Het buitenland? Nooit van gehoord! - Ivan Ollevier

Op 7 mei trekken de Britten naar de stembus. Ze verkiezen een nieuw parlement, en kort daarna (in het Verenigd Koninkrijk duurt dat traditioneel maximaal enkele dagen) is er een nieuwe regering. De contouren van de thema’s die de campagne zullen beheersen beginnen zich al duidelijk af te tekenen, en één ding is heel opvallend: het buitenland bestaat niet.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Splendid isolation

Onderwijs. Gezondheidszorg. Veiligheid. Belastingen. Sociale voorzieningen. Werkgelegenheid. Economie (’n klein beetje, want geloof niet dat “it’s the economy, stoopid”: dat is een Amerikaanse one-liner die nergens op slaat). En, wie zou een geloofwaardige premier zijn: Cameron of Miliband? Het zijn de onderwerpen waar de Britse pers nu al wekenlang niet over kan zwijgen en die het verkiezingsdiscours de komende weken zullen vullen.

Valt er u iets op aan het lijstje? Er staan geen buitenlandse thema’s in. Wie heeft het nog over Oekraïne? Wie praat er nog over het Midden-Oosten? De relatie met Iran? Oh ja, natuurlijk: Europa, dat hadden we nog vergeten, en dat is toch een halfbuitenlands thema? Jazeker, al bevestigt het alleen maar mijn argument: aan de Europese Unie interesseert de Britten alleen nog de vraag of ze er zelf een plaats in moeten hebben, of juist niet. Voor de UK Independence Party en voor een deel van de Conservatieve achterban is zelfs alleen de vraag van belang hoe ze er zo snel mogelijk uit kunnen stappen. Het lijkt alsof de Britten niets liever meer willen dan zich terug te trekken op hun eiland. De 19de-eeuwse “splendid isolation” van de Conservatieve premier Benjamin Disraeli lijkt helemaal terug.

Britannia rules the waves no more

Natuurlijk, het Verenigd Koninkrijk beheerst allang de wereldzeeën niet meer. Het “empire” zijn de Britten allang kwijt, ook al duurde het behoorlijk lang voor sommigen daaraan gewend waren. Winston Churchill verzette zich eind jaren veertig nog hand en tand tegen de onafhankelijkheid van India (Gandhi noemde hij “halfnaakte, opstandige fakir”), en ook recentelijk gedroegen veel Britse machthebbers zich alsof ze het nog in drie vijfde van de wereld het voor het zeggen hadden. Denk maar aan de sociaaldemocratische premier Tony Blair. Die zag het zelfs als een persoonlijke missie om het Kwaad in de wereld uit te roeien: Irak, Bosnië, Sierra Leone, Kosovo, al die oorlogen pasten perfect in Blairs manicheïstische en militant christelijke wereldbeeld. Desnoods ging hij zelfs achter Bush aanlopen om zijn land van een prominentere rol op het wereldtoneel te verzekeren.

Ook Blairs Conservatieve voorgangster Margaret Thatcher kon de illusie van imperiale grootsheid nog enige tijd vasthouden. Toen het Argentijnse militaire regime in 1982 de Falklandeilanden binnenviel, stuurde de ijzeren dame zonder lang te aarzelen de Britse oorlogsvloot naar de andere kant van de wereld. In geen tijd schoot en bombardeerde die de Argentijnen de archipel af. Het half miljoen schapen en de zeventienhonderd inwoners zouden en moesten Brits blijven! Samen met Ronald Reagan speelde ze een aanzienlijke rol in de Koude Oorlog en in de val van het communisme in Oost-Europa. En al was haar relatie met de Europese Unie (toen nog de Europese Gemeenschap) zwaar verstoord, zelf dácht ze er niet aan om eruit te stappen.

Het fameuze referendum

Maar het anti-Europese zaad dat Thatcher eind jaren tachtig zaaide, is ondertussen een onoverzichtelijk bos geworden. De UK Independence Party van Nigel Farage is uitgegroeid tot een rechtse, anti-immigratie en anti-Europese partij die het de grote twee, de Conservatieven en Labour, nog knap lastig kan maken. En binnen de Conservatieve Partij ligt de gematigd Europees gezinde premier David Cameron onder vuur voor zijn milde houding tegenover de andere landen van de Unie. Om zijn positie te verzekeren moest hij wel beloven om in 2017 een referendum te organiseren over het Britse lidmaatschap van de Unie, maar hij houdt vol dat hij er tegen dan in zal slagen om de Unie te hervormen.

Dat referendum komt er dus als de Conservatieven de verkiezingen winnen. Zelfs als Ukip er niet in slaagt om tijdens de stembusgang voor een politieke aardverschuiving te zorgen, dan nog zullen de “kippers” hun best doen om het regeringsbeleid te beïnvloeden. De voorbije maanden zijn vele duizenden lokale Conservatieve partijleden overgelopen naar Farage, en zoals Farage zelf zegt: Ukip is de enige partij die de zaken duidelijk durft te stellen. Ondertussen is hij zich gaan richten op de populistische thema’s die ook in andere Europese landen kleine partijen groot hebben gemaakt: immigratie, protectionisme, de kleine man tegen de politieke elite in Westminster, nostalgie naar een tijd toen alles beter was. Maar zijn hoofdbekommernis blijft de Europese superstaat en hoe eruit te stappen.

De politiek van het haalbare

Onder David Cameron is het buitenlandse beleid van het Verenigd Koninkrijk grondig veranderd. David Cameron is in de eerste plaats een heel pragmatische premier, voor wie politiek vooral een kwestie is van het haalbare. Bescheidenheid op het internationale forum is daar een gevolg van. “Helping the ordinary working people in Britain”, en hoe de politici dat denken te doen, dat is wat veel Britten tegenwoordig bezighoudt.

Bejaarde Britten herinneren zich nog wel hoe de wereldkaart in de schoolklas voor een groot stuk roze kleurde, de stukken op de aardbol die in Britse handen waren. Maar jongere Britten kan het geen moer schelen. Met bevlogen toespraken over wereldvrede of de verspreiding van de democratie haal je in Groot-Brittannië tegenwoordig geen stemmen meer. De wereld houdt op aan de “white cliffs of Dover”.

 

(Ivan Ollevier is journalist bij VRT Nieuws, gespecialiseerd in Groot-Brittannië.