Lessen uit de Burundese staatsgreep - Peter Verlinden

De staatsgreep tegen de Burundese president Petero (Pierre) Nkurunziza is mislukt. Na amper twee dagen hebben generaal-majoor Godefroid Niyombare en zijn medestanders zich overgegeven. Wat er met hen zal gebeuren blijft nog onduidelijk maar eerder had de belaagde president amnestie beloofd aan de militairen die de coupplegers steunden. De leiders van de staatsgreep, bij hen ook de minister van Defensie, zouden voor de rechter komen. Deze poging tot staatsgreep leert in een klap bijzonder veel over wat er in het kleine en doodarme Burundi echt aan de hand is. Lessen voor de toekomst, want de machtsstrijd is er nog lang niet achter de rug.
labels
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Eerste les: ‘het volk’ heeft nog geen macht

De zogenoemde ‘volksopstand’ in enkele wijken van Bujumbura betekende niets in verhouding tot de échte machtsstrijd die zich afspeelt binnen de cenakels van leger en politiek. Dankzij de relatieve persvrijheid in Burundi (overigens een unicum in de regio, zeker in vergelijking met Rwanda) kregen de betogingen een grote bekendheid, ook wereldwijd. Dat gaf de foute indruk dat ‘het Burundese volk’ in opstand gekomen was tegen de beslissing van zijn president om voor een derde ambtstermijn van vijf jaar te willen gaan. Quod non. Van dichterbij bekeken ging het om betogingen van hooguit telkens een paar duizend (overwegend) jonge mannen, kinderen ook, uit slechts enkele wijken (‘communes’) van de hoofdstad. Na verloop van tijd gebruikten zij, precies zoals de oproerpolitie eerder al, zelf blind geweld tegen hun tegenstanders. Van een ‘vreedzaam volksprotest’ was na enkele dagen niet veel sprake meer.

Daarenboven bleef het op de heuvels van Burundi wel bijzonder stil, daar waar meer dan 90% van de bevolking leeft en waar president Nkurunziza met zijn partij bij de behoorlijk correcte verkiezingen van 2010 vlot meer dan 80% van de stemmen haalde. Dat betekent niet dat er in het binnenland helemaal geen ongenoegen leeft over het beleid van de afgelopen jaren en een eventuele derde ambtstermijn voor Nkurunziza. Ook daar voelen bepaalde regio’s en groepen zich onderbedeeld, heeft de bevolking weet van de corruptie binnen een kleine kliek rond de president die zich verrijkt met overheidsgeld. Maar er zijn ook vele anderen die het nu beter hebben dan enkele jaren geleden, die zich laten verleiden door de populistische manier waarop president Nkurunziza elke verbetering op de heuvels op zijn conto schrijft: het nieuwe schooltje, het herbouwde ziekenhuis, de verbeterde wegen … Zelfs al worden die relatieve prestaties doorgaans betaald met gekregen geld uit het buitenland, ook met veel Belgisch ontwikkelingsgeld.

Eenmaal de ordediensten de radiosignalen van de kritische privé-zenders hadden afgesloten, enkele dagen na het begin van de betogingen, raakten de heuvels helemaal verstoken van elke informatie over het verzet tegen de president in de hoofdstad Bujumbura. Niet meteen bevorderlijk om een echte volksopstand op gang te krijgen …

De televisiebeelden van de afgelopen paar weken hebben dus, zoals zo dikwijls met televisiebeelden, een heel beperkt beeld gegeven van de strijd om de macht in Burundi.

Tweede les: de macht berust bij het geld en bij de wapens

De echte strijd om de opvolging van Petero (dat is zijn Burundese naam) Nkurunziza speelt zich niet af in de straten van Bujumbura, wel in de salons waar de échte machthebbers zich schuilhouden: de legertop en de toppolitici. De schijnbaar probleemloze verkiezingen van 2005 en 2010, die overigens voldoende transparant en correct zijn verlopen, gaven de indruk dat het machtsblok rond de almachtige regeringspartij CNDD-FDD van de president één en ondeelbaar is. Niets is minder waar. Zoals bij elke machtspartij speelde zich achter de schermen al jarenlang een bittere strijd af tussen verschillende klieken die meer uit de politieke macht wilden halen dan eerbaar is: economische macht, verrijking, via de gekende wegen van corruptie en machtsmisbruik.

Tien jaar lang kreeg vooral één kliek rond deze president die kansen waardoor het ongenoegen bij vele anderen binnen hetzelfde machtsapparaat groeide. Die anderen keken reikhalzend uit naar de nakende wissel van de macht, met de komende verkiezingen, als deze president toch niet meer kandidaat kon zijn, zoals de grondwet het bepaalde. De hardnekkigheid waarmee Petero Nkurunziza toch zijn kandidatuur afdwong voor een (wellicht) ongrondwettelijke derde ambtstermijn betekende voor hen een zware tegenslag. De ‘volksopstand’ bood hen het uitgelezen rookgordijn om hun slag te slaan: een militaire staatsgreep die zou inspelen op het volkse ongenoegen. De ‘triomftocht’ van couppleger Godefroid Niyombare, de paar duizend juichende Burundezen in het centrum van Bujumbura, moest dat beeld bevestigen van een ‘populaire coup’.

De staatsgreep is mislukt omdat de heersende machtsgroep tot bewijs van het tegendeel sterker staat dan de belagers. Daarmee is de verdeeldheid binnen het militaire en politieke machtsblok niet verdwenen, wel integendeel. Mogelijk heeft President Nkurunziza de afgelopen jaren een voldoende groot netwerk kunnen bedienen dat dan maar het zekere voor het onzekere heeft genomen. Dat belooft voor de verkiezingen...

Derde les: de toeschouwers kiezen zelf voor hun onmacht, zelfs al hebben ze veel geld

En het Westen, de grote donoren, België op kop: dat stond erbij en keek ernaar. Het lijkt erop, al weet je dat nooit zeker als waarnemer, dat (ook) de Belgische diplomatie geen vat (meer) krijgt op wat er zich echt afspeelt in Burundi, het voormalige voogdijgebied dat nog altijd verhoudingsgewijs het meeste Belgisch ontwikkelingsgeld per inwoner ontvangt. De afgelopen maanden, ook al lang voor de gewelddadige betogingen en de poging tot staatsgreep, bleven de betrokken Belgische ministers Reynders (Buitenlandse Zaken) en De Croo (Ontwikkelingssamenwerking) wel bijzonder passief. ‘Voorzichtig’, heet dat in diplomatieke termen. Terwijl alles erop wees dat president Nkurunziza zich hoe dan ook kandidaat zou stellen voor die betwiste derde ambtstermijn, omzeilden beide ministers de heikele kwestie tijdens hun officieel bezoek in januari. En eenmaal zijn officiële kandidatuurstelling gelanceerd, intussen drie weken geleden, kwam er geen duidelijk Belgisch noch Europees standpunt: het Westen verschool zich achter het manipuleerbare Grondwettelijk Hof en bleef aandringen op ‘transparante en open verkiezingen conform de grondwet’. Meer is niet nodig om de president en zijn entourage vrij spel te laten. (Alleen de Amerikaanse en Britse regering spraken zich scherp uit tegen een derde termijn voor Nkurunziza en noemden die ‘ongrondwettelijk’. Welke agenda achter die uitspraken kan zitten is een verhaal op zich.)

Als een deel van het leger zich dan toch waagt aan een poging tot staatsgreep … blijft de Belgische en Europese diplomatie al even zwijgzaam. Een formele veroordeling van de coup komt er nooit, alsof de onwettige houding van de ene machtsgroep een al even onwettige ingreep van de andere rechtvaardigt. Ook voor de coupplegers een verwarrend signaal. (Pas als de coup meer en meer dreigt te mislukken spreekt de Veiligheidsraad zich uit tégen deze ‘onwettige ingreep’.)

Dit alles leert dat ‘de buitenwereld’ ogenschijnlijk niet meer kan of wil wegen op het lot van de prille democratie Burundi. Een gebrek aan moed? Of heel gewone Realpolitik, ‘zijn plaats kennen’? Of zou er toch een diplomatieke strategie achter schuil gaan die uw waarnemer ontgaat?

Verkiezingen in mei en juni

Einde mei trekken de Burundezen naar de stembus voor de parlementaire verkiezingen, einde juni voor de presidentsverkiezingen. Als het van de huidige en mogelijk ook toekomstige president afhangt wordt er aan die agenda niet meer getornd. Al kan het wel zijn dat hij als (enige) toegift aan zijn binnen- en buitenlandse critici een beetje schuift met die data om zo ‘de democratie alle kansen te geven’, zoals dat zo mooi heet.
In essentie zal dat niet veel uitmaken.

Zoals de kaarten nu liggen komt Petero Nkurunziza met zijn machtskliek binnen het leger en de andere ordediensten en de politiek als enige versterkt uit de crisis van de afgelopen weken. Of de Burundese straat daar nog iets aan kan veranderen is hoogst twijfelachtig, ondanks de stoere woorden dat het volksprotest tegen een mogelijke derde ambtstermijn hernomen zal worden. Zelfs als de verkiezingen correct verlopen zal hij met zijn partij mogelijk ietwat verzwakt maar nog wel voldoende sterk om te blijven regeren uit de stembussen komen.

Er zal meer nodig zijn in Burundi (en in de landen van de regio) om ooit de echte stem van het volk te horen: een versterkte burgerbeweging, een groter maatschappelijk en politiek bewustzijn tot diep in de heuvels, ook bij de allerarmsten die daar nu geen kans toe krijgen omdat ze dag en nacht bezig zijn om te werken aan het eigen overleven, politieke leiders vanaf het lokale niveau die blijven ijveren voor de belangen van het volk en niet die van de eigen elite, de eigen kliek, echt vrije media die niet meedraaien in het spel om de macht, maar wel een echte stem geven aan ‘de mensen’.
Burundi heeft nog een lange weg te gaan.


(Peter Verlinden volgt voor VRT-Nieuws de Regio van de Grote Meren al bijna een kwart eeuw lang.)