Uitbater Oostendse discotheek krijgt toch geen beroepsverbod

De uitbater van de Oostendse discotheek, waar vorig jaar een 16-jarige jongen om het leven kwam na een overdosis xtc, krijgt dan toch geen beroepsverbod. De rechter in Brugge ging niet op die vraag in, hoewel het volgens hem wel bewezen is dat de man drugsdealers toeliet in mijn zaak.
© Newsteam / SWNS.com

In de nacht van zaterdag 26 op zondag 27 april 2014 werd een 16-jarige jongen uit Waregem plots onwel in de Oostendse discotheek. Uit de autopsie bleek dat hij bezweken was aan een overdosis xtc. Drie beklaagden kregen voor hun aandeel celstraffen tot 40 maanden, waarvan de helft met uitstel.

De uitbater van de discotheek was in die zaak niet betrokken. Toch moest de man voor de Brugse correctionele rechtbank verschijnen in een ander dossier. Hij wordt er immers van verdacht dat hij in 2012 in zijn zaak, die toen nog in Gistel gevestigd was, een oogje dichtkneep voor drugsdealers. Het openbaar ministerie vroeg daarom om een beroepsverbod.

Volgens de verdediging waren de feiten helemaal niet bewezen. "Toon mij aan waar mijn cliënt de verkoop van drugs heeft gefaciliteerd. Hij heeft er net alles aan gedaan om dat tegen te houden", pleitte zijn raadsman Walter Van Steenbrugge.

De verdediging merkte bovendien op dat de discotheek afgelopen zomer al administratief gesloten was door de Oostendse burgemeester. Iedereen die de dancing nu binnen wil, wordt gefouilleerd. Bovendien worden enkel leden ouder dan 16 jaar toegelaten.