Bangladesh hangt moslimleider op wegens bloedbad van 1971

In Bangladesh is de ter dood veroordeelde radicale moslimleider Mohammed Qamaruzzaman opgehangen. Hij was eerder veroordeeld wegens misdaden tegen de mensheid tijdens de onafhankelijkheidsoorlog tegen Pakistan in 1971.

Qamaruzzam was twee jaar geleden ter dood veroordeeld wegens de moord op 120 mensen. Volgens de regering is hij nu opgehangen omdat hij had geweigerd om een genadeverzoek in te dienen.

Politie en leger zijn in Bangladesh massaal uitgerukt om de verwachte rellen van aanhangers van de moslimleider op te vangen. Bij een gelijkaardige executie van Abdul Qader Mollah, een medestander van Qamaruzzam, in december 2013 waren er in het land overal rellen.

Beide mannen zijn veroordeeld wegens misdaden tegen de mensheid tijdens de bloedige onafhankelijkheidsoorlog van Bangladesh tegen Pakistan in 1971. Ze zijn toplui van de Jamiat-e-Islami, een radicale islamistische partij in Bangladesh. Die ijvert voor een strikte toepassing van de moslimwet of sharia en was in 1971 gekant tegen de onafhankelijkheid.

AP1971

Een vergeten bloedbad, maar niet in Bangladesh

Tot 1971 maakte Bangladesh deel uit van Pakistan, de staat die in eerder ontstaan was in dat deel van India waar de moslims in de meerderheid waren. Behalve dat hadden Oost- en West-Pakistan -zoals die gebieden toen heetten- echter weinig gemeen.

In 1971 kwam het tot een uitbarsting en wou Oost-Pakistan of Bangladesh zich onafhankelijk verklaren. Het Pakistaanse leger sloeg toen erg bloedig de opstand neer, gesteund door bewegingen zoals de Jamiat-e-Islami. Het pleit werd tenslotte beslecht door de intrede van Indiase troepen aan de kant van Bangladesh dat zo toch onafhankelijk kon worden.

Tijdens die negen maanden durende oorlog zouden meer dan drie miljoen mensen gedood zijn en werden 200.000 Bengaalse vrouwen verkracht. Meer dan tien miljoen mensen zochten hun heil in vluchtelingenkampen in India,  wat een van de redenen was voor de Indiase militaire interventie, al wou Delhi ook heel graag de regionale moslimrivaal  Pakistan opsplitsen.

Critici beweren dat huidig premier sjeik Hasina met het vervolgen van de misdaden van 1971 de oppositie wil verzwakken. De Jamiat is een oppositiepartij, maar Hasina is ook de dochter van Mujibur Rahman, de leider die Bangladesh toen naar de onafhankelijkheid loodste.