"Overal waar terreurgroep IS actief is, zijn er Belgen"

Zeker 236 Belgen zijn volgens de Staatsveiligheid al naar Syrië vertrokken. "Naar schatting 70 procent van die Belgen heeft zich bij terreurgroep IS gevoegd", aldus het hoofd van de Staatsveiligheid Jaak Raes in een lezing voor de Duitse inlichtingendienst. De Belgische Syriëstrijders zijn overigens veel professioneler en beter georganiseerd dan eerst gedacht. Dat schrijft De Tijd, die de opname van de lezing kon beluisteren.
BELGA/JOURET

Op 4 mei was Jaak Raes, administrateur-generaal van de Belgische Staatsveiligheid, te gast bij zijn Duitse evenknie van de Staatsveiligheid, het Bundesamt für Verfassungsschutz (BfV).

Op die lezing maakte Raes er geen geheim van dat zijn dienst het erg moeilijk heeft om Syriëstrijders te volgen. Ook in "De ochtend" bevestigde Raes dat. "De wegen om naar Syrië te trekken, zijn al talloze keren aan veranderingen onderhevig geweest. We moeten ook niet alleen kijken naar wie uit België vertrekt, maar ook naar wie uit buurlanden vertrekt. Zo zijn de luchthavens van Keulen en Düsseldorf ook een tijd populair geweest." Daarnaast is een aantal van de Syriëstrijders nog nooit eerder op de radar van de veiligheidsdiensten voorgekomen.

236 Belgen

In totaal zijn er volgens Raes al zeker 236 mensen naar Syrië vertrokken. 56 zijn er intussen overleden, 122 zijn al teruggekeerd. Op de lezing zei Raes dat ze ervan uitgaan dat 70 procent van de Belgen in Syrië zich bij de terreurgroep IS heeft gevoegd. "Ze zijn bovendien overal waar IS actief is."

Hoe het komt dat zoveel Belgen naar Syrië zijn vertrokken? "Dat triestige record heeft te maken met de wervende campagne van Sharia4Belgium. Wij denken dat die organisatie heel wat mensen kon overtuigen om de reis te maken en om zich vervolgens bij IS aan te sluiten."

Teruggekeerde Syriëstrijders

Bij de teruggekeerde Syriëstrijders, onderscheidt Raes twee groepen. "De ene groep is gedesillusioneerd, omdat ze in Syrië niet hebben gevonden wat ze zochten. De andere groep kwam met een plan terug en zijn getraind in wapens en geweld."

Alleen die laatste groep is gevaarlijk, benadrukt Raes. "Het zijn ook enkel zij die onze aandacht -van de lokale en federale politie, van de militaire inlichtingendienst,...- verdienen. Bij de aanslag in het Joods Museum, hebben we geleerd dat we niet mogen verslappen. We moeten ze blijven volgen."