Bijkomende klachten tegen vader Jonathan Jacob voor misbruik inzagerecht

Na de leden van het Bijzondere Bijstandsteam (BBT) hebben ook de directeur en de psychiater van Broeders Alexianen in Boechout en de politiecommissaris van de zone Minos een klacht ingediend tegen Jan Jacob wegens misbruik van zijn inzagerecht in het strafdossier over de dood van zijn zoon Jonathan. Het parket blijft echter bij zijn standpunt en vraagt de buitenvervolgingstelling van vader Jacob.

Jonathan Jacob overleed vijf jaar geleden na een interventie van het BBT van de lokale politie van Antwerpen. De BBT'ers hadden eerder al een klacht ingediend omdat Jan Jacob beelden van de bewakingscamera in de cel aan het reportageprogramma "Panorama" had bezorgd. Ze vonden dat hij zijn inzagerecht in het strafdossier had misbruikt.

Het parket vroeg de raadkamer in november om de man buiten vervolging te stellen. Tot een uitspraak kwam het toen nog niet, omdat de advocaat van het BBT bijkomende onderzoeksdaden vroeg. Het bijkomend onderzoek dat werd toegekend, is intussen uitgevoerd.

Nieuwe klachten

Een week of twee geleden dienden ook de andere verdachten in de zaak, de directeur en de psychiater van Broeders Alexianen en de politiecommissaris, een klacht in tegen vader Jacob voor misbruik van het inzagerecht. "Wij zijn daar evengoed het slachtoffer van geworden als het BBT en vinden dat er hierover eerst een uitspraak moet zijn, alvorens de zaak over de dood van Jonathan Jacob behandeld kan worden", zegt advocaat Koen Clonen, die voor de politiecommissaris optreedt.

Volgens het Antwerpse parket-generaal blijft het parket echter bij zijn standpunt. "Na het bijkomende onderzoek en de drie nieuwe klachten vraagt het parket in zijn eindvordering nog altijd de buitenvervolgingstelling van Jan Jacob", zegt woordvoerder Paul Van Tigchelt van het Antwerpse parket-generaal.

De zaak over de dood van Jonathan Jacob wordt in principe vanaf 21 mei behandeld voor de correctionele rechtbank van Antwerpen, maar al zeker Clonen gaat om uitstel vragen. Het is aan de rechtbank om daar al dan niet op in te gaan.