Alida Neslo: "Het leven hier lijkt altijd een beetje vakantie"

Twintigers kennen haar als enthousiaste allesweter uit “De boomhut”, veertigers en vijftigers als eerste zwarte presentatrice op de Vlaamse televisie met “Tv touché”. In de reeks "Hoe zou het nog zijn met...?" spreken we vandaag met Alida Neslo (60). Via Skype, want tien jaar geleden besliste ze om Vlaanderen en Nederland na dertig jaar opnieuw in te ruilen voor haar geboorteland Suriname. Geïnspireerd door de gedachtegang van Herman Teirlinck richtte ze er Studio T op. “Het leven hier lijkt altijd een beetje vakantie.”

“De boomhut” verdient zonder twijfel een plekje in de lijst van legendarische kinderprogramma’s uit de nineties en nillies. Tussen 1994 en 2005 keek Alida samen met Peter Paulus Post (gespeeld door Karel Vereertbrugghen) vanuit haar knusse hut naar een diverse maatschappij. De kijkende kinderen hadden twee zekerheden: ze zouden invloeden vanuit andere landen binnenkrijgen en… ze zouden worden begroet met “Hey fa!”, Surinaams voor “Hallo allemaal!”.

“Het programma leeft nog altijd”, zegt Neslo. “Hier in Suriname komen tegenwoordig vaak Vlaamse stagiaires over de vloer. Ze spreken mij aan, roepen “Hey fa!”, vragen een handtekening of willen met mij op de foto. Het lijkt iets uit een ver verleden, maar door hen wordt het levend gehouden. Het is leuk te zien wat je voor mensen hebt betekend.”

“De boomhut” was natuurlijk niet uw eerste project op de Vlaamse televisie. In de jaren ’80 was u al te zien in “Tv touché”, het satirische tv-programma met Herman Van Molle en Jessie De Caluwé. Plots was u bekend. Had u zich daarop voorbereid?

Alida Neslo: “De impact van televisie heb ik toch wat onderschat. Ik was een theatermens en totaal niet bezig met televisie. Bovendien heb ik nooit gesolliciteerd voor dat programma. Het was Herman Van Molle die mij had gevraagd. Hij wou een statement maken met de eerste zwarte vrouw op de Vlaamse televisie. Het was een leuke tijd, met toch ook een keerzijde. In de loop der jaren heb ik heel wat brieven gekregen over mijn huidskleur. Iemand stuurde zelfs letterlijk: “Haal die vuile zwarte heks van het scherm. Ze maakt onze kinderen bang.” Mijn omgeving en ik hebben die negatieve uitingen wel altijd met humor bezworen, zodat niemand erdoor gefrustreerd is geraakt.”

Even na die opmerking werd u zelf dan maar het gezicht van een kinderprogramma?

Neslo: ""De boomhut" moest voor mij een weerspiegeling zijn van mijn kindertijd in Suriname. Daar zie je letterlijk alle soorten mensen rondlopen: van ultrazwart tot ultrablank. Toen ik in Vlaanderen toekwam, zeiden de mensen dat ik anders was. Ik wist niet wat ze daarmee bedoelden. Dat hokjesdenken kennen we niet in Suriname. In “De boomhut” waren er geen grenzen, omdat kinderen helemaal geen grenzen kennen. Het zijn hun ouders die hen die aanleren.”

Tien jaar lang "Hey fa!"

Na dertig jaar Vlaanderen en Nederland beslist Neslo uiteindelijk om in 2006 West-Europa vaarwel te zeggen en opnieuw een vliegtuigticket naar Suriname te kopen. Een ticket enkele reis. “Het was een moeilijke keuze. Mijn belangrijkste vrienden zaten in Vlaanderen en in Suriname kende ik eigenlijk niet zoveel mensen meer”, zegt ze. “Bovendien was het kiezen tussen welvaart en welzijn. Dat laatste heeft het uiteindelijk gehaald.”

We zijn ondertussen bijna tien jaar verder. Nog geen spijt van uw beslissing?

Neslo: “Helemaal niet. Ik heb het enorm druk, maar ik zou het niet anders willen. Het leven lijkt hier ook altijd een beetje vakantie. De zon schijnt, de lucht is blauw en de vogeltjes fluiten. Ik ben een echt zomerkind, de winter is niet aan mij besteed. In dat opzicht mis ik België en Nederland dan weer niet.”

U heeft het druk, zei u. Met wat zoal?

Neslo: “Toen ik hier opnieuw toekwam, stond Suriname op het punt om hun onderwijs te vernieuwen. Vooral op vlak van cultuur kwamen er aanpassingen, want cultuuronderwijs hadden wij nooit echt gekend. Ik heb meegeschreven aan het nieuwe onderwijsplan. Daarnaast help ik mee met de opstart van een conservatorium, word ik gevraagd voor de begeleiding van allerlei culturele activiteiten en hou ik mij natuurlijk vooral bezig met Studio T.”

Wat moet ik mij voorstellen bij Studio T? Een theateropleiding?

Neslo: “Een opleiding zou ik het niet noemen. Het is eerder een nieuwe stroming –een school- binnen het theater. Het is een samensmelting van alle andere muze’s: muziek, tekst, beeldhouwwerk, enzovoort. Ik ga op zoek naar het theater van morgen. Wie wil, mag meezoeken.”

Studio T is trouwens niet toevallig de naam van haar project. Het is een hommage aan Thalia theater –het oudste theater van het Caraïbische gebied- en aan Herman Teirlinck, de Vlaamse toneelschrijver die in 1946 Studio Herman Teirlinck uit de grond stampte in Antwerpen. Zijn theaterleerboek “Dramatisch peripatetikon” gebruikt Neslo nog steeds. “Teirlinck was zijn tijd ver vooruit. In Vlaanderen beseffen ze niet genoeg welke stempel hij heeft gedrukt”, zegt ze. En dan is er nog één woord dat telkens opnieuw opduikt tijdens haar vurig theaterpleidooi: “alakondre”.

Wat houdt het begrip alakondre precies in?

Neslo: “Alakondre is precies het tegenovergestelde van apartheid en betekent letterlijk “alle landen”. Het is een begrip dat een gevoel van eenheid en samenwerking tussen culturen stimuleert. Dat wil ik toepassen op het theater, maar ook op de maatschappij.”

U verwijst nu naar een multiculturele samenleving?

Neslo: “Kijk, we zullen moeten leren samenleven. Twintig jaar geleden schreef ik al dat het ooit zal gebeuren, maar dat er wellicht eerst bloed zal moeten vloeien. Het is toch verschrikkelijk dat een Europeaan schrik heeft van een moslim? Wij snappen dat niet in Suriname. Hier zijn heel wat andere problemen –zoals corruptie, om maar een ding te noemen-, maar racisme kennen wij niet.”

“In Suriname hebben we de tijd die we hadden, gebruikt om elkaar (de verschillende bevolkingsgroepen, nvdr.) te leren kennen. In Europa hebben ze dat niet gedaan, omdat ze zichzelf als de standaard zijn blijven bekijken. Het resultaat is dat jullie elkaar niet genoeg kennen en dat jullie angst hebben van elkaar. Angst uit onwetendheid."

Hoe kijkt u dan terug op de elfjuliviering van 1987? Het toenmalige Vlaams Blok –nu Vlaams Belang- bestormde toen het podium waar onder meer u opstond. U heeft zelfs enkele dagen moeten onderduiken.

Neslo: “Aan dat laatste heb ik mijn beste Vlaamse vrienden overgehouden, dus eigenlijk ben ik het Vlaams Blok wel dankbaar (lacht). Neen, die partij zegt –net als verschillende andere partijen in Europa- dat samenleven met bepaalde groepen niet lukt. Dat klopt niet, Suriname is het bewijs. De leden van de partij zijn nog steeds welkom om het met hun eigen ogen te zien. Ach, ik neem hen eigenlijk niets kwalijk. Ik heb medelijden met hen. Ze zullen toch moeten leren samenleven, anders moeten ze maar verhuizen naar Mars.”

“Anderzijds stoor ik mij ook aan de politieke correctheid die er tegenwoordig heerst. Je mag niets meer zeggen. In Suriname roepen wij soms al grappend “vuile neger” naar elkaar.”

U heeft het duidelijk naar uw zin in Suriname. Wat brengt de toekomst?

Neslo: “Ik ga door tot de laatste snik. Wat moet ik anders doen? Altijd maar zitten, is niet aan mij besteed. Het leven is een groot schouwtoneel, waarbij ik inspiratie haal uit de mensen om me heen. Ik moet kunnen communiceren en dat doe ik via het theater.”

Nog een laatste vraag: begint het na tien jaar niet opnieuw te kriebelen om terug naar Vlaanderen of Nederland te komen?

Neslo: “Deze zomer kom ik wel nog eens op bezoek bij vrienden en familie in Vlaanderen, maar definitief terugkeren? Neen, dat zit er niet meer in.”

Waar het allemaal begon voor Alida Neslo: "Tv-touché"