Hoe flippo's de Vlaamse speelplaatsen overspoelden

België en Nederland werden twintig jaar geleden overspoeld door wat wel eens de grootste rage aller tijden wordt genoemd: de flippo’s. De veelkleurige schijfjes die verstopt zaten in de chipszakjes van Smiths, waren drie jaar lang het collectors item bij uitstek. Het verhaal achter de rage, het commerciële succes en de onoverkomelijke neergang.

Een kleurrijk schijfje in kunststof met een figuurtje erop, dat was het eerder simpele idee achter de flippo. Afhankelijk van de grootte en inhoud (soort zoutje) van de chipszak kon je twee, drie tot vier (vaak vettige) flippo’s aantreffen. Op de kleurrijke ronde schijfjes was op de ene kant –althans in het begin– een tekenfilmfiguurtje te zien en op de andere kant de naam van het figuurtje, het nummer van de flippo en zijn puntenwaarde.

Nederland

Op 8 april 1995 zijn de flippo’s voor het eerst te vinden in de Nederlandse chipszakjes. Al snel zijn er wel honderd verschillende plaatjes, waardoor de Nederlandse kinderen flink moesten dooreten om ze allemaal te verzamelen. De echte begenadigde flippo­verzamelaars gingen de schijfjes al snel via spelletjes verzamelen. Speelplaatsen overal te lande werden tijdens de pauze omgetoverd in “ware casino’s”, aldus schooldirecteurs. Bij Smiths Nederland hoorde je niemand klagen, hun omzet steeg met zo’n 15 procent. Bij concurrent Croky ging de omzet dan weer met 10 procent achteruit. “We werden totaal verrast”, reageerde het Nederlandse filiaal, dat al snel een tegenzet lanceerde.

België

In België kwamen de flippo’s pas tegen de zomer van 1995 op de markt. Reden daarvoor was de sociale onrust die toen bij chipsfabrikant Smiths heerste, waardoor er maandenlang gestaakt werd. Door de staking bij Smiths kon Croky een achterstand voorkomen, aangezien het zelf al met de zogenoemde Topshots (flippo’s met voetballers, nvdr.) op de proppen kwam. In België profiteerde dus de hele markt mee, met een omzetstijging van 15 procent. Smiths had de originele flippo’s, Croky had de "topshots" en bij Carrefour had men de “wackers”.

Klachten

In januari van 1996 komen de eerste klachten van huismoeders. De "speelgoeddingetjes" blijven achter in de broekzak van hun kinderen en blokkeren vervolgens de wasmachine. Ze bezorgen de hersteldiensten handenvol werk. Daarnaast raakten ook gevallen bekend van kinderen die hun flippo’s in de gleuf van de videocassetterecorder hadden gestopt.

Op 31 januari worden de klachten pas echt serieus: een 68-jarige vrouw overlijdt nadat een flippo haar luchtpijp had verstopt. De toenmalige Belgische minister van Volksgezondheid, Marcel Colla (SP.A, kleine foto), trekt meteen aan de alarmbel, en wil de flippo’s bannen. Elio Di Rupo, toenmalig minister van Economische Zaken (PS), benadrukte dan weer de educatieve waarde van de schijfjes, al vond ook hij dat ze goed moesten worden onderscheiden van de voedingsmiddelen.

Rage voorbij

Het ontwerp voor het Koninklijk Besluit laat na de hele heisa nog een jaar op zich wachten. Flippo’s mogen uiteindelijk wel nog in het chipszakje, al moeten ze van een extra verpakking voorzien worden. Enkel gadgets die groter zijn dan tien centimeter mogen nog zonder extra verpakking in het zakje. Vanaf 31 mei 1997 wordt die regel dus de wet, maar laat de flipporage dan al onherroepelijk voorbij zijn.

De rage leverde ook nog deze hilarische "In de gloria"-sketch op