.924 in 2013 tot 1.974 in 2014. Maar in verhouding tot het totale aantal incidenten is er een procentuele daling van 39 naar 31 procent.

Voorts tonen de cijfers een opvallende daling in het aantal dagen arbeidsongeschiktheid door gevallen van agressie tegen chauffeurs. In 2013 ging het nog om in totaal 1.866 dagen werkonbekwaamheid, in 2014 om 748 dagen. Parallel liep de kostprijs voor die werkonbekwaamheid terug van 490.000 euro in 2013 tot minder dan 200.000 euro in 2014.

Problemen concentreren zich in 1 procent van de buurten

Volgens Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) blijkt uit de Veiligheidsmonitor dat de sociale veiligheidsproblematiek "zich concentreert in een procent van de buurten waar zich een halte bevindt".

"Dit houdt in dat in 99 procent van de buurten geen bijkomende veiligheidsmaatregelen nodig zijn en dat enkel in het overige procent van de buurten tijdelijk dan wel permanent bijkomende veiligheidsmaatregelen van De Lijn moeten ingezet worden en/of samenwerking met andere partners noodzakelijk is", aldus de minister.