NMBS steekt oude treinstellen in nieuw jasje

De NMBS gaat in de komende vijf jaar haar 44 MR 75-treinstellen grondig renoveren. Het gaat om materiaal uit de periode 1975-1979. Dankzij de renovatie, die naar schatting 147,1 miljoen euro zal kosten, kunnen ze nadien nog 15 tot 20 jaar meegaan. Spoorbaas Jo Cornu stelde vandaag een prototype voor.
Jonas Roosens

De vierledige treinen zijn herkenbaar aan de opvallende voorzijde, ook wel "varkensneus" genoemd, de rode buitenkant en de zeer hoge bankstellen. De treinstellen zijn verouderd. Onder meer door problemen met de deuren vallen ze geregeld uit.

De buitenkant krijgt door de renovatie een lichtere kleur, in grijs en geel. Er worden nieuwe kabels geïnstalleerd, nieuwe ramen, een nieuwe sturing voor de buitendeuren en nieuwe isolatie, waarbij het asbest wordt verwijderd.

Het hele interieur wordt ook vernieuwd. Er worden lage banken gebruikt, zoals in andere treinstellen van NMBS. Er worden ook elektronische displays en stopcontacten geplaatst. De wc's, die voortaan ook toegankelijk zullen zijn voor rolstoelgebruikers, lozen niet meer op de sporen. Voortaan zijn er wel slechts twee toiletten per trein. De treinstellen worden niet voorzien van airconditioning, maar de ventilatie zal voortaan gebeuren met actieve ventilatoren.

Momenteel staat in Mechelen een afgewerkt prototype. In de komende jaren zullen op verschillende locaties de in totaal 44 stellen stelselmatig worden omgebouwd. Tegen 2020 moet de operatie afgerond zijn.

De stellen rijden momenteel op verbindingen zoals Antwerpen-Turnhout, Antwerpen-Roosendaal en Turnhout-Brussel/Binche. De nieuwe versie zal ten vroegste vanaf het najaar kunnen worden ingezet, omdat er eerst nog een homologatieproces moet plaatsvinden door DVIS, de Dienst Veiligheid en Interoperabiliteit der Spoorwegen. Voor de inzet in Nederland is ook daar nog een homologatie nodig.

Vernieuwing materiaal

Spoorbaas Jo Cornu gaf bij de voorstelling ook uitleg bij overige vernieuwingsplannen van het rollende materieel, dat nu bestaat uit 800 motorstellen, 93 motorwagens, 228 locomotieven en 1.500 rijtuigen. "Het rollend materieel is een serieuze uitdaging. De beschikbaarheid is momenteel relatief laag, deels door het redelijk oud materieel. In omliggende landen is het materieel vijf jaar jonger dan de 21 jaar waar wij mee te maken hebben", zei hij.

Uitgangspunten bij de toekomstplannen voor de vloot zijn het standaardiseren van het materieel en het verminderen van het aantal soorten treinstellen, zodat er ook minder soorten wisselstukken nodig zijn en ook het personeelsbeheer eenvoudiger kan. Later volgt ook nog de invoering van het veiligheidssysteem ETCS.