Amper 3,5 procent haltes De Lijn toegankelijk voor reizigers met beperking

Van de 33.268 bus- en tramhaltes van de Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn heeft momenteel slechts 3,5 procent de status "toegankelijk" voor reizigers met een fysieke beperking. Dat blijkt uit het antwoord van Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) op een schriftelijke vraag van Bart Van Malderen (SP.A).

Als meest voorkomende knelpunten wijst Weyts vooreerst naar de te lage opstapbasis aan de halte, zodat rolstoelgebruikers onmogelijk de oprijplaat van de bus kunnen gebruiken. Het fietspad situeert zich vaak tussen de rijbaan en de bushalte waardoor men op het veelal niet verhoogd fietspad dient in- en uit te stappen.

Soms is ook de perronverharding niet breed genoeg, ontbreekt ze of kan de rolstoelgebruiker niet op het verhoogd aangelegd perron raken omdat het perron niet drempelloos is of voorzien van een hellend vlak. Ook ontbreekt zeer dikwijls een tactiele geleiding voor blinden en slechtzienden.

Weyts wijst erop dat de aanleg of de heraanleg van haltes in Vlaanderen de bevoegdheid is van de wegbeheerder, het Agentschap Wegen en Verkeer voor de gewestwegen of de lokale besturen voor de gemeentewegen.

Nog dit jaar wordt volgens de minister een plan van aanpak opgesteld inzake het uitrollen van "toegankelijke lijnen". Om de haltes toegankelijker te maken wordt met de wegbeheerders onderzocht welke haltes opgenomen zijn in hun herinrichtingsprojecten. Met lokale besturen wordt gezocht naar een planmatige uitrol van dergelijke haltes.