"Regering moet meer doen tegen sociale dumping"

Parlementsleden van de vier meerderheidspartijen vinden eensgezind dat hun collega's in de regering (hun ministers dus) de strijd tegen sociale dumping moeten opvoeren. Ze dienen daartoe een resolutie in. Ze willen dat het systeem van aansprakelijkheid van de hoofdaannemer bij sociale fraude door een onderaannemer geëvalueerd wordt en uitgebreid tot andere sectoren. Fraudeurs zouden ook niet meer in aanmerking komen voor overheidsopdrachten en op Europees vlak moet er een zwarte lijst komen van sociale fraudeurs.

Het voorstel is van de hand van de kamerleden David Clarinval (MR), Wauter Raskin (N-VA), Nahima Lanjri (CD&V) en Egbert Lachaert (Open Vld). Volgens Clarinval zijn de gevolgen van fraude bij detachering - buitenlandse werknemers die hier werken, maar onder de arbeidsvoorwaarden en het sociaal stelsel blijven van het land van herkomst - zwaar in de bouwsector. In 3 jaar tijd gingen 17.000 jobs verloren en de sector vreest voor nog eens 20.000 jobs tegen 2018.

De resolutie pleit voor een evaluatie van het systeem dat vandaag al in de bouw bestaat van de aansprakelijkheid van de hoofdaandeelhouder. Nu krijgt de hoofdaandeelhouder een verwittiging als een onderaannemer op sociale fraude betrapt wordt. Binnen de twee weken volgt dan een nieuwe controle en indien de fraude niet weggewerkt is, is de hoofdaandeelhouder aansprakelijk.

De indieners dringen erop aan dat de sociale inspectiediensten meer armslag krijgen en ook buiten de kantooruren controles kunnen uitvoeren. De coördinatie en samenwerking tussen de diensten moet worden versterkt, indien nodig door een integratie van diensten die elkaar overlappen. Raskin pleitte voor één grondige controle om de administratieve overlast van opeenvolgende controles te vermijden.

Op Europees vlak pleiten de meerderheidspartijen voor de invoering van een minimumreferteloon in de hele Unie. Er moet ook een betere samenwerking komen tussen de lidstaten voor de uitwisseling van gegevens.