Mieke Vogels: "Ik ben nu eindelijk echt anders gaan leven"

In onze "Hoe zou het nog zijn met?"-reeks gaan we vandaag op de koffie bij Groen-politica Mieke Vogels. Enige tijd terug verliet ze het voorplan van de politiek en vorig jaar nam ze er definitief afscheid van. Stilzitten doet ze allerminst, maar waar is ze nu mee bezig? "Ik heb een engagement om de wereld te veranderen, meer moet dat toch niet zijn?"

Eerst en vooral: hoe gaat het nu met u?
"Prima, ik ben nu eindelijk écht anders gaan leven (lacht). Dit is echt wel helemaal anders. In het begin is het onwaarschijnlijk hard wennen, omdat je 30 jaar lang gedicteerd wordt door je agenda. Zonder dat je iets invult, staat je agenda vol. Nu word ik ‘s morgens wakker en mijn agenda is leeg. In het begin voelde ik mij daar schuldig over. Allez Vogels je bent niets aan het doen. Het was echt afkicken."

U viel niet in een zwart gat?
"Nee, een zwart gat niet. Het was enkel wat wennen aan de extra ruimte die je krijgt in je agenda. De groene draad door mijn 30-jarige carrière was welzijn. Ik heb afscheid genomen van de politiek met een boek dat ik daarover geschreven heb ("De rekening van de verzuiling", red.), waarin ik bewijs dat met hetzelfde geld dat nu naar Welzijn gaat, er voor veel meer mensen meer kwaliteit van zorg kan georganiseerd worden als je de politieke moed hebt om de oude structuren te verlaten. Ik geef daar nu lezingen over en trek daarmee het land rond."

Het lijkt wel of u opnieuw plannen aan het maken bent.
"Ja, zo ben ik. Ik ben nog niet dood (lacht)."

Uw politieke carrière heeft een zware tol geëist in uw privéleven. Toen u afscheid nam van de politiek zei u dat u meer tijd wilde doorbrengen met uw familie. Is dat gelukt?
"Ik kan het best combineren (met de lezingen, red.). Hoe weinig ik er was voor mijn eigen kinderen, zo veel ben ik er voor mijn kleinkinderen. Ik voel wel dat ik het probeer goed te maken."

Is dat overcompensatie?
"Hoh, dat weet ik niet. Mijn dochters weten nu dat ze heel vaak een beroep kunnen doen op mij om voor de kleinkinderen te zorgen: als ze ziek zijn, in de schoolvakanties of gewoon om ze eens goed te verwennen. Ik geniet daar echt wel van."

Eerst blabla...

U omschreef uzelf vroeger wel eens als een "meisje van 50", zit er nu een meisje van 60 voor mij?
"Er zit een meisje van bijna 61 voor u, ja. Ik blijf mezelf nog altijd een meisje noemen, want ik heb nog heel veel te doen in dit leven. Ik ben geboren met een engagement en zal daar ook mee doodgaan. Ik wil de wereld veranderen, meer moet dat toch niet zijn?"

Over verandering gesproken, in 1999 al zei u dat het systeem ons dwingt te kiezen tussen job en familie. Is dat intussen al veranderd?
"Nee, ik vrees van niet."

Het wordt erger?
"Ik vind niet dat het beter wordt. Ik heb veel vriendinnen die begin de 60 zijn. Dat is het moment in hun leven waarop hun kleinkinderen hen nodig hebben, ze hebben vaak hoogbejaarde ouders die op hen rekenen én ze moeten blijven werken tot hun 65e. Het maatschappijmodel klopt niet meer. Als er meer zorg moet worden opgenomen in familiekring (mantelzorg, red.), zoals de huidige minister van Welzijn (Jo Vandeurzen, CD&V, red.) voorstelt, dan moeten mensen daar toch ook de tijd voor krijgen?"

U bent zelf minister van Welzijn geweest maar werd zwaar afgestraft. Hoe kijkt u daarop terug?
"Mocht ik een nieuwe kans krijgen, ik zou een ander regeerakkoord onderhandelen."

Hoe dan?
"Ik zou veel meer onderhandelen over concrete cijfers en minder over symbooldossiers. De manier waarop men in 2003 op Agalev gebasht heeft: wij waren de baarlijke duivel. Alles wat slecht was, was de schuld van de groenen. Alles wat goed was, hadden de anderen gerealiseerd. Toen ik naar de markt ging, werd ik bijna lijfelijk aangevallen door de boeren."

"We moeten uit die fouten leren, maar voor een kleine partij is het altijd moeilijk om na beleidsdeelname nog verkiezingen te winnen. Beleidsdeelname is natuurlijk essentieel om iets te veranderen, want om oppositie te voeren alleen zit je niet in de politiek. Het ideale zou zijn als je 50 procent zou halen."

Succes daarmee.
"Meisjes van 61 mogen toch dromen?" (lacht)

Was u toen naïef?
"Ik had niet verwacht dat we zo zouden worden afgestraft, maar om dat naïef te noemen. Ik zou het eerder onwetendheid noemen. Ik heb ontzettend veel geleerd in die vier jaar, maar vier jaar is onvoldoende om alles te veranderen. Daar heb je minstens 2 of 3 legislaturen voor nodig."

"Ik was de eerste - en tot nog toe enige - niet-CD&V’er op Welzijn. Al mijn ambtenaren waren wel ergens schepen voor de CD&V in een bepaalde gemeente. Die deden hun job wel, maar die wisten ook wel dat ik na enkele jaren zou vertrekken en zij zouden blijven zitten. Die wachten tot de bui overtrekt. Ze werken mee, maar tergend langzaam. De relativiteit van de macht van een politicus is wel groot."

Zult u niet vooral herinnerd worden als de minister van “Eerst blabla en dan boemboem?”
"Ja, maar ik vind dat wel leuk. Het is de ideale intro om met mensen te praten. De gast die dat voor niet veel geld bedacht heeft, is daarna begonnen bij een groot reclamebureau."

De slogan blijft wel hangen
"Absoluut. Ik denk dat het een zeer geslaagde campagne was. Het is niet de enige bijnaam die op mij is blijven plakken. In Antwerpen noemen ze mij nog steeds Mie Vuilzak, omdat ik het gewaagd heb om gescheiden afvalophaling op te dringen aan de Antwerpenaar. Heel Vlaanderen sorteerde al, maar Antwerpen nog niet. "Dat ons dat na nog moet overkomen, drei vuilzakken op ons appartement." (lacht) De Antwerpenaar sorteert intussen goed, ik heb het hen goed geleerd."

"Verandering komt van onderuit"

Toen u partijvoorzitster was, heeft u een congres georganiseerd waarop uw partij voorstellen heeft uitgewerkt voor de komende 20 jaar. Hoever staat het daarmee?
"We gaan toch een tandje moeten bijsteken, denk ik. We werken nu aan boeiende nieuwe ideeën voor Antwerpen. Bijvoorbeeld in de rand rond Antwerpen is destijds ontzettend gesmost met ruimte. Daar zijn villa’s neergepoot in grote villaparken die ze nu niet meer aan de straatstenen verkocht krijgen. Wie geld heeft voor zo’n huis, koopt geen verouderde villa, maar een loft op ‘t Eilandje. Is herverkavelen dan geen goed idee? De grote lappen grond dicht bij het centrum indelen in verschillende percelen en van de villa’s in de bossen, weer gewoon bos maken."

Ambitieuze plannen.
"We hebben ambitieuze plannen nodig. Nu ja, zoiets krijg je moeilijk uitgelegd in een tweet van 140 tekens."

Om die plannen te verwezenlijken moet u wel aan beleid deelnemen.
"Of mensen van onderuit overtuigen dat het anders kan. Daar ben ik nu mee bezig met mijn lezingen. De verandering zal steeds minder uit de Wetstraat komen, maar groeien vanuit de steden. De steden worden nu al geconfronteerd met de wereld van morgen. Logisch dat van daaruit de meeste verandering komt."

Politici zullen steeds meer rekening moeten houden met actiegroepen?
"Ja, en dat is een goede zaak."

Politici zijn democratisch verkozen, terwijl actiegroepen misschien maar een klein deel van de bevolking vertegenwoordigen.
"Daar zijn referenda dan voor. Politici zijn misschien wel democratisch verkozen, maar voeren de facto het beleid niet in het land. Er zijn steeds meer tussenniveaus. Niet alleen de zuilen, maar ook bijvoorbeeld de Extern Verzelfstandigde Agentschappen (EVA’s). Steden hebben de laatste jaren steeds meer uitbesteed aan zulke EVA’s. In Antwerpen zijn er EVA’s voor kinderopvang, voor de scholen... en die worden geleid door socialisten uit de tijd van Patrick Janssens. Zelfs al win je de verkiezingen overtuigend, dan bots je overal tegen die oude machtsbastions. Zo veel speelruimte heeft Bart De Wever (N-VA-burgemeester Antwerpen, red.) dus niet. Wellicht is dat de reden waarom hij vooral met symbooldossiers bezig is die mensen tegen elkaar opzetten. Divide et impera (verdeel en heers, red.), De Wever bewijst elke dag dat hij zijn klassiekers kent."

Pieken en dalen

Wat was hét hoogtepunt van uw carrière?
"Ik ben vooral trots op het Persoonlijk Assistentiebudget (daarmee kan een persoon met een handicap assistentie thuis, op school of op het werk organiseren en financieren, red.). CD&V probeert dat terug te schroeven, maar er zijn daar nu 6.000 mensen mee aan de slag en die bewijzen elke dag dat ze op die manier autonomer kunnen leven en dat ze gelukkig zijn."

"Een tweede iets, is het vernieuwde station Antwerpen Centraal. Dat is zo mooi geworden en zo’n mooi voorbeeld van vooruitziend beleid, dat ik daar apetrots op ben. De eerste plannen voor het sluiten van de ring (de Oosterweelverbinding, red.) dateren van dezelfde tijd. Het is daarvoor nog altijd wachten op de eerste spadesteek, terwijl het project van Antwerpen Centraal even groot, ambitieus en duur was."

U kiest een vrij lokaal hoogtepunt. Verkiest u de gemeentepolitiek boven de andere niveaus?
"Het is veel directer van stijl. De Antwerpenaar heeft het hart op de tong. Als het hem niet bevalt dan zegt hij: "Zijde gij nu helemaal zot, Mie Vuilzak?". Dat is directe communicatie. Als minister van Welzijn vergaderde ik met vakbonden, mutualiteiten... en die zitten voortdurend te knikken, maar "Daar komt niets van, Vogels", zie je ze denken. Het is allemaal achterkamertjespolitiek. In de stad is alles veel rechtstreekser."

Wat was uw politieke dieptepunt?
"2003 natuurlijk. Ik heb toen onder druk ontslag genomen als minister en had dat nooit mogen doen. Het waren federale verkiezingen, als Vlaamse minister had ik dus nog een jaar kunnen blijven zitten. Ik voel echt dat ik toen mijn mensen in de steek heb gelaten. Ze hebben ook nooit begrepen dat ik wegging. Dat is intussen vergeven hoor, maar op dat moment deed dat echt wel zeer."

Wat wilt u nog bereiken?
"Een andere wereld voor mijn kleinkinderen, meer levenskwaliteit voor hen. Daar wil ik nog heel hard aan werken."

Eerst bla bla en dan boem boem

Antwerpen wil geselecteerde afvalophaling invoeren

Vogels en Dua nemen ontslag uit Vlaamse regering

Wie is Mieke Vogels?

Mieke Vogels is in 1954 geboren in Antwerpen. Ze studeert politieke en sociale wetenschappen en begint haar carrière in de sociale sector. Ze houdt zich bezig met de opvang van gehandicapten en de bijzondere jeugdzorg. Welzijn zal de rode - of groene zoals ze het zelf noemt - draad doorheen haar politieke carrière vormen.

In 1985 wordt Vogels voor Agalev (Anders Gaan Leven) verkozen tot Kamerlid. In 1989 wordt ze fractieleider van de Agalev-Ecolo-fractie. Halfweg jaren 90 wordt ze verkozen in de gemeenteraad van Antwerpen. Doordat ze schepen wordt van Ruimtelijke Ordening, Milieu, Groenbeleid, Afvalbeleid en Stadsreiniging, verlaat ze de Kamer.

1999 is een bijzonder jaar voor Vogels. Hoewel ze bij de federale verkiezingen een Senaatszetel in de wacht sleept, verlaat ze hetzelfde jaar nog het rode pluche om als eerste niet-christendemocraat Vlaams minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen te worden.

Agalev wordt bij de federale verkiezingen van 2003 echter zwaar afgestraft voor de Vlaamse regeringsdeelname. Vogels neemt haar verantwoordelijkheid op en verlaat de Vlaamse regering. Ze wordt opgevolgd door partijgenote Adelheid Byttebier en belandt van de ene dag op de andere van de ministersstoel achter de keukentafel.

Een jaar later wordt ze opgevist als Vlaams Parlementslid. In 2007 volgt ze Vera Dua op als partijvoorzitster van Groen!. Wouter Van Besien leert als ondervoorzitter bij haar de stiel om uiteindelijk in 2009 de scepter van haar over te nemen. In 2014 besluit ze om niet meer op een lijst te gaan staan. Na afloop van haar mandaat in het Vlaams Parlement neemt ze afscheid van de politiek.