Een staking vóór de burger - Chris Reniers

Vraag aan 10 werknemers van de openbare sector waarom ze op 22 april staken en je zal wellicht 10 verschillende antwoorden krijgen. Allen hebben hun eigen, maar daarom niet minder terechte redenen. En die 10 redenen zijn te vatten in één thema: de gevolgen van besparings- en pensioenmaatregelen voor het personeel van de openbare diensten en voor de dienstverlening aan de burger.

De federale en de Vlaamse regering zijn begonnen aan de afbraak van ons kostbare sociale weefsel. Op termijn zal iedereen daar de negatieve effecten ondervinden. Met haar staking wil de ACOD alle burgers daarvan bewust maken.

Algemene besparingen

Door de indexsprong zal de meerderheid van de Belgische gezinnen koopkracht verliezen. Hun inkomen stagneert, terwijl de kosten voor onder andere energie, water, onderwijs, kinderopvang en openbaar vervoer stijgen. Wie werkt in de openbare sector wordt trouwens extra hard geraakt, omdat loonsverhogingen daar afhangen van een loonindexering gekoppeld aan een overschrijding van de spilindex.

De openbare diensten blijven intussen de melkkoeien van deze regering, gebruikt om een zwalpende begroting in evenwicht te houden. Dat de dienstverlening aan de burger daardoor niet langer optimaal kan verlopen, neemt men er blijkbaar graag bij. De vraag van de vakbonden en middenveldorganisaties om een tax shift, die via een rechtvaardige fiscaliteit de sterkste schouders de zwaarste lasten zouden laten dragen en de openbare diensten zou ontzien, blijft onbeantwoord.

Uiteindelijk vallen de lasten van het besparingsbeleid van de regeringen zo op de schouders van de gezinnen en de werkenden. Ze blijven immers de schulden afbetalen die gemaakt werden door de banken en speculanten in de bankencrisis van 2008. Deze federale regering heeft daar blijkbaar geen lessen uit getrokken. Ze stelt immers geen goede regelgeving op om zo’n drama in de toekomst te voorkomen. De verantwoordelijken ontspringen de dans en de regering schuift de kosten eenvoudigweg door naar de man en vrouw in de straat.

Besparingen in de openbare sector

Behalve besparingen op de werkingsmiddelen en investeringen van hun openbare diensten, zetten de federale en Vlaamse regering ook duchtig het mes in hun eigen personeelsbestand. Zo zijn bij de federale overheid de noodzakelijke benoemingen van nieuw personeel volledig stilgevallen, waardoor 4 op 5 werknemers die met pensioen gaan, niet vervangen worden. In Vlaanderen gaat het om 2 op 3 die niet vervangen worden.

De gevolgen van zo’n kortzichtig afbraakbeleid blijven uiteraard niet uit. In vele openbare diensten zien ze zich plots geconfronteerd met minder collega’s om dezelfde en in bepaalde gevallen zelfs meer taken uit te voeren. Er wordt steeds meer flexibiliteit gevraagd en in bepaalde diensten zijn de tekorten zo groot dat men er zelfs geen verlof meer kan opnemen. De werkdruk neemt zo onaanvaardbaar sterk toe en de burgers krijgen niet langer de betaalbare en kwaliteitsvolle dienstverlening waarop ze recht hebben.

Pensioenen

Het ontbreekt de federale regering aan een globale visie op de pensioenen. Via een salamipolitiek drukt ze hervormingen door zonder ook maar enige blijk van kennis over de te verwachten gevolgen. Ze speelt werknemers van de private en de openbare sector met plezier tegen elkaar uit, met uiteindelijk hetzelfde resultaat voor allen: langer werken voor een lager pensioen.

De pensioenmaatregelen van de regering Michel hollen bovendien het evenwichtig pensioenstelsel van de openbare sector verder uit. Statutaire ambtenaren verliezen een pensioen dat zeker niet te hoog is, want het ligt op het niveau van het Europees gemiddelde. Tegelijk verzaakt de regering aan haar verantwoordelijkheid om alle contractuele werknemers een degelijk wettelijk pensioen te bieden, want dat ligt beduidend lager dan in onze buurlanden (zie studie Kim De Witte, KU Leuven).

Welke sociale dialoog?

De besparings- en pensioenmaatregelen zouden het voorwerp moeten uitmaken van ernstig sociaal overleg tussen de regering (als werkgever van het personeel van de openbare sector) en de overheidsvakbonden (als vertegenwoordigers van het personeel van de openbare sector). Dit is momenteel beslist niet het geval.

Sinds de ACOD bijna 40 dagen geleden haar stakingsaanzegging voor 22 april indiende, heeft de federale regering geen enkele poging ondernomen om met ons aan tafel te gaan zitten. Ook de maanden voordien was er nauwelijks sprake van een fatsoenlijke sociale dialoog. En als we dan toch eens ‘op de koffie’ werden uitgenodigd, was het enkel om een aankondigingspolitiek te aanhoren rond maatregelen die betekenen dat mensen die werken in de openbare diensten erop achteruitgaan.

De regeringen van dit land willen niet luisteren naar onze terechte en steekhoudende argumenten tegen de nefaste gevolgen van de besparings- en pensioenmaatregelen. Het is symptomatisch voor beleidsploegen die de mond vol hebben van ‘sociale dialoog’ maar die wanneer puntje bij paaltje komt niet thuis geven voor een gesprek waarbij constructief geluisterd wordt naar onze opmerkingen en bezwaren.

Heeft staken zin?

De regeringen van dit land vernielen elke dag onze verworvenheden van een goede sociale zekerheid, waar we jaren voor gevochten en aan gebouwd hebben, die betaald is en die eigendom is van elke Belg. Indien we als vakbond nu geen krachtig signaal geven, zal er daarvan op het einde van 2015 niet veel meer overblijven.

Wij willen niet lijdzaam toezien hoe we evolueren naar een rechtse, harde, meer duale samenleving, zonder vangnet voor mensen die het moeilijk hebben, die ziek zijn, die geen werk hebben of geen papieren hebben, waarin kinderarmoede toeneemt en waarin ongelijkheid blijkbaar normaal gevonden wordt. Aan de zijlijn blijven staan is voor ons geen optie en evenmin een oplossing.

Wat deze regering een ‘sociale dialoog’ noemt, blijkt in de praktijk niet meer eenrichtingsverkeer: het afkondigen van negatieve maatregelen waar op termijn elke burger van dit land en de economie slechter van worden. Er rest ons dus enkel ‘de staking’, het ultieme wapen, indien de dialoog niets meer oplevert. En dat is met deze regeringen overduidelijk het geval.

Wij beseffen dat onze staking de burgers die dagelijks gebruik maken van de openbare diensten heel wat praktische problemen kan opleveren. Maar uiteindelijk proberen wij via onze staking te benadrukken hoe belangrijk die openbare diensten zijn en wat het zou betekenen mochten ze verdwijnen – in dit geval voor 1 dag.

Wat ons betreft moet iedere burger elke dag gebruik kunnen maken van betaalbare openbare diensten die er ook de volgende dag nog zullen zijn. De openbare diensten vormen immers het hart van de samenleving. Zij verdienen voldoende middelen en voldoende personeel, zodat ze hun taak kunnen verrichten zoals de burger dat van hen verwacht.

(Chris Reniers is voorzitster van de socialistische overheidsvakbond ACOD.)
 

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen