"Zeer beperkt aantal bezwaren tegen Uplace"

Het aantal bezwaarschriften dat is ingediend tegen de ruimtelijke plannen voor Uplace is "zeer beperkt". Dat laat de projectontwikkelaar zelf verstaan in een brief aan de parlementsleden van de meerderheid (CD&V, N-VA en Open VLD) in het Vlaams Parlement. In de brief, die Belga en onze redactie kon inkijken, stelt topman Bart Verhaeghe nog dat de vergelijking met het Oosterweel-dossier niet opgaat en dat er afdoende antwoorden zijn voor alle opmerkingen rond mobiliteit en kleinhandel.

Maandag is de termijn voor het indienen van bezwaarschriften tegen de ruimtelijke plannen rond Uplace afgelopen. Ondernemersorganisatie Unizo maakte gisteren al bekend dat een tiental steden en gemeenten een bezwaarschrift heeft ingediend. Enkele andere gemeenten beperkten zich tot een resolutie of motie.

In antwoord op een vraag van SP.A-parlementslid Katia Segers bleef minister Schauvliege voorzichtig. Zij wil nog niet vooruitlopen op de inhoud van de ingediende bezwaarschriften. "We moeten het openbaar onderzoek alle kansen geven. We zullen de bezwaren ernstig nemen, grondig bekijken en een goede beslissing nemen", klonk het.

Maar projectontwikkelaar Uplace heeft intussen wél al gecommuniceerd over het openbaar onderzoek. In een brief aan de leden van de meerderheid spreekt Uplace van een "zeer beperkt" aantal bezwaarschriften "ondanks de sterke mediatisering en de mobilisatie door de oppositie". Nog volgens Uplace diende geen enkele bewoner uit Machelen zelf een bezwaar in.

De vergelijking met een ander groot dossier zoals Oosterweel gaat volgens Uplace-voorzitter Bart Verhaeghe dan ook niet op. In het Oosterweel-dossier was er op een bepaald moment sprake van meer dan 17.000 bezwaarschriften. Verhaeghe is er voorts van overtuigd dat er "afdoende antwoorden" zijn voor alle bezwaren en bezorgdheden rond de mobiliteit en de kleinhandel.

Niet iedereen is gelukkig met die weergave. Ook parlementslid Jo De Ro van meerderheidspartij Open VLD formuleerde kritiek. "Men doet alsof er heel weinig bezwaarschriften zijn en dat ze licht wegen. Maar degene die ik heb gelezen, onder meer die van het schepencollege van Vilvoorde waar ik zelf in zit, zijn zeer sterk juridisch onderbouwd."

Verhaeghe benadrukt rol van Uplace als "economische motor"

In de brief gaat Uplace ook in tegen de kritiek op het studiemateriaal van Antea, de studie die de Vlaamse regering mee gebruikte voor haar beslissing over de ruimtelijke plannen rond Uplace. Die Antea-studie werd recent onder vuur genomen door onderzoekers die een studie hadden gedaan in opdracht van de stad Vilvoorde.

Die laatste studie probeerde volgens Uplace de geloofwaardigheid van de Antea-studie onderuit te halen, maar bevat zelf "heel wat feitelijke onjuistheden, zoals de bewering dat de toetsingsnota zou uitgaan van verouderde cijfers". "Ook de bewering dat de toetsingsnota zou uitgaan van 50 procent van de bezoekers van Uplace die met de auto zouden komen en maar liefst 50 procent met het openbaar vervoer is onjuist", staat er.

Aan het slot van de brief benadrukt Verhaeghe de mogelijke rol van Uplace als "economische motor' voor de regio. En hij richt ook nog een dankwoordje aan de leden van de meerderheidspartijn N-VA, CD&V en Open VLD: "We appreciëren dat uw partij en de andere regeringspartijen altijd bewezen hebben dat ze een betrouwbare en loyale partner zijn in de uitvoering van het beslist beleid". Die laatste zin stuit SP.A-parlementslid Katia Segers tegen de borst. "Beslist beleid? Moeten we dan toch geloven dat er een geheime deal bestaat tussen de Vlaamse regering en Uplace?"

De volledige brief is hier te lezen.