Herdenkingstoerisme levert Westhoek 76,3 miljoen euro omzet op

Hoewel respect en de vredesboodschap de voornaamste doelstellingen zijn van het herdenkingstoerisme, levert de Eerste Wereldoorlog de Westhoek ook een flinke duit op. Zo boekte de regio een omzet van 76,3 miljoen euro in 2014, een stijging met 92 procent in vergelijking met het jaar voordien. Dat blijkt uit detailcijfers van het toeristische provinciebedrijf Westtoer.

Bij het begin van de herdenkingsperiode rond de Eerste Wereldoorlog stond het economisch belang nooit bovenaan. Toch levert het herdenkingstoerisme de regio ook financieel iets op, want in 2014 werd een omzet geboekt van 76,3 miljoen euro. Ter vergelijking, een jaar voordien kwam het cijfer uit op net geen 40 miljoen euro.

Bijna twee derde wordt gegenereerd door buitenlandse bezoekers, de rest door Belgische bezoekers. Tachtig procent van de omzet gebeurt door verblijfstoeristen. De omzet wordt vooral geboekt bij de logies (37 procent) en horeca-bezoekjes (34 procent), gevolgd door shopping (15 procent) en andere (14 procent), zoals museabezoekjes.

De regio profiteert duidelijk van het herdenkingstoerisme, maar wat na 2018, als de herdenkingsperiode erop zit? Ruim de helft van alle bezoekers geeft aan dat WOI de enige reden is waarom ze naar de Westhoek komen, voor Britten en buitenlanders loopt dat zelfs op tot 60 procent. "Daarom moet er ook aandacht zijn voor het duurzaam toerisme, ook na 2018", klinkt het bij Westtoer.